Wereldreis 2017


The final story - Indonesia, Myanmar & Malaysia

Beste, lieve allemaal,

 

Het is alweer zover, het einde is genaderd en daarmee komt ook ons laatste reisverslag online. Op het moment van schrijven zitten we in Kuala Lumpur en zijn we aan het genieten van onze allerlaatste dag van onze halfjaar durende reis. Het was geweldig, het was prachtig, het was mooi, maar het was soms ook vermoeiend en lang en zo nu en dan hebben we ook wel verlangd naar ons warme thuis.

Goed, laat ik jullie meenemen naar pakweg de laatste maand, waarin we onze avonturen in Indonesië hebben afgerond, het prachtige Myanmar hebben doorkruist en nu onze laatste dagen in Maleisië spenderen.

Op 24 juli kwam ons laatste verslag online, een dag nadat we waren gearriveerd op Lombok, het Indonesische eiland naast Bali. We hebben die dag met z'n vieren heerlijk bij het zwembad gelegen en zijn dezelfde avond op onze gehuurde scooters richting het dorpje Senggigi gereden. Aangezien mijn wederhelft een stuk meer scooter heeft gereden dan ik, zat ik op de passagiersstoel (lees: achterop) en heb ik me overgegeven aan de scheurkunsten van het kleine pluisjesmonster. Rob en Rachelle reden voorop en met de nodige manouvres baanden we ons door het Indonesische verkeer door. Het was een kort ritje naar het strand en de boulevard van Senggigi, waar we onze scooters konden parkeren en zijn gaan wandelen. We hebben een stukje van het mooie, maar toeristische strand gewandeld en zijn uiteindelijk neergestreken bij een goed uitziende tent. Hier hebben we onze buikjes volgegeten en daarbij natuurlijk ook het een en ander gedronken.

Vervolgens zijn we in het donker weer richting de scooters gelopen en zijn we weer opgestapt richting het hotel. Toch wel even spannend om in het donker achterop te zitten :-).

 

De dag erop hebben we een flinke tocht gemaakt richting het zuiden van Lombok. Zo'n 2 uur scooteren naar het dorpje Kuta, wat een surfdorpje is met veel tentjes en winkeltjes. We hebben hier heerlijk geluncht en zijn vervolgens wezen 'shoppen'. Ja jullie raden het al, de dames hebben in enkele geïmproviseerde pashokjes de nodige kledingstukken gepast, terwijl de mannen met de tassen en ingeslagen artikelen in de zinderende hitte stonden. Fantastisch, na 5 winkels hadden we het wel gezien en waren we enkele jurkjes rijker. We zijn weer op de scooter gestapt richting een nabijgelegen wit strand, genaamd Tanjung Aan. Wit was het zeker, al lag er bij aankomst wat rommel aan de waterkant. We liepen zo'n 10 minuutjes door de baai, totdat we in een deel kwamen waar minder stroming was en het water prachtig blauw werd en het zand heel erg wit. Als kers op de taart stond er ook nog een schommel midden op het strand, wat het allemaal nog net iets tropischer aandeed. Uiteraard heeft iedereen op de schommel gezeten, gestaan etc. etc. De nodige foto's zijn geschoten, we hebben actief balletje overgegooid en even lekker gezwommen in het water. We hebben enkele uren doorgebracht voor we weer op onze scooters zijn gestapt om richting het noorden te rijden. Een tocht van zo'n 2 uur naar het hotel vlakbij Senggigi. De zon stond al lager en dat gaf een prachtig beeld van het landschap. Heuvels en rijstvelden wisselden elkaar af. Zo nu en dan zagen we de lokale bevolking nog hard aan het werk op het land, het gaf een goede indruk van het leven in Indonesië, toch net iets anders dan gewassen oogsten met een landbouwmachine.

Rond etenstijd arriveerden we weer in het hotel, waar we heerlijk hebben gegeten en de nodige potjes Ligretto hebben gespeeld. Ligretto is het kaartspel dat Laura voor haar verjaardag had gehad van Rob en Rachelle. Het spel is eenvoudig, zo snel mogelijk je kaarten van 1 tot 10 op algemene stapels dumpen. Iedereen kan zich waarschijnlijk wel voorstellen dat met drie fanatiekelingen en een winnende vierde (Rob) dit een lekker agressief spelletje werd. De nodige blauwe handjes, wat verwensingen en minder vriendelijk taalgebruik waren slechts enkele bijkomstigheden. We worden alle vier inmiddels voor een hoge bloeddruk behandeld en zelfs mijn eczeem speelt weer op van de Ligretto-stress (helemaal uit mijn element mam).

Goed, we sloten de avond en de zware concurrentiestrijd af en zijn lekker naar bed gegaan. De dag erop hebben we rustig aan gedaan. Het gros van de dag hebben we bij het zwembad doorgebracht en 's avonds hebben we een lokaal tentje met heerlijke zitzakken opgezocht. Het tentje lag op het strand met jawel, zwart zand! Iets redelijk ongewoons, maar vanwege de vulkanische invloed in de omgeving is het zand donkergrijs gekleurd en als je even graaft zelfs helemaal zwart.

En toen was het alweer 27 juli! Jullie zouden denken, wat maakt dat dan uit, nou zeker wel. 27 juli waren we 5 jaar samen, 5 jaar alweer! Time flies. Helaas hadden onze medereizigers last van maag- en darmklachten, dus waren we even op onszelf aangewezen. Heel erg succesvol waren we niet, we dachten een lange middag en avond door te brengen op het zwarte strand van de avond ervoor, maar nadat we na een kwartier van het strand werden verjaagd door een zwerm zandvliegen en vervolgens tot onze onderbroek natgeregend zijn, was de dat idee wel een beetje in de soep gelopen. We zijn letterlijk en figuurlijk afgedropen en waren rond een uur of 7 alweer thuis. Achteraf moesten we er wel om lachen, dat het juist deze dag zo heerlijk lekker tropisch heeft kunnen plenzen, het is in ieder geval wel het reisbudget ten goede gekomen.

Op 28 juli zijn we weer door gereisd. De dag ervoor hadden we met een lokale meneer genaamd 'Ali' ons vervoer geregeld. Ali zou ons voor een paar tientjes in de lobby oppikken, naar de haven vervoeren, met de boot overvaren naar de Gili's en ons daar op het strand afzetten. Ideaal; en zoals het wel eerder iets minder soepel verliep dan er werd verteld, hield Ali keurig zijn woord! We hadden om 11 uur afgesproken, maar om 10:45 stond de bestuurder al voor de deur. Een klein halfuurtje rijden voordat we bij de haven stonden. Nou ja haven, een strandje met 4 boten. We hebben er zo'n 5 minuutjes gewacht, waarna we met een privé bootje richting Gili Air werden gevaren. De boottocht duurde slechts 10-15 minuten, alvorens we op een wit strandje aankwamen. Het weer was inmiddels weer prachtig en het kwik had de 30 graden zeker aangetikt. Met onze backpacks en koffers kruisten we het strand door, liepen we over een zandpaadje en kwamen we even later aan bij het Sunrise Resort. Het bleek een kleine oase te zijn op het chaotische en toeristische Gili Air. We werden hartelijk ontvangen en moesten nog even wachten op onze kamer. We hadden er niet op gerekend dat Ali ons zo snel naar de overkant zou brengen, dus we waren nog voor de inchecktijd aanwezig. Afijn, geen enkel probleem, we hebben in de lobby ons welkomstdrankje verorberd en kregen vervolgens de kamers toegewezen. Rob en Rachelle hadden de eerste kamer, zodat ze nog even konden herstellen van de gezondheidsklachten (die verrekte Malariapillen ook). Niet veel later kregen wij ons 'hutje', maar zeg maar gewoon hut, aan het zwembad. Erg leuk en erg primitief, maar we waren gearriveerd! De hut bestond uit twee verdiepingen, op de begane grond was een veranda met een loungebed, een handmat en een tafel met stoelen. Achterin zat de badkamer, een heel bijzondere wel te spreken. Stel je voor, je hebt een ruim opgezette badkamer waarin je een toilet, douche en wastafel kwijt wilt. Hoe deel je dat dan in? Je bouwt een douchekop in het midden van de badkamer met een verhoginkje ernaast. Pal aan het randje van dit verhoginkje zet je het toilet neer, zodat, tenzij je 2.20 meter bent, je niet met je voeten op de grond kan komen als je op het toilet zit. Vervolgens bouw je 1,5 meter pijpleiding aan de achterkant van het toilet richting de muur, om het allemaal nog iets praktischer te maken. Snappen jullie het nog? Nee? Wij ook niet toen we het zagen. Ach wat maakt het uit, het is waarschijnlijk een hoogstandje Indonesisch ingenieurswerk.

Goed, dat was de begane grond (die overigens geen muren en/of voordeur had), met een ladder konden we door een schuifluikje naar boven, waar onze slaapkamer zich bevond en ook een klein balkonnetje met twee stoeltjes, erg leuk!

 

We hebben ons die middag vermaakt aan het 3 meter diepe zwembad en de ligbedden bij het zwembad, daar ben je tenslotte voor op de Gili's hè! De twee dagen erop hebben we eigenlijk ook vooral genoten van de talloze restaurantjes langs het strand, hebben we gesnorkeld in het mooie heldere water voor de deur van het resort en zijn we nog wat meer bruingebakken dan voorheen. Het snorkelen was een leuke ervaring, we hebben 2 dagen gezocht naar schildpadden, op verscheidene locaties, maar hebben ze helaas niet gevonden. Desalniettemin waren er wel heel veel vissen en was het koraal nog in redelijk goede staat voor wat je verwacht van een rif direct naast het eiland.

's Avonds vermaakten we ons vaak bij een van de tentjes, waar we tijdens happy hour 2 cocktails voor zo'n 3 euro konden drinken, of 4 voor 6, of… nou ja, voor die prijs kun je wel een drankje doen toch!

In ieder geval, de tijd vloog, we hebben best nog wat bij gekletst, de nodige potjes Ligretto gespeeld… of meer geslagen eigenlijk en we hebben vooral genoten van de gezelligheid, het heerlijke weer en het lekkere eten.

Voor we het wisten was het dan ook alweer 31 juli en was de tijd aangebroken om weer op te splitsen. We zijn 's ochtends naar de haven op Gili Air gegaan om daar de boot te pakken naar Padang Bai, aan de oostkust van Bali. We hadden ons keurig om 11 uur gemeld bij de haven en de boot zou tussen 11:15 en 11:30 vertrekken. Zoals wel vaker in Azië werd dat 12:00, zodat we nog een half uurtje in het brandende zonnetje hebben staan kijken naar de gigantische hoeveelheid zwarte zee-egels die in het ondiepe water onder de steiger lagen. Om twaalf uur mochten we dan aan boord van de 'fastboat' richting Bali. De boot was vrij vol en vanwege de wat onstuimige ritjes leek het ons handig om niet binnen in de mensenmassa te gaan zitten. We vonden al snel een weg naar buiten via de achterkant en terwijl de boot een laatste stop maakte om wat mensen af te zetten op Lombok, bemachtigden we wat plekjes boven op het dek in de wind. We ontmoetten nog wat andere Nederlanders, waarvan één meisje verpleegkundige was en een stage in Ghana had gelopen, wat voor de nodige gesprekstof zorgde. De crew van de boot verzorgde nog een biertje voor onderweg en er werd muziek aangezet. Het zonnetje scheen, de wind waaide door onze haren en we vaarden over de zeestraat tussen Lombok en Bali, een zeer prettig ritje met de boot. Het duurde al met al zo'n 2 uur voordat de haven in Padangbai in zicht kwam.

Hier aangekomen was het een vrij grote chaos. Alle tassen waren in het ruim gestopt en deze moesten er allemaal uitgehaald worden wat even duurde. Er stonden zo ongeveer 30 potentiële taxichauffeurs te wachten, die ons maar al te graag wilden vervoeren richting ons hotel. Gelukkig hadden we via de bootorganisatie al een shuttleservice geboekt, zodat we ons hierover geen zorgen hoefden te maken. In de chaos moesten we ook gedag zeggen tegen Rob en Rachelle. Vanaf hier zouden zij naar Sanur vertrekken en wij richting Ubud. Het was wel weer vreemd om gedag te zeggen tegen familie, zeker nadat we twee hele gezellige weken hadden gehad en we nu ineens weer op elkaar aangewezen waren. Aan de andere kant was dit de 5 voorgaande maanden ook prima gelukt, dus het zou wel weer goed komen voor die laatste paar weken. We hebben elkaar geknuffeld en nog een fijne reis gewenst en zijn toen in de drukte op zoek gegaan naar het vervoer richting Ubud.

Het busritje duurde iets meer dan een uurtje, voordat we midden in Ubud gedropt werden. Geluk bij een ongeluk, want Ubud is vrij groot, maar de plaats waar we afgezet werden lag op ongeveer 3 minuten lopen van ons geboekte hotel, het Grand Sehati. Heel Grand was het niet, maar het was wel een prachtig gelegen hotel met hele lieve mensen en een lekker zwembad. Ongeacht het feit dat het midden in Ubud lag, was het er bijzonder rustig en ook de kamer was van alle gemakken voorzien. Het was een vrij nieuw hotel en dat was ook te zien; we hadden slechts voor 1 nacht geboekt, maar wilden al snel onze laatste twee nachten ook hier verblijven. Geen enkel probleem, we zouden dan alleen van kamer moeten wisselen, naar een spiksplinternieuwe kamer die op het moment van boeken nog afgemaakt werd. We hadden een gigantisch bad in de kamer en een heerlijke douche, daarbij was er zelfs wc-bril verwarming, dat geloof je toch niet? Deze luxe waren we niet meer gewend!

Inmiddels was het al zo'n 3 uur en besloten we nog wat uurtjes te pakken bij het zwembad waarna we 's avonds het dorp in gegaan zijn. Na even lopen kwamen we langs een heel leuk restaurantje, genaamd Clear Café. We zijn hier naar binnen gegaan om wat te eten, wat geen verkeerde keuze bleek. Het was een soort welness resort met restaurant. We hebben hier de lekkerste tonijn in tijden gegeten voor een schijntje van de Nederlandse prijs. We vonden toch ook wel dat we Indonesië niet konden verlaten zonder een enkele keer een Balinese massage gedaan te hebben. Voor een paar euro boekten we een echte Balinese massage van een uur voor twee dagen later.

 

Afijn, na ons scooter avontuur op Lombok leek het ons de dag erop leuk om ook hier een scooter te huren om wat van de omgeving te zien. Voor zo'n 3 euro per dag was dit geregeld, ik had mijn privé chauffeur natuurlijk al geregeld (een leuke blonde dame van een jaar of 22 uit Nederland) en zo gingen wij de omgeving wel eens even verkennen. Nabij Ubud liggen de Tengalalang rijstvelden, die tegen een heuvel aangebouwd zijn en daarom een prachtige indruk geven van hun grootte en zich daarbij ook uitstekend lenen voor wat fotografie. Die zouden wij wel eens even bezoeken. Op de app hadden we de locatie aangevinkt en we zijn gaan rijden. Ik had eerder ergens gelezen dat het slechts 10 kilometer buiten Ubud lag, maar onze tocht werd iets langer. We reden door het drukke verkeer uit de stad, door wat velden, dorpjes… nog meer dorpjes… velden… lange wegen en kwamen uiteindelijk bij wat op de kaart aangegeven stond als de Tengalalang rijstvelden. Tsja, wat zal ik zeggen, het waren rijstvelden,  maar het zag er niet veel anders uit dan de Nederlandse weilanden en in de verste verte was geen enkele heuvel te bekennen. Na even rondgereden te hebben hebben we het aan een lokale boer gevraagd, die vriendelijk lachte en ons probeerde duidelijk te maken dat de betreffende rijstvelden eigenlijk aan de andere kant van Ubud lagen. Ai, foutje…. We zijn snel nog even gestopt om een foto te maken van de rijstvelden die we wel hadden gevonden, en hadden daarvoor de scooter uitgezet (wat zijn we toch goed voor het milieu he?) Na het maken van de foto begon het te regenen. Tot overmaat van ramp kregen we op dit moment onze scooter niet meer gestart. We hebben het tien minuten geprobeerd, helaas zonder succes. We stonden, gelukkig, voor een miniscuul huisje langs de weg waar al vrij snel een mannelijke indonesiër naar ons toekwam en vroeg of hij ons kon helpen. Hij was de held van de dag toen hij de scooter startte en we zijn vervolgens, zonder te stoppen, begonnen aan de 45 minuten terug naar het hotel door de stromende regen. We besloten nu maar even in Ubud te blijven en het de volgende dag nogmaals te proberen. Na het succes van de vorige avond zijn we terug gegaan naar Café Clear om nog wat extra hapjes en andere gerechten te proeven, wederom geen verkeerde keuze!

 

De volgende morgen zijn we een wandeling gaan maken die we twee jaar eerder ook gedaan hadden, de Campuhan Ridge walk. Deze wandeling leidt over het lange heuvelrug richting een heel klein dorpje, waar het Karsa Café zit, waar je ontzettend lekkere nasi goreng kunt eten. De wandeling was een stuk drukker dan twee jaar geleden, maar dat kwam waarschijnlijk omdat we nu in de zomervakantie waren en toen in september. Toch was het weer erg leuk, maar ook ontzettend warm, om dit stukje Bali nogmaals te zien. Aansluitend op onze wandeling en de nasi goreng, zouden we nogmaals naar de Tengalalang rijstvelden rijden, maar dan nu met herziende, goede locatie. En ja hoor, zoals wel vaker als we op de scooter zaten, passeerde er weer een flinke wolkbreuk. Maar deze keer niet zomaar een buitje, de regen heeft enkele uren aangehouden, wat ervoor heeft gezorgd dat we maar rechtsomkeerd hebben gemaakt, terug naar het hotel. We hebben wel gelachen, twee keer op pad naar de rijstvelden, twee keer hebben we ze niet gezien. We hebben de moed maar opgegeven, zijn gaan douchen en hebben vervolgens onze weg gemaakt naar de massagetafel. De enige en laatste keer dat we een massage hadden gehad was in de Filipijnen, dus het was alweer even geleden. De Balinese massage was ook iets 'steviger' dan die we in de Filipijnen hadden, waardoor ik zelf spieren voelde waarvan ik niet wist dat ik ze had. Maar goed, we kwamen er wel weer helemaal in ons element uit, zoals mijn moeder zou zeggen.

Aansluitend hebben we ons laatste avondmaal gegeten en zijn we naar bed gegaan, om de volgende dag fris en fruitig te zijn om Indonesië weer te verlaten.

 

We vlogen pas eind van de middag, dus we hebben overdag nog even rustig aan gedaan en zijn halverwege de middag met de taxi naar het vliegveld gereden. De rit duurde ongeveer een uurtje, waarna we nog een tijdje hebben gewacht op Denpasar, alvorens we naar Kuala Lumpur vlogen. We hadden de volgende vlucht richting Yangon (Myanmar) al voor de dag erop staan, dus we hadden een hotel geboekt vlakbij de luchthaven, omdat we pas 's avonds aankwamen. De vlucht naar Kuala Lumpur verliep vrij soepel, we hebben nog even moeten wachten op de shuttle bus naar het hotel, maar kwamen uiteindelijk eind van de avond aan. Het hotel was niet echt fantastisch, met muren zo dik als wc-papier kon je gezellig meeluisteren met de buren en iedereen die op de gang voorbij wandelde, maar ach, het was maar voor 1 nacht.

De dag erop zijn we doorgevlogen naar Yangon, onze volgende bestemming. Het weer was meteen heel anders bij aankomst, een luchtvochtigheid van zo'n 100% en een temperatuur van rond de 35 graden, dat was wel even wennen. In Indonesië was het ook warm, maar dit voelde nog wel een tandje warmer aan. We zijn met de taxi naar ons hotel gereden, dat in het hart van Yangon lag, vlakbij de gigantische Shwedagon pagoda, een enorme gouden tempel met een hele heilige betekenis. We hebben hier 's avonds even rond gewandeld en gekeken bij de lokale kraampjes in de straat naar de pagoda toe. De volgende dag zijn we met een taxi de stad doorgegaan. We hebben een bezoek gebracht aaneen tempel met daarin de grootste zittende Boeddha van het land, zo'n 15 meter hoog. De mensen in Myanmar, Birmezen, zijn ongelooflijk vriendelijk en doen werkelijk alles voor je. Ze willen dolgraag met je op de foto en dat merkten we voor het eerst bij deze Boeddha. Terwijl we, uit respect, voor de Boeddha waren gaan zitten en wat foto's maakten, werden we benaderd door een vrouw met dochter die heel graag met ons op de foto wilden. Ze spraken geen woord engels, dus de reden hiervoor bleef ons onduidelijk, maar ze zagen er ogenschijnlijk erg blij uit nadat ze de foto hadden gemaakt.

Vervolgens hebben we geluncht in het Yangon Tea House, waar we wat lokale gerechten hebben geprobeerd. Wat we precies gegeten hebben weet ik niet, maar het was iets met vlees en theebladeren en daarbij thee met een beetje melk. De kaart was dan wel leesbaar gemaakt voor buitenlanders (het Birmees is niet leesbaar voor ons), maar het was niet echt vertaald, dus de meeste gerechten kwamen ons allerminst bekend voor. Enkel wat plaatjes en aan de borden die voorbij kwamen besloten we wat te bestellen. Het pakte gelukkig goed uit en was best wel lekker. Ze hadden ongeveer 20 plaatjes met een kopje thee waar je in verschillende verhoudingen de hoeveelheid thee, melk en melkschuim kon kiezen. Veel verschil tussen de plaatjes zagen wij niet, maar het kwam erop neer dat Laura ongeveer 2% meer schuim had dan ik, of zoiets.

 

Dezelfde avond zouden we met de JJ Express bus vertrekken richting Mandalay. JJ Express is een organisatie die lange busritten verzorgd in zeer luxe bussen. Tickets boeken is een beetje lastig, het heeft ons enkele dagen geduurd voordat we iets op papier hadden, maarja, je bent natuurlijk eigenlijk in een derde-wereld land.

 Je zou het  dus niet verwachten van Myanmar, maar je krijgt bij JJ Express dan wel een bus stoel zo groot als een businessclass stoel in een vliegtuig, die behoorlijk plat kan liggen, met een schermpje in de stoel voor je, een stewardess die eten en drinken rondbrengt, een dekentje, een kussentje en een redelijk comfortabele zit. Helaas doen ze in Myanmar nog niet echt aan wegen prepareren voordat er asfalt overheen gaat. We kregen de indruk dat er gewoon een Birmees in een machine is gezet en is verteld: "Rijd maar 500 km naar het noorden en zorg maar dat er een stuk asfalt ligt." Het resultaat: gigantische kuilen en hobbels, smalle wegen, halve wegen, zandwegen en noem maar op.  Al met al hadden we zo'n 3 uur geslapen, voordat we aankwamen in Mandalay, om 06:30 's ochtends. We pakten een taxi naar het hotel, maar konden helaas pas om 09:30 inchecken. Gelukkig mochten we wel ontbijten, want honger hadden we zeker na de rit, al wilden we eigenlijk het liefst gewoon even naar bed. De uurtjes gingen vrij langzaam, maar uiteindelijk kregen we dan toch onze kamer. Helaas was de airconditioning niet aangezet, waardoor het binnen net zo warm was als buiten, dus hebben we eerst nog een tijdje liggen wachten tot het afkoelde. Van de 32 graden in de kamer werd het uiteindelijk 26 graden, goed genoeg om onze ogen dicht te doen. We hebben tot een uur of twee geslapen en zijn vervolgens wat wezen eten bij Shah Ma Ma, een restaurantje vlakbij het hotel, wat eigenlijk een straattentje is waar alles uitgestald ligt. We hebben hier het een en ander weggewerkt voor €1,50  en zijn vervolgens met een taxi door de stad gegaan.

 

We hadden een aantal stops, de eerste was een oud keizerlijk paleis, erg indrukwekkend, maar tegelijkertijd ook volledig verlaten en enorm kil. Er waren gigantisch veel lege ruimten en we hadden vaak het idee dat we vrijwel alleen op het gigantische terrein ronddwaalden. Het had een uitgelezen bestemming geweest voor Wie is de Mol? Vervolgens zijn we doorgereden naar wat kloosters en pagoda's, waar we ontzettend veel monniken zagen.

Het is een heel bizarre cultuur, die wordt gekenmerkt door het enorme kitsche Boedhha heiligdom, volledig verguld in goud en versierd met allerlei lampjes en kleurtjes, maar tegelijkertijd ook door de zeer sobere monniken, gekleed in vaak donker rode of oranje gewaden, volledig kaalgeschoren, welke leven in eenvoudige kloosters en slechts twee keer per dag iets eten. Het land is ontzettend bijzonder, zeker met de gedachte op de recente (en verdere) geschiedenis. Toch zie je als toerist nauwelijks iets van het militaire regime, op wat imposante gebouwen na. De mensen zijn ongelooflijk openhartig en zijn je dankbaar dat je hun land bezoekt. Tegelijkertijd waren we toch ook wel een soort van angstvallig om iets fout te doen, om de cultuur en de mensen te beledigen, omdat hun cultuur zo ver weg van die van ons staat. Zo mag je dus niet met je voeten richting Boeddha zitten, moet je nog altijd kleding tot over de knieën en schouders dragen en is het de bedoeling dat je in alle pagoda's, tempels en paleizen op blote voeten rondloopt. Ook foto's nemen was niet altijd even makkelijk, omdat je nooit weet of de mensen het wel waarderen als je het doet. En toch hebben we nooit het idee gehad dat mensen ons iets verweten of dat we ze beledigden.

We zijn overal hartelijk ontvangen en iedereen wilde graag met ons praten, al was het maar in zeer gebrekkig (of geen) engels.

We sloten de dag uiteindelijk af op de Mandalay Hill, een heuvel aan de rand van de stad, waar zich ook een klooster bevond en waar je naar de zonsondergang kunt kijken. In tegenstelling tot de vaak primitieve paadjes richting bezienswaardigheden, hadden ze hier dan wel weer gigantische roltrappen tegen het laatste deel van de heuvel omhoog, waardoor je eigenlijk zo boven bent. Ook hier was de aanwezigheid van monniken weer duidelijk. Overal zagen we de rode gewaden. Ook deze mensen zijn echter gemoderniseerd, ze hebben gewoon telefoons, Facebook en maken foto's met elkaar, iets wat we niet helemaal verwacht hadden. Het was voor ons een goede eerste indruk van de cultuur van het land en we waren blij dat we het dit allemaal hadden kunnen zien.

 

's Avonds waren we toch wel versleten, we hadden een soort Jet/bus/te-weinig-slaap-lack opgelopen waarschijnlijk, dus hebben we op de kamer een bakje noodles weg zitten werken. We beseften ons op dat moment ook dat de laatste twee weken echt waren aangebroken.

De volgende dag zijn we naar de dorpen om Mandalay gegaan. Wederom met een auto en bestuurder bezochten we Amarapura en Sagaing, twee oude hoofdsteden uit het vroegere keizerrijk.

 

De dag begon bij het monniken klooster om 10:15. Monniken eten twee keer per dag, 1 keer om 05:00 en 1 keer om 10:15. De tweede keer is toegankelijk voor toeristen, je mag niet in de eetruimte zelf komen maar je bent vrij om foto's te maken van de monniken en het ritueel zelf. Voordat de monniken er zelf waren hebben we eerst nog kunnen genieten van een vreselijk Nederlands gezin waarvan de Nederlandse moeder volledig tekeer ging tegen 2 dove dames die blijkbaar een beetje voor haar foto beeld stonden, we hebben echt hardop gelachen zo hilarisch was het. We hebben ze 'familie Pos' genoemd. 

Om 10:15 begon het ritueel met monniken die in twee rijen verdeeld gingen staan midden op de weg. Er werd hard op een grote gong geslagen en toen begon de rij te lopen. Hele jonge monniken van een jaar of 5 deelden plastic tasjes uit aan de oudere monniken waar ze later wat snacks kregen voor de dag tot 12:00, daarna mogen ze niks meer eten. In de eetruimte stonden allemaal mensen die de monniken, die hun eigen borden, theedoeken en mokken hadden meegenomen, hielpen met het opscheppen van eten. De rij bleef maar groter worden, het waren er echt ontzettend veel. 

Rond 11:00 was het ritueel klaar en waren alle monniken binnen, sommigen waren zelfs al klaar met eten. Rond 11:30 waren de meeste toeristen al op de terugweg, ongelooflijk hoe weinig geduld sommige mensen hebben.

Er stond een Birmese man met boekjes over het boeddhisme, over mediteren, over de gedachtegang van de monniken, etc. We hebben drie boekjes meegenomen die geschreven zijn door een monnik uit dit klooster. Toen we bij de meneer stonden, kwam er een monnik aangelopen die contact met ons zocht. Hij vroeg, in erg gebrekkig engels, waar we vandaan kwamen en zo kwam er een gesprek op gang die over en weer ging met maar een paar woorden engels. Uiteindelijk vroeg de monnik of we het leuk zouden vinden om een rondleiding te krijgen door het klooster, dit was natuurlijk een geweldige kans dus hier hebben we geen nee tegen gezegd. 

De monnik heeft ons meegenomen naar het museum waar hij wat heeft verteld over de oudere monniken. Het klooster schijnt ooit begonnen te zijn met 4 monniken, wat tot op de dag van vandaag is gegroeid tot 1200 monniken. Monniken beginnen op een leeftijd van 5 jaar. Tot 10 jaar worden ze 'beginnende' monniken genoemd en na hun tiende hebben ze een keuze of ze willen blijven of niet. Een monnik mag altijd weg en is nooit verplicht om te blijven. 

De man vertelde ons dat hij sociologie studeerde en dat hij ongeveer een uur per dag mediteert. Hij vertelde ons ook dat er verschillende monnik soorten zijn; studerende en mediterende. De studerende monniken zijn sociaal en zijn meer in groepen, praten met mensen en gaan dus naar school. De mediterende monniken zijn veel meer op zichzelf, mediteren 10 uur (!!) per dag en studeren niet, een behoorlijk verschil dus. 

We werden meegenomen naar de keuken waar het eten voor de donateurs (die rijst en spullen doneren aan het klooster en ook op het klooster kunnen en mogen verblijven) en voor de monniken zelf wordt klaargemaakt. We mochten hier geen foto's maken maar het was heel gaaf om al die monniken met gigantische pannen rijst bezig te zien. Er lagen mega grote, rieten schalen met pepers erop en er was een monnik bezig met het pellen van knoflook. 

We hebben daarna nog een rondje gelopen en hebben uiteindelijk afscheid genomen. De monnik vroeg geen geld, leek het niet eens te verwachten. Echt wel mooi, en een bijzondere ervaring. 

Na het klooster hebben we meerdere pagoda's bezocht. Allemaal zonder slippers, dus onze voeten waren behoorlijk zwart aan het einde van de dag. Ook in de pagoda's hebben we weer veel monniken gezien. Veel zijn toch wel super nieuwsgierig, sommigen willen heel graag op de foto. Er zijn veel kraampjes en onderweg tijdens het rijden met de taxi hebben we enorm veel armoede gezien. Voor veel mensen in Myanmar is het leven niet meer dan in een hutje met enkele houten paaltjes en een golfplaatje boven hun hoofd, de hele dag uitzitten langs drukke, vervuilde wegen. Hele families met kinderen zitten vaak tussen het afval en het ziet er enorm uitzichtloos uit. Het was zowaar een cultuurshock, zelfs in vergelijking met de rest van Zuid-Oost Azië zie je hier nog echt het authentieke Myanmar, maar ook het ver achtergebleven en armoedige Birma.

Ongelooflijk om te zien hoe groot het contrast is met toeristische locaties als bijvoorbeeld Bali. Mensen zijn daar, gelukkig, ook nog heel lief maar toch is het al heel anders dan hier. Mensen lijken hier niks te verwachten en doen nog alles uit goede wil. De man van de boekjeskraam vertelde ook dat iedereen van iedereen houdt, prachtig toch?

 

Na nog vele pagoda's en kloosters bezocht te hebben, elk weer bijzonder indrukwekkend, hebben we een heerlijke lunch in een klein restaurantje gegeten. Tijdens de lunch is de stroom 2 keer uitgevallen, iets waar je aan went als je door het land  reist. We zouden eigenlijk na de lunch naar Innwa gaan, maar vanwege wat slechte verhalen over paard en wagens op het eilandje (de dieren schijnen behoorlijk mishandeld te worden), hebben we besloten dat niet te doen, maar in plaats daarvan naar de wereldberoemde U Bein brug te gaan.

Hier hebben we ongeveer 4 uur gezeten en dit was eigenlijk het beste deel van de dag. We hebben heel lang alleen maar op een bankje gezeten die op de brug stond waar een lekker briesje stond en de wolken uiteindelijk helemaal wegtrokken. Iedereen, echt iedereen, verdraaide zijn nek als ze langs ons liepen. Meisjes begonnen te giechelen, jongens zeiden stoer gedag. Al vrij snel kwamen er twee meisjes naar ons toe met de vraag of ze met ons op de foto mochten, uiteraard! Waarom niet? En van de een kwam de ander. Sommigen durfde het niet te vragen, als we dan even zwaaiden dan giebelden ze weer en kwamen vaak dan toch terug om een foto te maken. Zó leuk. Als er mensen bezig waren met foto's maken met ons, zagen andere Birmezen het ook en wilde die het eigenlijk ook wel heel graag. Dit resulteerde uiteindelijk in een rij van mensen die selfies met ons wilden maken. Echt hilarisch! We zijn natuurlijk ook bijzonder lang en die blonde krullenbol werkt ook als een magneet voor de over het algemeen donker gekleurde Birmezen. Na een tijdje kwamen er drie monniken aangelopen die zelfs een foto met ons wilden, omgekeerde wereld!

Eind van de middag kwamen we familie Pos nog een keer tegen. We hadden ze een bootje zien nemen naar de andere kant van de brug en ze kwamen via de brug weer teruggelopen. "Pas op! Blijf maar weg bij die randjes, ik ben als de dood dat je in het water valt!" We konden onze lach niet inhouden, verschrikkelijk Nederlands, en dat zelfs in Myanmar. Na de 'Posjes' kwamen de drie monniken weer terug die we eerder hadden gezien met de foto. Hij vroeg dit keer, in nog slechter Engels als de man van vanmorgen, dat hij graag zijn engels wilde oefenen met ons. We hadden al eerder gelezen dat de monniken je kunnen aanspreken om engels met je te oefenen, heel tof dus dat dit daadwerkelijk gebeurde.

Het was erg bijzonder om te zien. Zijn woordenschat was nog enorm klein en hij moest meerdere malen soms wel een minuut nadenken om iets te vertellen. Toch was het bewonderingswaardig dat hij het desondanks gewoon bleef proberen. Het zorgde ervoor dat hij enorm veel respect kreeg en uiteindelijk wist ons te vertellen dat hij ook aan social media deed. We keken hier een beetje van op, toen hij over Twitter begon. We vertelden hem dat we niet aan Twitter deden en vroegen hem of hij Facebook kende. Zijn gezicht begon te glunderen, want hij had zeker Facebook . Met onze telefoons naast elkaar heeft hij zijn naam op Lau d'r telefoon ingetypt en nu zijn we vrienden. Wie kan dat zeggen? Dat je een monnik als vriend hebt op Facebook? Best grappig, maar totaal onverwacht. Hij was ontzettend dankbaar dat hij met ons mocht oefenen en zei: "see you online!" Heel vriendelijk. 

We zijn daarna door het marktje gelopen waar we een koude cola hebben gedronken (het was 34 graden buiten) en hebben daarna een bootje gehuurd die ons met zonsondergang naar de brug bracht. We hebben foto's kunnen maken en ik moet eerlijk toegeven dat we weer vreselijk veel mazzel gehad hebben. Er was een zonnetje dus we hebben prachtige silhouet foto's kunnen maken. Als het aan Laura ligt hangt er daar straks eentje van boven ons bed in Nederland.

 

De ochtend erop moesten we alweer door. We verlieten het enorm indrukwekkende Mandalay en gingen met een busje richting het zuiden. Deze keer geen luxe JJ Express bus, maar meer een je-zit-lekker-opgevouwen busje. Gelukkig waren we wel wat gewend vanuit de Filipijnen. Na zo'n 6 uur rijden arriveerden we in Bagan, het grootste keizer imperium van Myanmar, waar ooit 10.000 pagoda's stonden. Vandaag de dag zijn er nog zo'n 2200 over, waarvan er helaas een heel aantal zijn beschadigd door de zware aardbeving van augustus 2016. We hadden een hotelletje iets ten zuiden van Bagan, genaamd 'Myanmar Han'. We kwamen hier vroeg in de avond aan. Ook dit hotel was bijzonder mooi, het was namelijk net nieuw. De mensen waren ontzettend vriendelijk en wilden ons meteen met alles helpen. Er lag een mooi zwembad naast met een poolbar en we hadden een ruime kamer met een leuk balkon met uitzicht over de bergen en het zwembad. En dat alles voor 17 euro per nacht, inclusief ontbijt. Uiteindelijk zijn we 5 nachten in Bagan gebleven, mede omdat het hotel zo'n ontzettend prettige locatie had, het weer 5 dagen geweldig is geweest en omdat we na al het op en neer gereis toch ook wel even blij waren met gewoon even rustig aan doen. We huurden een e-bike, jazeker, een elektronische scooter, in Myanmar, om de omgeving te bekijken. Van de 5 dagen zijn we 3 dagen op pad geweest en hebben we 2 dagen lekker bij het zwembad gelegen. Eigenlijk zijn we sowieso alleen 's ochtends of eind van de middag weggeweest, want met temperaturen tegen de 40 graden kon je hier tussen 12:00 en 18:00 eigenlijk niet veel anders dan in het water dobberen.

We hebben meerdere pagoda's en tempels bezocht op de e-bike. Dit is eigenlijk een soort schatzoeken met een kaartje en kijken wat je tegenkomt. Alle paadjes zijn zandweggetjes, soms aangegeven, soms niet en je komt zo nu en dan een pagoda tegen, waar je soms in kan en rond kan kijken en soms alleen buitenom kunt lopen. Soms zijn er gigantische tempels, met Buddha beelden, volledig verlaten.

Het is allemaal vrij surreëel, je voelt je alsof je alleen in het verlaten rijk rond rijdt en loopt. Vaak waren we de enigen in de gigantische, bijna spookachtige, tempels en reden we door een soort doolhof van paadjes. Dit kwam mede omdat het laagseizoen is in Myanmar, maar ook omdat het toerisme weer een tegenslag heeft gehad. In 2015 kwamen er 4,8 miljoen toeristen naar het land, maar door de zware aardbeving (6.8 op de schaal van Richter) en militaire onrust in 2016, kwamen er vorig jaar slechts 2,9 miljoen mensen op bezoek, waar ze op 6 miljoen gerekend hadden.

We dwaalden enkele uren door het gebied en waren onder de indruk van de grootte en het uitgestrekte van dit vroegere keizerrijk.

 

Net na het middaguur zijn we teruggekeerd naar het hotel, omdat het gewoonweg te warm werd. We hebben de rest van de dag aan ons kleurtje gewerkt en zijn die avond op tijd gaan slapen. We hadden de wekker om kwart voor 4 's nachts gezet, om naar de zonsopgang te kijken. Om half 5 in de ochtend zijn we met onze e-bike en wat slaperige oogjes naar een van de bekendste en grootste pagoda gereden, de Shwe San Daw pagoda. Zo rustig als de dag ervoor, zo veel mensen waren er nu boven op de pagoda te vinden. Dit komt mede doordat de regering heeft besloten dat er nog slechts 5 pagoda's beklommen mogen worden tijdens zonsopkomst en zonsondergang. Gelukkig deed het niet af aan het prachtige uitzicht dat we kregen vanaf de bovenste laag van de pagoda, terwijl in de verte het zonnetje langzaam boven de horizon verscheen. Het landschap kreeg een warme gloed en de bruinrode tempels en pagoda's staken mooi af tegen het groene landschap. Het was erg vroeg ons bed uit, maar het was het zeker waard. Bij terugkomst in het hotel konden we meteen aansluiten voor het ontbijt, wat ook erg prettig was.

De dag erop hebben we ook nog een zonsondergang bezocht, maar deze was een stuk minder indrukwekkend door de zware bewolking die vaak eind van de dag inzette. Wel mooi was de Ananda tempel, een gigantisch complex met vier reusachtige, volledige gouden, staande Boeddha's. We hebben hier nog even rondgekeken voordat we onze zonsondergang tempel opzochten. Onze originele plaats waar we wilden kijken was helaas afgesloten voor het publiek, dus moesten we uitwijken naar de North Guni pagoda, een eindje verderop. Helaas werd dit dus een minder succes, vanwege de bewolking. 's Avonds hebben we in het lokale dorpje een pizza gegeten, als afwisseling van het goedkope, maar bijzonder lekkere restaurant dat bij ons hotel hoorde. De laatste dag hebben we vooral lekker bij het zwembad gelegen en nog wat cocktails gedronken voor 2 euro per cocktail, jullie begrijpen het wel.

 

Dezelfde avond moesten we alweer terug naar Yangon met de JJ Express bus. We werden keurig op tijd bij ons hotel opgepikt en hebben weer een lange, ruige rit gemaakt in onze businessclass stoeltjes. Hoewel de stoelen heerlijk zaten, kwam er van slapen niet heel veel. Iedere keer als je net wegviel, klapte de bus wel weer in een kuil of werd je bijna uit je stoel gelanceerd als hij over een heuvel denderde. Het is ook Myanmar, je moet er niet teveel van verwachten op gebied van vervoer.

Gelukkig kwamen we 's ochtends vroeg weer aan in Yangon, waar we met een taxi weer bij hetzelfde hotel als de eerste nacht arriveerden. Wederom kwamen we rond 6:00 aan, maar konden we pas om 09:30 inchecken. We hebben even ontbeten en hebben vervolgens met moeite onze ogen opengehouden. Na het inchecken hebben we nog een aantal uur geslapen en zijn we eind van de middag nog even de straat op geweest om het een en ander in te slaan.

We zijn uiteindelijk weer redelijk op tijd naar bed gegaan, zodat we om 5 uur 's ochtends weer wakker konden worden om naar het vliegveld te gaan. Om 08:30 zijn we voor het laatst deze reis in een AirAsia vliegtuig gestapt en naar onze laatste bestemming, Kuala Lumpur gevlogen.

We hadden hier nog 3 dagen, waarvan vandaag de laatste is. Omdat we nog een beetje wilden relaxen, hebben we de afgelopen twee dagen eigenlijk vooral veel in de zon gelegen en niet heel veel gedaan. Het is natuurlijk ook wel lekker om nog even lekker bij te bruinen voor we weer naar huis gaan. En nu zitten we hier dus, aan ons zwembad in het guesthouse waar we slapen. Gisteravond hebben we nog lekker spareribs gegeten bij een heel leuk tentje, aangezien mevrouw nog een keer spareribs te goed had na een gewonnen weddenschap. We hadden ook nog twee cocktails besteld er werden verrast met een heel bijzonder dansje en muziek terwijl deze cocktails aan tafel bereid werden. Erg grappig! Over spelletjes gesproken, helaas moet ik iets bekennen. Er is een spel waar ik, waarschijnlijk tot iedereen zijn verbazing, niet mee heb gewonnen deze reis. Namelijk, Ligretto. We hebben vanavond nog, maar eigenlijk is de achterstand te groot om bij te werken (1115 punten voor Laura, 1046 punten voor mij). Een triest einde.

 

Vanavond zijn we nog van plan om naar een SkyBar te gaan, vanwaar je een mooi uitzicht hebt over de stad en de bekende Petronas Twin towers. Waarschijnlijk nemen we op de terugweg wat sushi mee en zullen we dan echt onze laatste avond van een geweldige reis inluiden. Zoals ik al eerder zei, het was waanzinnig, indrukwekkend, bijzonder, soms zwaar en vermoeiend, maar alles dubbel en dwars waard.

Daartegenover staat dat we ergens toch ook wel erg blij zijn om morgen in het vliegtuig te stappen en weer terug te keren naar ons kleine kikkerlandje, waar familie en vrienden op ons wachten. Het zal wel weer even wennen worden, maar tegelijkertijd ook wel weer spannend, omdat ook in Nederland ons leven er weer anders gaat uitzien dan voorheen. Een nieuwe baan, een nieuwe studie, een nieuwe woonplaats, maar dezelfde lieve mensen om ons heen, wat wil je nou nog meer?

 

Hiermee komt ook een einde aan dit blog en aan onze verhalen van de afgelopen maanden. Middels deze weg willen we jullie allemaal bedanken voor het lezen van onze verhalen en de leuke reacties die we hebben mogen ontvangen. Het heeft ons erg goed gedaan om zoveel van jullie te horen terwijl we zo ver weg van huis zijn geweest.

 

Voor nu kan ik niets anders zeggen dan bedankt en hopelijk tot snel!

 

Veel liefs en groetjes,

 

Laura en Rowan.

Reactie schrijven

Commentaren: 3
  • #1

    H@k (vrijdag, 18 augustus 2017 12:24)

    Een geweldig leuk verhaal en het eind van een prachtige ervaring. Moedig om deze wereldreis aan te zijn gegaan. Jullie kunnen samen terugkijken op iets heel bijzonders!
    Maar wat blijft zijn de echteherinneringen en de "lieve mensen" hier die echt blij zijn jullie weer te kunnen begroeten............morgenavond op Schiphol. Ik kan niet wachten........�❤️

  • #2

    Yvonne (vrijdag, 18 augustus 2017 12:44)

    Wat een bijzonder land Myanmar. De contrasten met het toeristische Bali zijn dan goed te voelen. Een mooie ervaring om zo met die monnik door het klooster te gaan en een beetje te kunnen proeven van hun leven. Ik denk dat je daardoor zelf ook heel stil wordt. Het zien dat zij gelukkig zijn met hun sobere eenvoudige leven ten opzichte van ons rijke materialistische leven..........wie is er uiteindelijk gelukkiger..... Om in je 'element' van te komen Rowan ;-) Voor de toekomst zijn dit natuurlijk prachtige momenten om aan terug te denken en eens bij stil te staan als het hier eens niet gaat zoals je graag zou willen.

    Zoals Opa hierboven zegt: Er zijn hier ook hele lieve mensen die blij zijn dat jullie morgen weer op Nederlandse bodem zijn. Ook ik kan niet wachten en heb al een beetje spannende buik.......xxxxxxxxxxxxx

  • #3

    Marijk (vrijdag, 18 augustus 2017 19:55)

    Wat een fastastische mooie afsluiter! Wat hebben jullie weer een hoop beleefd, gedaan en gezien! Heel indrukwekkend! Ik moet eerlijk zeggen, ik kan niet wachten tot morgen. Kijk er zo enorm naar uit dat jullie weer terug komen! Tot morgen lieffies! Xxx

Eastcoast Australia & pluizebols birthday

Beste, lieve, geweldige en waarschijnlijk hardwerkende lezers,

 

Het is zover, het laatste verslag over het zonnige, warme, mooie Australië. Vandaag, 24 juli 2017, is het eindelijk weer eens tijd om een verslag te updaten. Met weemoed kijken wij terug op een fantastische tijd op een gigantische continent, maar na 100 dagen in een auto te hebben geleefd en een schamele 18000 kilometer te hebben afgelegd, zijn we toch ook wel even blij met een hotel, een goed bed en een eigen badkamer. Ook het koken, opruimen en afwassen zijn zaken die we niet direct missen, al had het leven in onze Orbit II toch ook wel zijn charmes.

 

Afijn, een aantal weken geleden vernamen jullie voor het laatst iets van ons via de website. Toendertijd schreven wij ons verslag over het noorden van Australië en eindigden we ons verhaal in Airlie Beach, de dag voordat we de Whitsundays gingen bezoeken.

De Whitsundays, tsja… wit waren ze wel, maar helaas niet zo wit toen wij ze bezochten. In de vroege morgen, rond de klok van 7 uur, werden we opgehaald door het busje van Air Whitsundays, die ons naar het lokale vliegveldje bracht. Ondertussen leek het echter nog donker, niet omdat de zon niet op was gekomen, maar omdat er een flink pak donkere wolken boven ons hing. Aangekomen op het vliegveldje, na een kort ritje van zo'n 15 minuutjes,  begon het ook te miezeren, ideaal voor een dagje op de boot en in het vliegtuig!

Het was een leuk propeller-vliegtuigje, iets waar we ook nog nooit eerder in hadden gezeten. Er gingen 6 mensen en 1 piloot in. Zoals op iedere normale vlucht, kregen we ook voor dit vluchtje een echte safety-briefing. Vervolgens werden onze stoelen toegewezen, waar we het geluk hadden voorin te mogen zitten, direct achter de piloot.

Het was de eerste vlucht van de dag, waardoor het vliegtuig nog even moest opwarmen en zo reden we een kleine 10 minuten op en neer over de enige opstijg- en landingsbaan, voordat we de lucht in gingen.

Eenmaal in de lucht waren we vrijwel direct boven zee, op weg naar de Whitsunday Islands. De vlucht van ongeveer een uurtje kwam eerst over Hamilton Island, waar een van de duurste hotels in de omgeving ligt, zo leerden we later op de dag. Een zes-sterren resort met erkende 18-holes golfbaan met uitzicht over de zee en witte stranden. Op het eilandje verplaatst men zich ook uitsluitend in golfkarretjes en helikopters, auto's zijn er niet.

Vervolgens vlogen we door de donkere wolken richting Whitsunday Island, waar het wereldberoemde Hill Inlet en Whitehaven Beach liggen. Hill Inlet is een soort sierlijke inham in het eiland, waar wit zand en helder blauw water doorheen buigen en Whitehaven Beach is het witste strand van Australië en een van de witste stranden op deze planeet. Uiteraard zouden deze eigenschappen extra belicht worden, mocht het zonnig zijn geweest, maar helaas zag het er nu wat grauw uit. Desalniettemin zijn het twee prachtige locaties om te mogen zien vanuit het vliegtuig.

Vanaf Whitsunday Island vloog het vliegtuigje verder de open oceaan op en na wat regenwolken gepasseerd te hebben werden we verrast met, jawel, de eerste walvissen, die gedurende dit jaargetijde hun doortocht maken naar noordelijkere, warme wateren om te paren. Vervolgens kwamen we aan bij het Outer Great Barrier Reef, het grootste koraalrif ter wereld. Het uitzicht boven het rif was zeer indrukwekkend, zeker omdat het op het moment van overvliegen laagwater was. Zo ver we konden kijken zagen we het rif in het heldere water liggen en zelfs het zonnetje scheen hier wat door de wolken, wat de kleuren levendiger maakte dan voorheen. Even verderop lag het wereldberoemde Heart Reef, wat precies is waarnaar het genoemd is, een rif in een vorm van een hartje. Echter, in tegenstelling tot de vele foto's die we hadden gezien, was het rif aanzienlijk kleiner dan we dachten (17 meter). Het was dus ook even zoeken voor we hem zagen en vanwege de snelheid van het vliegtuig was het eigenlijk al voorbij voordat we het goed konden zien. Gelukkig vloog het vliegtuigje er tweemaal overheen, zodat we de tweede keer een betere blik op het rif konden werpen.

Vanaf daar keerde het vliegtuig om, vloog over nog een aantal eilanden die bij de Whitsundays horen en keerde terug in Shute Harbour, waar het vliegveld zich bevond. Al met al was het best een hele mooie vlucht, maar het weer had een beetje roet in het eten gegooid. Natuurlijk gaven we de moed niet op en daar was ook geen mogelijkheid toe, want vlak na de landing en we wat leuke foto's van het vliegtuig gemaakt hadden, werden we naar de haven vervoerd voor onze boottocht met Ocean Rafting. Het weer was nog niet fantastisch maar het was op z'n minst droog toen we aankwamen bij de check-in balie van Ocean Rafting. Een slimme organisatie die aparte groepen maakte voor Chinezen en voor mensen met kinderen, twee categorieën waar wij niet onder vallen (nee, Laura ook niet met haar nog slaperige oogjes), waardoor we een boot hadden met Westerse en Australische volwassenen en een leuke crew.

Zoals de naam doet denken, is de boot van Ocean Rafting niet zomaar een boot, maar een snelle raftboot, die ons met flinke snelheid naar de eilandengroep bracht. We zouden eerst gaan snorkelen en vervolgens naar Hill Inlet en daarna naar Whitehaven Beach gaan.

Zoals in het nieuws voorbij is gekomen, heeft de cycloon Debbie een enorme ravage aangericht aan de oostkust van Australië, vooral ter hoogte van de Whitsundays en Airlie Beach, iets wat duidelijk zichtbaar was. Vele resorts en eilanden waren, maanden na de ramp, nog altijd gesloten. Ook het rif heeft een flinke klap gehad, zo ondervonden we tijdens het snorkelen. Het zicht was minder dan een meter en het koraal zag er bruin en afgestorven uit. Erg jammer, maar niet zo vreemd als je bedenkt dat er 24 uur lang golven van 8 meter overheen raasden in een storm van windkracht 12. De ravage op de eilanden was ook nog altijd duidelijk zichtbaar, vele stranden waren bezaaid met bomen en planten en hoger op de eilanden zagen we grote stukken kapotte bossen. Na het snorkelen, wat voor ons slechts 10 minuten duurde, kwamen we aan op Whitsunday Island, in de Hill Inlet. Hier begonnen we aan een wandeling richting het uitkijkpunt over de inham. De wandeling duurde een kleine 10 minuten en eenmaal op de top zagen we het prachtige uitzicht over de wateren en de witte zandbanken die de omgeving kleurden. We kregen zelfs nog even een zonnetje door de wolken, wat het azuurblauwe water nog mooier maakte tegen de strak witte zandkorrels. We hebben er een tijdje rondgehangen, de nodige plaatjes geschoten en zijn vervolgens op de boot gestapt richting Whitehaven Beach, even verderop. Hier hebben we enkele uren vertoefd met het geluk van opbrekende wolken en blauwe lucht die tevoorschijn kwam. Dit gaf toch een heel andere beleving dan in de schaduw van de wolken. Een hele fotosessie volgde, zeker nu het lekker warm werd op het strand en het de moeite waard werd om te zonnen. Tegen de klok van drie uur zijn we weer op de boot gegaan, waarna we na nog anderhalf uur door het water scheurend terug kwamen in de haven. Het was een leuke tocht met een kapitein die de nodige grapjes tevoorschijn toverde terwijl hij zigzaggend over het water vloog om iedereen zo nat mogelijk te maken. Ondertussen hebben we nog wat gekletst met de niet-vervelend-uitziende jongedame van de crew, die ons nogmaals uitlegde hoe erg de omgeving beschadigd is door de cycloon. Zo werd een aanvankelijk sombere morgen in de regen boven het water toch nog een zeer gezellige dag in het water!

 

*Laura

De volgende ochtend zijn we wederom vroeg wakker geworden, dit is op dit moment eigenlijk iedere ochtend zo, al neem ik mij nog steeds iedere avond voor om de ochtend daarna eindelijk eens te gaan uitslapen. We waren dus vroeg wakker, hebben wat boodschappen gedaan bij de Woolworths en zijn daarna naar een andere camping gegaan, net iets buiten Airlie Beach. Deze camping was iets rustiger, had een groot zwembad en waterpark en vooral heerlijke ligbedden met dikke kussens erop om op te zonnen. We hebben deze dag dan ook niet anders gedaan dan werken aan ons tintje, die inmiddels al bruiner is geworden tot een echte zomerkleur bruin. We hebben die avond zelf pizza gemaakt, een wekelijks ritueel en inmiddels een hobby van Row. In de keuken zat een man met een djembe en een didgeridoo die 'muziek' maakte wat wij niet kennen in Nederland. Hij was erg verbaast dat wij in op een camping een zelfgemaakte pizza aan het beleggen waren maar vond het wel heel goed van ons. Toen de pizza's eenmaal in de oven lagen heeft de didgeridoo-meneer ons wat uitleg over de didgeridoo gegeven, best gaaf om de hele manier erachter te horen. We hebben het zelf niet geprobeerd aangezien je je lippen in de bovenkant van de didgeridoo moet doen en er daarbij nogal wat 'sputum' vrijkomt, iets waar ik (ook al ben ik verpleegkundige) niet echt van houd en waar Rowan ook niet echt op zat te wachten.

 

De volgende dag was eigenlijk niet heel veel spannender. Naast dat ik tot een paar een keer toe in het water ben gegooid en Rowan nog een paar keer heeft geprobeerd het balletjes record te verbreken, hebben we gezwommen en in de zon gelegen, zalig. Het is inmiddels toch echt officieel zomervakantie, al is het hier winter.

 

Toen was het weer tijd om kilometertjes te maken, iets wat we wel een beetje hadden uitgesteld maar wat er toch echt van moest komen wilden we nog wat verder komen dan Airlie Beach. Noosa was de volgende bestemming, 1000km van Airlie Beach vandaan wat we hebben opgedeeld in ongeveer 2 dagen van 500km. We zijn na de eerste dag rijden gestopt in Rockhampton. Niet een heel bijzonder stadje maar puur praktisch gekozen omdat het op de helft lag. De camping was ongelooflijk duur, 'ja meneer, u bent hier in Rockhampton', alsof Rockhampton het nieuwe Sydney is. Maargoed, braaf als we zijn en vanwege het zonnetje dat al onderging, hebben we maar toegezegd en zijn we de dure camping opgereden. We hebben nog wat potjes gekaart, gekletst met wat andere mensen die op de camping stonden en zijn op tijd gaan slapen zodat we de volgende ochtend vroeg konden vertrekken naar Noosa. We kwamen eind van de middag in Noosa aan en zijn in het donker het stadje ingereden om te kijken welke camping ons het leukste leek. We, vooral ik, want ik was er nog niet geweest, waren gelijk verliefd op Noosa. De sfeer was er heerlijk: een strand waar mensen aan het surfen zijn, een leuke boulevard met restaurantjes, koffietentjes, souvenir winkels en winkels met duikspullen, zwemkleding etc. In de avond was alles leuk verlicht, we voelden ons er gelijk thuis.

Uiteindelijk hebben we gekozen voor een camping vlak buiten het centrum van Noosa. Dit was een hele leuke camping waar we uiteindelijk nog wat korting hebben gekregen omdat we er meerdere nachten zouden blijven. Na 2 dagen rijden konden we het niet meer opbrengen om te koken waardoor we heel slecht zijn geweest en fish & chips hebben gehaald bij het snackbar-achtige gebouw wat bij de camping stond. We hebben gesmuld onder het genot van een glas uit een fles dessert wijn die we hebben opengemaakt, eentje uit de Barossa Valley.

 

De dag daarop bestond uit het ontdekken van Noosa. We hebben door het centrumpje gelopen en ik ben bij ongeveer ieder souvenirwinkeltje naar binnen geweest. We zijn naar het Visitor Centre geweest waar we wat informatie hebben gevraagd over activiteiten in de omgeving. Rond het middaguur zijn we naar het strand gegaan waar we de hele middag hebben gelegen en niks hebben gedaan. We hebben ons verbaast over het volk wat hier loopt, allemaal keurig netjes, rijk en goed verzorgd. De huizen hier zijn gigantisch, liggen allemaal aan het water en op loopafstand van het strand. Iedereen heeft een bootje voor de deur liggen, trouwens, laat het 'boot-je' maar weg en maak er maak boot van. We hebben die avond genoten van 'Ice Age', die op het bioscoop scherm buiten op de camping werd gedraaid en waren als twee kleine kinderen mee aan het lachen met de rest van de kinderen, niemand die ons kent toch?

 

De dag daarna was het eindelijk zover: The Australia Zoo. Dit is het moment dat ik de laptop weer aan Row ga geven, dit is zijn afdeling.

De zoo, ondanks dat Laura de laptop weer aan mij geeft, heeft ze zelf al vanaf Melbourne geroepen hoe graag ze naar de dierentuin wilde,  maar daar gaan we verder niet op in. 's Morgens vroeg vertrokken we vanuit Noosa richting het zuiden. De dierentuin ligt vlakbij de Glasshouse Mountains, waar we later nog naartoe zouden gaan, in het dorpje Beerwah. Rond half 10 kwamen we bij de dierentuin aan, waar we verwelkomd werden door de vele auto's van families met kinderen die tijdens de schoolvakantie ook een dagje krokodillen kwamen kijken. Gelukkig hadden we de kaartjes online gekocht, waardoor we direct langs de rij naar binnen konden. We kregen een plattegrond mee en vertrokken richting de dieren. Eigenlijk voordat Laura de plattegrond had opengeslagen (ja ze wilde echt heel graag de route leiden vandaag), was mijn oog gevallen op het bordje met 'wombats'. Ik besloot mijn reisgids te laten voor wat het was en vertrok in de richting van het bordje. De kleine krullenbol sputterde nog wat tegen, maar kon het niet voorkomen dat we vrijwel direct na binnenkomst het halve park doorkruisten richting de wombats. En ja hoor, na 6 jaar waren ze daar, eindelijk ben ik herenigd met het meest fantastische dier op deze planeet. Voor degene die het niet weet, een wombat is een soort kruising van een grote eekhoorn met een hondje… ofzo… ach zie het als een grote cavia met kortgeknipt haar en een heel hoog knuffelgehalte. Het eerste SD-kaartje is hier direct volgeschoten met foto's van de wombat, ik die over het hekje naar een wombat kijk, wombats die ruzie zoeken met elkaar, slapende wombats enzovoort enzovoort. Toen we klaar waren bij de wombats hadden we nog een half uur tot het park ging sluiten… nee dat is een grapje, maar we hebben er wel een goed halfuur doorgebracht, al heb je naar mijn mening zeker een dag nodig om ze echt goed te kunnen bewonderen. Maargoed, een dierentuin heeft meer dieren dan wombats. We besloten nu toch maar vooraan te beginnen, dus we kruisten wederom het park door, terug naar de ingang. Daar aangekomen, bleek onze timing uitstekend, er stond namelijk net een park-ranger met een koala in haar handen, dus Laura had de primeur, de koala-selfie werd gemaakt en we mochten voor het eerst voelen hoe zacht een koala is; gelukkig maken ze er geen tapijtjes van, anders waren de koala's nu uitgestorven ben ik bang, je Tempur matras is er niets bij.

De dierentuin staat bekend vanwege de krokodillen, het is immers opgezet door wijlen Steve Irwin en is nu in handen van zijn vrouw en kinderen. Onze volgende bezoekje was dan ook aan de reptielen en krokodillen besteed. We passeerden twee spelende otters, wat grappige leguanen, de wat grotere varanen en kwamen zo in de krokodillenregio. We hadden op weg naar de wombats al wat alligators zien liggen, hartstikke leuk, maar de Australische krokodillen zijn toch wel een ander kaliber.

 

Ik, Laura, neem het weer over. We hebben de krokodillen stuk voor stuk bekeken. Er waren wat kleintjes maar er waren ook krokodillen van een heel groot formaat, vooral deze waren natuurlijk reuze interessant. We hebben ondertussen wat broodjes gegeten en eigenlijk was de tijd zo snel gegaan (vooral door de wombats waar we na de krokodillen nogmaals langs zijn gelopen) dat we naar de 'Crocodile Arena' zijn gelopen, de beroemde arena waar je op Animal Planet Steve Irwin vroeger al zijn trucjes met de krokodillen zag doen. Ik vond het erg indrukwekkend om dit te zien. De arena is sowieso al heel groot maar het was vooral bijzonder om te zien hoe mooi de familie van Steve het op zich heeft genomen om alles draaiende te houden, de grootste wens van Steve, zo kregen we te horen tijdens de introductie. Voordat de krokodillen show begon was er een vogelshow met ook een aantal slangen. Het publiek werd gek gemaakt door twee medewerkers van het park die de show begonnen dus de sfeer zat er al heel goed in. De vogels die we te zien kregen waren heel mooi en super goed getraind. Vanuit buiten de arena vlogen ze in groepjes naar binnen en ze wisten precies waar ze naartoe moesten vliegen om eten te krijgen. Na de kleinere groepjes vogels kwamen er grotere. Er was een roofvogel, ook deze vloog los, en een grote vogel die op hoge poten van zeker een meter hoog de arena in kwam lopen. Erg leuk, vooral mijn schoonmoeder en schoon opa en oma hadden het geweldig gevonden, zij zijn namelijk gek op vogels.

De man en vrouw die de vogelshow deden, verlieten de arena en maakten daarbij plaats voor Terri en Robert, de vrouw en zoon van Steve. Omdat we in de Australische schoolvakantie waren, was het speciaal dat Terri en Robert de krokodillen show deden. Ook dit was leuk om te zien aangezien we, in ieder geval ik, ze meerdere keren op tv hebben gezien.

Als eerste kwam er een kleine krokodil, dit was natuurlijk een grapje geweest omdat iedereen naar die show komt voor het grote beest. Het kleintje werd weggebracht en toen begon de muziek te spelen. Er kwamen ineens meer mannetjes naar Terri en Robert toe, allemaal veiligheidsprotocol natuurlijk voor mocht er wat gebeuren. Parkgasten mochten hun stoeltjes niet meer verlaten dus de spanning zat er wel een beetje in, al is het volgens mij onmogelijk dat dat beest kan ontsnappen maar oke. Door middel van backstage camera's konden we zien hoe de grote zoutwater krokodil werd vrijgelaten en langzaam aan zijn weg begon naar het midden van de arena. Ik overdrijf niet als ik zeg dat het dier écht heel groot was. Ze hebben meerdere 'jacht' manieren van de krokodil gedemonstreerd. Zo ging Terri met Robert op een klein plateau boven het water staan met een stuk vlees om te laten zien hoe de krokodil zijn prooi pakt vanuit boven het water; de krokodil komt daarbij een heel stuk boven het water uit. Het stuk vlees was dan ook zo weg. Ook hebben ze laten zien hoe de krokodil zijn prooi op het land pakt, met kleine pasjes en heel stiekem tot hij ineens toehapt en dan razendsnel is. De laatste manier werd gedemonstreerd door een stuk vlees met een groot touw eraan. Het vlees werd op het randje tussen het water en het land in gelegd en toen de krokodil het te pakken had, trok het personeel aan het touw om het aas 'levend' te laten lijken voor de krokodil. Omdat het water helder was kon je super goed zien dat de krokodillen tot vier keer aan toe een zogenaamde 'deadroll' deed. De krokodil draait dan een heel rondje terwijl hij het aas in zijn mond heeft. Echt een leuke manier om het zo te zien, de kans dat je dit in het wild ziet is niet groot, de kans dat je het vervolgens kunt navertellen is nog kleiner.

 

Na de krokodillen show zijn we, voor de verandering, even langs de wombats gelopen ''maar Lau ze zijn zo dichtbij nu! Zullen we nog eventjes langsgaan? Alleen even kijken, kom!'' Van de koala mevrouw hadden we die ochtend gehoord dat ze rond dit tijdstip de wombats gingen uitlaten. Dan denk je uitlaten? Zoals je met een hond doet? Ja, dat klopt. Omdat de wombats van zichzelf nogal luie dieren zijn en dus niet veel bewegen, worden ze door de verzorgsters uitgelaten om aan hun lichaamsbeweging te komen. We hadden mazzel, er was geen parkgast te bekennen en aan het einde van het wombat hok liep inderdaad een verzorgster met een wombat, Cato, ook nog eens Rowans lievelings-wombat van de dierentuin. De bruine haarbol was nog net niet aan het klappen in zijn handen en liep voorzichtig naar de verzorgster toe. Na lang aandringen, hij durfde niet, liep hij eindelijk naar haar toe en begon een praatje, dit kan hij natuurlijk goed. De verzorgster praatte gezellig mee en Cato was erg eigenwijs want ze liep niet goed met de verzorgster mee. Dit zorgde ervoor dat de verzorgster op een gegeven moment genoodzaakt was de wombat op te tillen, ik hoorde Row zijn hart kloppen, en dit keer was het niet eens voor de verzorgster maar voor de wombat. Het meisje zei aardig tegen Row dat hij er best mee op de foto mocht als hij dat wilde, en dat liet onze grote wombatliefhebber zich natuurlijk geen twee keer zeggen. Jullie begrijpen dat hier de foto van de vakantie is gemaakt en ik met een hele blije Row uiteindelijk (na nog een kwartier) wegliep bij de wombats.  We hebben snel nog een broodje gemaakt en zijn toen doorgelopen naar de koala's waar de koala show begon! Ik was lekker van mijn broodje aan het eten, had een goed plekje gezocht voor de show tot ik om me heen keek en onze bruine haarbos ineens verdwenen was. Wat bleek; ze liepen het park rond met de wombat. En blij dat hij was, het leek net een jongetje van 8, zo lief. Met een grote, echt een grote, glimlach kwam hij weer terug. Hij had de wombat aangeraakt. Zijn dag kon niet meer stuk. Daarna begon de koala show. Er werd van alles over de koala's verteld en er was veel gelegenheid tot het stellen van vragen. Wat het extra leuk maakte is dat de koala's momenteel baby's hadden, de joey's. Zo lief en zo ongelooflijk klein! Aan het einde van de koala show ging de verzorgster wederom met een koala rond bij iedereen. Ik kon hem dus nog een keertje aaien en ben er stiekem nog een keer mee op de foto geweest.

 

Toen was het tijd voor de kangaroes waar mijn lang gekoesterde bucketlistitem eindelijk afgewerkt ging worden: 'maak een selfie met een kangaroe'. Met de kangaroes die je overal langs de weg tegen komt is het onmogelijk om dit te doen. In de zoo was er een gigantisch gedeelte waar ze gewoon allemaal losliepen. Deze kangaroes zijn natuurlijk heel erg gewend aan mensen dus we hebben de eerste de beste liggende kangaroe uitgezocht en ik ben foto's gaan nemen, hilarisch resultaat, al zeg ik het zelf. Nadat Row en ik een selfie hebben gemaakt met de kangaroe ben ik, zo onhandig als ik helaas ben, na de foto op mijn Ray-Ban gaan staan welke dus nu kapot is. Een hele dure prijs voor een foto met een kangaroe. Na de kangaroes zijn we doorgelopen naar 'Azië', het gedeelte van de dierentuin met de tijgers, de rode panda en nog wat kleine diertjes. De tijgers waren heel gaaf. Er was een blinde tijger die van het ziekenhuis (die bij de dierentuin hoort) een glazen oog had gekregen, mooi wat ze voor die dieren doen en wederom een groot hok waar de tijgers het naar hun zin leken te hebben. De rode panda was ook leuk, deze zie je niet heel vaak in een dierentuin dus dit was best een exotisch beestje en daarbij ook een mooie. Na Azië zijn we doorgelopen naar Afrika, de eerste keer dat we giraffen, zebra's en neushoorns zouden zien nadat we ze in het wild hebben gezien in Zuid-Afrika afgelopen september. Helaas zijn we door deze geweldige safari ervaring vreselijk verwend geraakt met het zien van deze prachtige dieren. Het is wel echt heel anders om ze in een dierentuin te zien dan in het echt.

 

En toen was het alweer eind van de middag en zijn we teruggelopen naar de ingang van het park. Het park ging sluiten om 17:00 maar wij waren nog niet klaar! Voor 2 AUD per persoon konden we een kijkje nemen in het dierenziekenhuis. Dit vond ik natuurlijk interessant dus we zijn hier naar binnen geweest en dit was echt de moeite waard! We hebben gezien hoe een koala onder narcose werd gebracht en hoe zijn pootje werd geschoren toen hij een infuusje kreeg. Het bleek dat deze koala een infectie had en dat dit een gevaarlijke was, vooral voor de joey die in de buik van de mamma koala groeide. Terwijl wij er stonden werd er via de 'spoedeisende hulp' een possum binnengebracht die iemand langs de weg had gevonden. Ook deze possum kreeg zijn narcose maar ging het volgens de mevrouw helaas niet redden.

En toen was het echt tijd dat we de dierentuin gingen verlaten, na een hele leuke dag. Ik heb Row moeten troosten in de auto vanwege de dikke tranen omdat hij de wombat (die we voordat we het park hadden verlaten nog een keer hebben bezocht) daarna niet meer zou zien (grapje natuurlijk). Nadat hij weer was bijgekomen zijn we teruggereden naar de camping waar we in het donker aankwamen.

 

Goed, genoeg over de wombats, Rowan neemt het weer over.

De dag erop zijn we even bijgekomen van alle indrukken die we hadden opgedaan, vooral van de wombats, haha daar zijn ze toch nog een keer. Het weer was heerlijk, dus we hebben onze bruintinten weer een extra dimensie gegeven en zijn vooral ongelooflijk lui geweest, zodat we de dag erop weer heerlijk fris waren voor een nieuw avontuur: Fraser Island! Nee, hier leven geen wombats, wel dingo's. Om 06:30 moesten we verzamelen in Noosa. Yup, het staat er echt, 06:30, jullie wekker voor werk is er niets bij, voor ons was het ook even schrikken toen hij afging. Afijn, met een koffie in de hand stapten we in een grote four-wheel-drive bus, uitgerust met wat Chinezen en een gids. Van de Chinezen hadden we niet veel last, die zaten lekker achterin gepropt en wij mochten op de voorstoelen. We vertrokken uit Noosa, in noordwaartste richting over de lange stranden van de schijnbaar oneindige oostkust van Australië. We hadden een geweldige gids, die in 124 landen geweest is en in vele daarvan ook gewerkt heeft als tourgids, dus hij had wel wat ervaring. We kregen prachtige verhalen over de benaming van alle stranden en dorpen langs de kust, als ook wat de voor Aboriginals heilige waarde aan al deze plaatsen was. Ondertussen reden we met zo'n 80 kilometer per uur over de enige erkende autosnelweg van Australië die volledig en alleen uit zand bestaat. De mist trok langzaam op, wat een rustgevende gloed van de opkomende zon creëerde boven de zee. Na een goed anderhalf uur rijden bereikten we Rainbow Beach, waar alle kleuren zand in de rotsen een soort regenboog kleur vertonen. We maakten onze eerste stop voor de ochtend koffie en thee. Het was inmiddels wat warmer, dus we konden heerlijk opwarmen in het zonnetje en genieten van het prachtige uitzicht op het strand. De gids had zelfgemaakte ANZAC koekjes meegenomen, dus ik heb daar uiteraard zeker geen nee tegen gezegd, zeker niet toen hij aanbood om er nog eentje te nemen!

We vervolgden onze weg over Rainbow Beach voor nog ongeveer een halfuurtje, voor we aankwamen bij de veerboot. Het was een korte oversteek en binnen 20 minuten (en het zien van dolfijnen!) stonden we op het grootste zandeiland ter wereld, Fraser Island. Onze weg vervolgde zich wederom een heel eind langs de kust, het eiland is ongeveer 120 kilometer lang en terwijl wij onze ogen uitkeken en op zoek waren naar walvissen in het water, hebben we kunnen horen waarom dit eiland eigenlijk Fraser Island heet en waarom Aboriginals een hekel hebben aan die naam. Ik zal jullie het hele verhaal besparen, maar het was eigenlijk best interessant.

En toen begonnen we landinwaarts te rijden, we verlieten het strand bij een van de weinige dorpjes op het eiland en kwamen op een vrij onbegaanbaar pad vol heuvels, gaten en smalle stukjes. Gelukkig had de bus een erg goede vering, zodat het niet helemaal op de botsautootjes van kermis leek. We kwamen terecht in het regenwoud, wat erg bijzonder is, omdat het het enige regenwoud op aarde is dat in zand groeit. We reden door een soort doolhof, op weg naar Lake McKenzie, het hoogtepunt van de dag en de locatie waar we zouden lunchen. Het zonnetje scheen volop toen we er aankwamen, wat de schoonheid van het meer zeker ten goede kwam. We liepen een kleine 10 minuten richting het meer, dat kristalhelder en azuur blauw was. Het witte strand dat ervoor lag stak mooi af tegen de omgeving van het groene regenwoud, het was een klein paradijsje. Het water in het meer bevat mineralen dat het extra zacht aan doet voelen (door plantenresten onder de bodem van het meer) en het zand werkt als een soort scrub op je huid, dus het was tegelijkertijd ook nog een soort spa.

We hebben er een uurtje rondgehangen, wat gezwommen en gezond, een fotootje gemaakt en zijn weer teruggelopen voor een heerlijke lunch van wraps, die klaargemaakt was door onze gids.

's Middags zijn we nog wat dieper het regenwoud ingegaan, waar we een wandeling gemaakt hebben langs een smal beekje midden in het woud. Het was best apart om er doorheen te wandelen; het voelt alsof je dagen onderweg bent geweest om zo diep in het bos te komen, terwijl het slechts 15 kilometer van de kust af ligt. We hebben een half uurtje gewandeld en zijn toen weer opgepikt door de gids, om weer langzaam richting Noosa te rijden. Toen we de kust bereikten, werden we direct verrast met een aantal walvissen die daar langs de kust zwommen. Uiteraard ben ik nog even uit de bus gesprongen om hier even goed naar te kijken en een foto te kunnen maken. Vervolgens hebben we nog een aantal uur gereden richting Noosa, we konden vanwege de vloed niet meer helemaal over het strand rijden, dus hebben we een deel over een binnenlandse weg gereden. Aan het eind van de middag kwamen we aan in Noosa, vanaf waar we terug zijn gereden richting onze camping. Het was een zeer geslaagde dag!

 

Na een goede nachtrust was onze laatste dag in Noosa aangebroken. We hebben een beetje uitgeslapen en zijn daarna naar het Noosa National Park gegaan. We hebben hier een wandeling langs de prachtige kust gemaakt, op weg naar Hell's Gates, een puntje op de rotsen vanwaar je uitzicht hebt over de Grote Oceaan en eventueel kans hebt om walvissen, dolfijnen en schildpadden te zien. Ook leven er koala's in het park en is het bovenal een stukje prachtige natuur met wat verlaten stranden. Veertig minuutjes wandelen bracht ons bij de Hell's Gates, waar we een tijdje op de rotsen hebben zitten turen. Het resultaat: een aantal schildpadden en in de verte wat dolfijnen. Vanaf het puntje zagen we ook een ontzettend lang strand, genaamd Alexandria Bay. We besloten nog een stukje door te lopen om beneden bij het strand te komen. Het was geen verkeerde keuze, er was vrijwel niemand op het strand, op wat surfers na die behoorlijk wat toeren uithaalden in de golven, maar verder was er niets te horen behalve de wind en af en toe een vogel. Het was zo'n 25 graden, er hing een stralend zonnetje in de verder strakblauwe lucht en niets weerhield ons ervan om even te lekker te gaan liggen.

Zo'n anderhalf uur later werden we wakker.. Oeps.. Het was er zo rustig dat je er de hele dag wel in het zonnetje had kunnen slapen, maar omdat we geen kreeftjes wilden worden, zijn we rond half 4 maar weer terug gelopen, via Hell's Gates, weer helemaal richting de auto. Rond half 5 zijn we teruggereden naar de camping, om te beginnen aan onze barbecue. Laura was op de desbetreffende dag exact 1 jaar gediplomeerd verpleegkundige, dus we hadden de nodige barbecue spulletjes, worstjes, hamburgertjes, maiskolfjes, gamba's (niet voor mij maar voor het kleine vreetkeesje), een stokbroodje en een lekkere fles rose bubbels ingeslagen. We hebben de hele avond lekker genoten van al het lekkere vlees, iets wat toch wel een luxe was in ons budget!

 

Toen was het alweer zover, 6 nachten in Noosa zaten erop en we vertrokken richting het meest zuidelijke stukje van de oostkust voor onze rit met Orbit II. Een halfuurtje rijden bracht ons naar de Sunshine Coast. Zoals de naam al zegt en doet vermoeden, de Sunshine Coast, we kwamen er aan met bakken met regen en een graadje of 12. Heerlijk dus, lekker genieten en gratis douchen in de buitenlucht… not.

Gelukkig hadden we snel een camping gevonden, waar we een prachtig plekje direct aan het strand kregen. We besloten maar gebruik te maken van het slechte weer en zijn op zoek gegaan naar de organisatie waarmee we zouden gaan walvis spotten. We reden naar de haven, waar de organisatie zich zou bevinden. Helaas konden we nergens parkeren, dus moest ik eruit en zou Laura rondjes rijden tot er eventueel een parkeerplek vrij kwam. Eenmaal in het havenkwartier viel mijn oog op nog een andere organisatie, die naast walvis spotten, ook zwemmen met walvissen aanbood. Uiteraard niet voor dezelfde prijs, maar wel een hele bijzondere ervaring. Toen Laura uiteindelijk een plekje had gevonden, hebben we even overlegd, maar eigenlijk duurde het niet heel lang voordat we bedachten dat we deze kans niet aan ons voorbij konden laten gaan. Op hoeveel plaatsen ter wereld kun je nou het water inspringen waar net walvissen voorbij komen?

Er was helaas geen plaats meer voor de volgende dag, maar de dag erop (een zondag) konden we nog worden ingeboekt. Zo gezegd, zo gedaan. Vol enthousiasme keerden we terug naar de camping. Het weer was niet veel beter geworden, dus we hebben snel een wrap gegeten en zijn vervolgens naar een lokaal theehuisje gegaan. Rara wiens idee was dat, nee hoor ze is geen theemutsje. Een heel leuk tentje met wel 100 verschillende soorten thee en de lekkerste taart in lange tijd (nee hoor oma, uw appeltaart blijft uiteraard nummer 1).  We hebben er de middag doorgebracht met wat kaartspelletjes en gekletst en zijn 's avonds na het eten op tijd naar bed gegaan.

 

Op de zaterdagmorgen zag alles er anders uit. De wolken waren compleet verdwenen en de Sunshine Coast deed zijn naam waarde aan. Aangezien we ongeveer uit onze Orbit II het strand op konden kruipen, hebben we hier ook maar dankbaar gebruikt van gemaakt. We hebben een tijdje op het strand gelegen en zijn eind van de middag richting de Glasshouse Mountains gereden. We kwamen wederom langs de Australia Zoo, met de leuke wombats (daar zijn ze weer), voordat we aankwamen aan de voet van Mount Ngungun. We hadden expres besloten om hier eind van de middag heen te gaan, omdat we gelezen hadden dat de zonsondergang hier een prachtige aanschouwing moest zijn. We liepen de berg op, een klim van zo'n 30 minuutjes en hebben gewacht en de zon zien zakken. Het werd een prachtig schouwspel van gele, oranje, rode en zelfs paarse kleuren, die zich aftekende tegen een dungelaagd wolkenpakketje. Het had zo een schilderij kunnen zijn, maar het werden bij ons echt foto's! Toen we ruim een uur op de top gezeten hadden, moesten we in het donker terug. We hebben de tocht zo snel mogelijk afgelegd en zijn zonder kleerscheuren teruggekeerd aan de voet, waar we onze Orbit II wachtend op ons terugvonden. We keerden terug naar de camping en zijn wederom op tijd gaan slapen, om 's morgens fris te zijn voor het walvissen avontuur.

 

Om half acht in de morgen stonden we, toch nog met wat slaperige oogjes, in de haven van Mooloolaba. We werden hartelijk ontvangen door de organisatie van Sunreef, waarna we onze wetsuits mochten passen, flippers en een snorkel kregen en aan boord mochten op de boot. We hadden een gezellige crew die ons een briefing gaf over hoe de dag eruit zou zien. Vervolgens konden we een tijdje voor op de boot liggen terwijl we de haven verlieten en de open oceaan op vaarden.

Het duurde eigenlijk niet lang voordat onze skipper in de verte al wat zag bewegen. Ja hoor, op zo'n twee kilometer van de boot zagen we de eerste walvissen. De boot naderde snel en kwam tot op ongeveer 100 meter van de walvissen. Nieuwsgiering als ze zijn, passeerden ze de boot echter vrij dichtbij, wat een goede kijk op deze reusachtige beesten gaf. We hadden allemaal een nummer gekregen voor de volgorde waarin we het water in mochten. Laura en ik waren nummer 1 en 2 en dus zaten we in de eerste groep. We maakten ons klaar voor het eerste zwemavontuur. Het was eigenlijk best wel heel spannend, ondanks dat je weet dat het heel vriendelijke dieren zijn, is zwemmen in de buurt van een 12 meter lange walvis van een paar ton toch best wel griezelig. Afijn, tijd om daarover na te denken was er niet, want walvissen zwemmen heel veel sneller dan mensen, dus het was een kwestie van in het water springen en zo snel als je kon proberen in de zwemlijn van de walvissen te komen, om ze dan te zien passeren. Zo gezegd zo gedaan, zo snel als we konden zwommen we, maar helaas, we waren te laat, de walvissen waren al gepasseerd en kwamen een paar tellen later een heel eind verderop weer boven.

Terug naar de boot en wachten op de volgende gelegenheid. We volgden de groep met de boot en bij de volgende gelegenheid was het de beurt aan groep twee. Zij hadden nog minder geluk, aangezien de walvissen van richting veranderden en helemaal niet in de buurt van ze kwamen. Nog enkele pogingen volgden, we hebben die ochtend een flinke work-out gehad. Ondertussen hebben we vanaf de boot een prachtige show gehad, soms kwamen ze direct naast te boot boven, flapperden ze met hun staart op het water en verdwenen ze weer in de diepte van de zee. Er was zelfs een moeder met kalf aanwezig, dat op zo'n 10-15 meter van de boot passeerde. We hebben onze ogen uitgekeken, ongelooflijk veel foto's gemaakt, toen we ons ineens weer klaar moesten maken voor nog een poging. De boot was een stuk vooruit gevaren en lag recht in de lijn van de walvissen. In de verte zagen we de gigantische gevaarten in onze richting zwemmen. Dit keer stonden we helemaal vooraan en zodra we het startsignaal kregen, doken we zo snel als we konden het water in en raceten we richting de walvissen. De oceaan is echter heel groot en nogal blauw, dus veel gevoel voor richting heb je niet tussen de golven, wat er voor zorgden dat Laura en ik iets van de groep afgezwommen waren. Niet geheel erg, zeker niet toen ik Laura als een bezetene hoorde spartelen en 'Daar! Daar!' hoorde roepen. Ik keek wat verwilderd om me heen, maar toen zagen we toch allebei een kolossaal dier op zo'n 25 meter van ons boven komen. Het boog volledig boven water, stak zijn staart de lucht in en toen we onderwater keken, zagen we een gigantische walvis in de diepte verdwijnen. Onder water lijkt alles ongeveer anderhalf keer zo groot, waardoor het dier nog veel groter en indrukwekkender was dan voorheen. Het was slechts een korte glimps, omdat hij vervolgens in de donkerblauwe diepte verdween, maar het was adembenemend mooi! Dit was tevens het laatste moment dat we het water zijn ingegaan. We hebben nog meerdere keren mogen genieten van een aantal walvissen die langs kwamen om gedag te zeggen en uiteindelijk was de leuke ochtend voorbij en waren we een waanzinnige ervaring rijker.

 

*Laura

Die middag hebben we bij het theehuisje gezeten waar we de hele middag enthousiast zijn gebleven en wel duizend keer aan elkaar verteld hebben hoe dichtbij de walvissen kwamen. De volgende ochtend zijn we, na wederom een bezoek aan het theehuisje, de tocht begonnen naar Cairns, uiteraard in meerdere dagen. De eerste dag zijn we gereden naar Rockhampton, we zijn hier uiteindelijk de hele dag onderweg naar geweest waardoor we in de avond aankwamen. Omdat de dag toch al verloren was, hebben we besloten om op een gratis camping te verblijven, een fantastische plek naast de snelweg, jullie begrijpen dat dit sarcastisch is. We hebben er geld mee kunnen besparen (goed voor het budget) en het voordeel was dat we de volgende ochtend weer vroeg konden vertrekken waardoor we om 07:30 weer in de auto zaten. Deze dag werd iets leuker gemaakt aangezien we vrijwel de hele weg achter een andere spaceship hebben aangereden en we dus mega populair waren op de weg, verder was het eigenlijk nog steeds een saai stuk. Omdat we vroeg waren vertrokken kwamen we rond 13:00 aan op onze camping in Airlie Beach, dezelfde camping waar we eerder zijn geweest. We hebben hier twee nachten geboekt, een kleine break tussendoor op de weg naar Cairns. We hebben de aankomstdag niet heel veel anders gedaan dan in de zon gelegen en zwemmen in het zwembad, na 1000 kilometer rijden heb je ook niet echt ergens zin in moet ik zeggen.

 

De tweede dag begon leuk. Ik zeg bewust dat het leuk BEGON omdat deze absoluut niet leuk eindigde. Mijn lang vastgehouden record van 297 keer met balletje is verbroken. En ik schrijf dit met veel pijn in mijn hart. We hebben elkaar deze dag meerdere keren verbroken en mijn record van 440 die dag bleef lang staan. Nadat Row even bezig was geweest kwam hij met een vreselijke glimlach terug naar het zonnebedje, 682 keer. Dit was het moment dat ik ben gestopt, ik zeg niet dat ik op heb gegeven want misschien dat ik het deze reis nog eens ga proberen. Ik kon het deze dag alleen echt niet opbrengen om 683 keer te stuiteren met balletje. De rest van de dag was niet gezellig zoals jullie waarschijnlijk zullen begrijpen. We lagen bijna in echtscheiding en Row heeft buiten geslapen deze nacht, Orbit was zelfs boos op hem. Nee, dit is een grapje. We hebben in de avond weer eens pizza gemaakt en ik heb masterchef Australia gekeken op de televisie die in de camp kitchen hing, een primeur aangezien dit waarschijnlijk pas over een jaar in Nederland op tv zal zijn.

 

De volgende dag stonden er een lange 700 kilometer op ons te wachten, de laatste lange afstand samen met Orbit. Toch wel een gek moment moet ik zeggen maar wat waren we blij toen we aankwamen in Cairns. Van te voren hadden we op onze Campermate app gezocht naar een leuke camping waar we dan ook gelijk naartoe zijn gereden. We kwamen er rond 19:00 aan toen de meneer bij de balie ons wist te vertellen dat er nog 1 plekje was: een bus plek voor 68 dollar voor 1 nacht, de andere nachten zouden we voor 29 dollar kunnen slapen maar dat ging deze nacht niet lukken. Teleurgesteld liepen we terug naar de auto. Als je een hele dag gereden hebt zit je absoluut niet te wachten op een camping die geen plek heeft of zijn laatste plekje weggeeft voor een bedrag ver boven je budget. Het begon ook nog eens te regenen, de stemming in de auto zat er niet zo lekker meer in. Row is uitgestapt en is nogmaals naar de receptie gelopen waar hij ongeveer een kwartier is binnen geweest. Met een big smile kwam hij terug, we mochten deze nacht voor 29 dollar blijven en hij had gelijk drie nachten geboekt. Vraag me niet hoe hij het gedaan heeft, misschien omdat er dit keer een jongedame achter de balie stond in plaats van de man. We waren heel erg blij en opgelucht en zijn deze dag na het eten gelijk gaan slapen vanwege de vermoeidheid.

 

De volgende drie dagen zijn eigenlijk niet echt de moeite waard om te beschrijven in dit verslag. We hebben ons meerdere keren versleept van het zwembad naar het ligbedje, naar de adult spa, weer terug naar het ligbedje, naar de BBQ voor een lunch, naar het zwembad, naar het ligbedje, naar de supermarkt, naar nog even bij het zwembad, naar de keuken voor het avondeten en uiteindelijk naar de campervan om te slapen. De tweede dag in Cairns zijn we Cairns zelf nog even ingereden waar we een stop hebben gemaakt bij het visitor centre om te kijken wat er in de omgeving te doen was en om informatie op te vragen over Cape Tribulation waar we nog twee dagen naartoe wilden gaan.

Dit hebben we uiteindelijk ook gedaan! Na drie vreselijk luie dagen zijn we naar het noorden gereden waar we 1 nacht en 2 dagen in Cape Trib zijn geweest. Cape Tribulation staat bekend om zijn regenwoud wat direct aan het strand ligt, overal heb je dan ook mangrove bossen aan het strand, een heel bijzonder beeld om te zien. De weg ernaar toe was al een bezienswaardigheid op zich, langs de lange, mooie kust rijd je in anderhalf uur naar de ferry die je (na een uur wachten en kaarten in de auto) brengt naar Cape Trib zelf, waar we die dag rond 15:00 aankwamen. We hebben twee mooie wandelingen gemaakt bij twee verschillende boardwalks door de mangrove gebieden. Erg leuk, ik had zelf nog nooit zoiets gezien. Nadat we bij een ijsjesmaker zijn gestopt en heel lekker, bijzonder ijs hebben gegeten, zijn we naar de camping gereden die midden in Cape Tribulation ligt en die we de dag daarvoor hadden geboekt.

De camping lag aan het strand wat ons een perfecte plek leek om de laatste fles wijn op te drinken die we nog steeds uit de Barossa Valley hadden bewaard voor een belangrijk moment in Australië. We zijn op tijd gaan eten zodat we nog een lange tijd op het strand konden genieten van een kampvuur met de zee op de achtergrond en de heerlijke fles wijn die de avond niet zou overleven. Dit is echter iets anders gegaan. Na het eten kwam er een hele sterke wind opzetten die ons idee volledig verpest heeft door ons aangemaakte vuur steeds weer te doven. We zijn ongeveer anderhalf uur bezig geweest met het bouwen van muurtjes om het vuur heen maar helaas mocht het niet baten en hebben we het na een tijd opgegeven waarna we naar de keuken zijn gegaan om te kaarten. Toen het even later ook nog begon te regenen wisten we dat we uiteindelijk een goede keuze hadden gemaakt, hoe jammer het ook was.

De ochtend daarna hebben we nog een boardwalk gedaan, deze was weer heel anders dan de twee die dag daarvoor waardoor het toch leuk blijft om dit te doen! We zijn bewust vroeg vertrokken omdat we rond 11:00 bij de ferry moesten zijn die ons terug heeft gebracht naar de andere kant van het water. In plaats van terug te rijden naar Cairns zijn we een klein stukje doorgereden naar Bruce Belcher, de wereldberoemde, enige echte. Kennen jullie hem niet? Echt niet?! Nog nooit van gehoord? Dit kan kloppen, wij ook niet. Bruce Belcher runt een bedrijfje die kleine riviertochten organiseert om je een uur te verwennen met het zien van krokodillen, want jawel, we waren weer in het krokodillen gebied.

 

Voor een leuke prijs hebben we een tocht van een uur geboekt en we hebben dan ook absoluut waar gekregen voor ons geld. Totaal hebben we 5 krokodillen gezien, ook nog eens van super dichtbij. De boot kon heel dichtbij komen omdat ze allemaal aan de kant lagen vlak naast het water waardoor we ze goed konden zien en goede foto's konden maken. Het blijven wel echt hele gave dieren, echt dinosaurus-achtig. Het is griezelig om ze van zo dichtbij te zien, vooral omdat ze wild zijn maar het is wel heel gaaf omdat het op niet veel plekken mogelijk is om ze zo te zien. Na de tocht hebben we een pie gegeten, de laatste van Australië en zijn we langzaam teruggereden naar de camping in Cairns.

 

En nu zitten we in Lombok en is er die dagen daarna nog heel wat gebeurd. We zijn uiteindelijk 20 juli uit Australië vertrokken en ik moet zeggen dat dit toch een beetje vreemd voelde. We hebben de laatste dag doorgebracht met Orbit en hem verwend door hem lekker te douchen en te stofzuigen zodat hij er weer keurig uitzag toen we hem moesten inleveren. Australië was geweldig en het is echt een wereld apart, waarschijnlijk ook omdat het zover ligt van alles en iedereen. We hebben mooie herinneringen opgebouwd en dit sluit je wel af wanneer je het vliegtuig de opstijgbaan voelt loslaten. We vlogen in de avond, op 20 juli, en hadden natuurlijk te maken met tijdverschil in het vliegtuig. Dit zorgde ervoor dat ik uiteindelijk 3 keer jarig ben geweest in het vliegtuig! Ik, altijd zo blij als een kind als ik jarig ben, kreeg tot drie keer aan toe felicitaties van Row wat me nog blijer maakte dan ik stiekem al was. Rond 01:00, Balinese tijd, zijn we op het vliegveld geland waar we eerst in de mega lange rij voor de douane hebben moeten wachten op onze stempel in het paspoort. Ik ben gek op stempels in mijn paspoort dus vond het dan ook leuk dat er een stempel in stond met de datum van mijn verjaardag. Na de douane moesten we alsnog wachten op de koffers waarna we eindelijk weg konden lopen op zoek naar een taxi. Op het moment dat we de deuren doorliepen stonden er gelijk duizenden mannetjes die vroegen of we een taxi wilden. Zo snel als we konden liepen we bij ze weg tot we ineens werden verrast door Rob en Rachelle, waarvan het plan al was dat we ze in Bali zouden ontmoeten, maar wel pas in de hotelkamer en niet op het vliegveld! Een ontzettend leuke verrassing en een heel vertrouwd gevoel omdat je na zo'n lange tijd eindelijk weer bekenden ziet en daar gewoon Nederlands mee kunt praten! Knuffels volgden en met een taxi zijn we met zijn vieren naar ons hotel gereden waar de volgende verrassingen op mij stonden te wachten. Onze hotelkamer was helemaal versierd met slingers en op het bed lag een grote roze enveloppe met een lieve verjaardagskaart vanuit thuis. Van Rob en Rachelle kreeg ik een grote roze opblaas flamingo voor in het zwembad, wat voelde ik mij jarig! Na alle cadeautjes zijn we aan de praat geraakt wat we om 03:00 ofzo maar hebben gestopt, als je elkaar al die maanden niet gezien hebt kan je wel blijven kletsen maar we hadden nog 10 dagen voor de boeg dus hadden we tijd zat. Na het kletsen hebben we nog kunnen genieten van een heerlijke regendouche (wat een luxe) en zijn we binnen een minuut volgens mij in slaap gevallen op ons heerlijke, dikke, warme bed (nog meer luxe!).

 

En toen was het dan echt officieel 21 juli en was ik nog steeds jarig! In de ochtend kreeg ik een kaartspel cadeau wat we met elkaar konden spelen en als ontbijt heb ik mezelf getrakteerd op een lekkere nasi goreng. We hebben de hele dag gekletst en zijn verder in het zwembad geweest, ik op mijn opblaasflamingo, Rob, Rachelle en Row zwemmend in het water of zittend op de barkrukken die in het water stonden. Een mega relaxte sfeer. Tijdens het skypen met thuis moest ik uit het niets stoppen toen Rob met een grote verjaardagstaart aan kwam lopen; en ik nog wel denken dat alle verrassingen voorbij waren! We hebben zitten smullen met elkaar, uiteraard onder het genot van de eerste cocktail die dag (niet wetende dat er nog zoveel zouden volgen) en zijn daarna nog een tijdje in het zwembad geweest. In de lift terug naar onze hotel kamers is er (voor de zoveelste keer die dag) keihard gezongen en toen ik aankwam in de hotelkamer was er weer een verrassing. Op mijn bed lagen allemaal mega grote ballonnen, wat voelde ik mij blij! Met een big smile bedankte ik de drie gekkies die bij mij waren deze dag, ik had niet gedacht dat ik me zo jarig zou voelen deze dag omdat de reis op zich natuurlijk al een verjaardagscadeau was.

De avond viel en met zijn vieren zijn we naar het strand gelopen vlakbij ons hotel waar we zijn gestopt bij een leuk restaurantje met zitzakken op het strand en live muziek. Er was nog een jarige op het strand en toen er meerdere cocktails op tafel hadden gestaan kregen we allebei een stukje taart met een kaarsje om uit te blazen en een shotje (mega sterke) tequila. Ik werd gefeliciteerd door alle mega lieve Balineesjes, wat was ik toch jarig. De sfeer was geweldig! De cocktails bleven komen en het werd natuurlijk steeds gezelliger, sowieso al omdat je met vrienden bent op je verjaardag en omdat je allemaal zoveel te vertellen hebt. Nadat ik op de terugweg nog in een zwembad ben gaan zwemmen van een hotel wat niet de onze was en nadat we even later met zijn vieren nog in ons zwembad hebben gezwommen (ook al was deze gesloten) lagen we, veel te laat, op bed, na een geweldige dag.

Het opstaan de volgende dag ging wat moeizamer, maar de herinneringen van de dag daarvoor maakten alles goed. We hoefden gelukkig niet naar werk deze dag dus we zijn lekker uitgebrakt bij het zwembad, ik wederom op mijn mooie flamingo.

 

Toen was het 23 juli en zijn we, vraag me niet hoe we het gedaan hebben, in 3 uur tijd van het hotel in Bali met de taxi naar het vliegveld gegaan, gevlogen naar Lombok en met de taxi aangekomen in ons hotel op Lombok. Mega snel en een fijne aankomst in ons mooie hotel in Lombok waar we nu, 24 juli, nog steeds zijn. Vandaag hebben we een scooter gehuurd voor de komende dagen zodat we wat vrijheid hebben om de omgeving te verkennen. Er worden een hoop balletjes overgegooid in het zwembad door de jongens (Rachelle en ik zijn allebei blij dat we onze mannen eindelijk eens met elkaar achter kunnen laten en het over meiden dingen kunnen hebben, ''heb je dat boek nog gelezen?!'' ''Nee nog niet!'' ''Oh je mag hem wel lenen!'') Het is echt ontzettend gezellig. De komende dagen zijn we nog in Lombok en over een paar dagen zullen we naar de Gili's vertrekken waar we nog een paar dagen met Rob en Rachelle zijn en daarna de laatste 3 weken zullen gaan vervullen. De tijd vliegt nog steeds vreselijk hard, maar wat voelen we ons gelukkig en wat hebben we het naar ons zin. Ik, we, willen nog even niet denken aan het moment dat we naar huis vliegen en genieten nog van iedere dag (behalve de dagen dat Rowan mij verslaat met spelletjes maar daar hebben we het verder niet meer over).

 

Tot het volgende verslag en heel erg bedankt weer voor het lezen. Veel liefs van ons.

Reactie schrijven

Commentaren: 5
  • #1

    Yvonne (maandag, 24 juli 2017 16:51)

    'Bruine haarbol', 'pluizebol', 'onze skipper', 'theemutsje', 'de chinezen achterin de bus gepropt'.........ik heb echt moeten lachen. Wat hebben jullie een plezier, lol, ervaringen, vervelingen en irritaties (verliezen van Rowan ;-) ) samen. Mooi om te lezen en te weten dat jullie het samen zo goed hebben op deze prachtige reis. Voor jullie gaat de tijd nu te snel, snap ik, maar ik vind het weer heel fijn om jullie over een paar weken weer in het 'echie' te zien. Lieve schatten geniet nog met volle teugen van jullie laatste weken. Dikke knuffel xxx

  • #2

    H@k (maandag, 24 juli 2017 17:18)

    Lieve Lau en Row,
    Ook voor mij was het weer smullen van jullie verhalen.
    De wombat zal ook ik nooit meer vergeten! De laatste 4 weken (min een dag) zijn aangebroken. nog even met z'n vieren en dan nog drie weken samen. Linda's van Rijn genoeg om te lezen toch.....? Geniet!!

  • #3

    Marijk (dinsdag, 25 juli 2017 08:53)

    Die Row met z'n wombats, geweldig! Mooi verslag weer, blijft hilarisch maar wat een fantastisch avontuur weer! Zoveel doen, zoveel zien, zoveel beleven....wauw! Nu heerlijk met R&R in Lombok, hoe fijn! En voor ons ook want jullie zijn weer 2 uur dichterbij! Jullie kunnen en willen nog vast niet denken een 19-8 maar oh jongens wat kijk ik er naar uit! Dikke kussen en stevige knuffels! <3! �

  • #4

    Hans (dinsdag, 25 juli 2017 20:27)

    Lieve Lau en Rowan,
    Ik heb het al vaker gemeld maar ik ben echt jaloers op jullie. Al dat moois van de natuur en al het wildlife wat jullie tegenkomen.. Man man man, wat mooi.
    Ik moet zeggen dat ik wel elke keer als ik jullie blog lees een gedeelte van die ervaringen ook meemaak.
    Niet echt natuurlijk, maar als ik mijn oogjes sluit kan ik het me een beetje voorstellen.
    Nog een paar weekjes luitjes en dan zit het erop.
    Blijf genieten !!!
    Dikke verjaardagsknuffel voor Lau ��� en een hug voor Rowan ����

  • #5

    Dad (woensdag, 26 juli 2017 12:59)

    Competitie Strijd,

    He liefjes
    Hier weer een bericht van mij.
    De competitie strijd kom ik zo op terug!
    Eerst even dit,WAT EEN REIS!!!!
    Wat moeten jullie straks wennen na al dat moois wat jullie gezien hebben.
    Wat een gaaf verslag weer zo leuk hoe jullie schrijven.
    De Dierentuin van Steve ,geweldig om te lezen over Row en zijn Wombat ervaringen! Ik zie het zo voor me super!
    De wereld beroemde krokodillen show ook super vet. En natuurlijk weer de gevaarlijk uitkijkpuntjes even noemen op Hell's Gates
    Oh oh oh goed dat ik alles maar niet zie!
    De Campeerpartijen op de mooiste locaties , de zelfgemaakte pizza's heerlijk om jullie te zien genieten.Dit was even over een stukje uit jullie verslag.
    Ja en dan nog even over de Competitiestrijd, zoals iedereen wel heeft kunnen lezen maken jullie bijna overal een spel van, waar natuurlijk een winnaar uit moet komen, is het wie ziet de eerste Kangaroe of wie blijft het langst op de opblaas figuren in het zwembad , het kaarten of het hilarische balletje hoog houden dat was nog leuk, maar het gaat nog verder! Wij nemen daar ook vaak deel aan , denk het scrabbelen met Marijk waar natuurlijk ook altijd een winnaar uit komt , ik noem geen namen ! De eerste wilde beesten spotten in Afrika, zo hebben jullie ook altijd met mij een competitie voor wat betreft de mooiste FOTO! En helaas moet ik tot mijn spijt toegeven dat ik heel lang aan kop ging met mijn Luipaard , Ok Lau jouw giraf was ook mooi Haha , maar wat een Geweldige foto van de walvisstaart!!!!
    Hierbij zet ik mezelf op een gedeelde tweede plek met Lau haar giraf! Het water dat er zo mooi af loopt super!!!
    Maar Tuurlijk het is een strijd maar op deze manier verlies ik hem graag! En gun jullie al dit moois!Maar had hem wel graag zelf willen maken !
    Nog een paar weekjes genieten weer van al het moois maar ondertussen zeer bekend , het meest van elkaar!

    Xxx Dad

The Northern Territories

Lieve lezers,

 

We hebben begrepen dat het in Nederland inmiddels heerlijk weer is dus; pak een cocktail, een ijsje, een glas cola of een glas wijn met ijsklontjes en enjoy!

 

We leven nog, nadat we duizenden kilometers door de Outback zijn gereden, een kangaroe ontweken hebben, de verveling overwonnen hebben en ontzettend veel kaartspelletjes hebben gespeeld, zijn we nu aangekomen aan de oostkust.

Een kleine drie weken geleden kwamen we aan in Alice Springs, na een lange dag rijden vanaf Kings Canyon. Na de nacht doorgebracht te hebben op de G'day Mate camping, hebben we ons 's ochtends bevoorraad  bij de supermarkt en zijn we langs de sleutelmaker geweest. Een nieuwe autosleutel maken, wat kon dat nou kosten? De sleutelmaker was helaas niet aanwezig, maar zijn assistent wist ons te vertellen dat dit een schamele 155 dollar ging kosten (110 euro), gelukkig zijn we verzekerd! We besloten voor alle zekerheid maar even contact op te nemen met Spaceships, om te vragen of deze prijs een beetje redelijk was. Geen probleem vertelde de mevrouw aan de telefoon, dit was een hele normale prijs voor een sleuteltje, het geld zou binnen twee dagen weer op de rekening staan.

Tevreden hebben we de dag doorgebracht 'iets' ten westen van Alice Springs (zo'n 250 kilometer), in de Western Macdonell Ranges. Hier hebben we onze tijd gespendeerd aan wat bezoekjes aan de Glen Helen Gorge en de Ormiston Gorge, twee wateren gelegen tussen hoge rotswanden. Geen vervelende locatie om de middag door te brengen.

 

's Morgens zijn we vertrokken, via nogmaals de sleutelmaker, richting het noorden. Met onze nieuwe sleutel op zak en een bon van $155 dollar reden we richting Tenant Creek, zo'n 550 kilometer ten noorden van Alice Springs. De enige 'highlight' van deze dag waren de Devil's Marbles, grote ronde keien die langs de snelweg lagen. We hebben zo'n 10 minuutjes rondgekeken, maar zijn vervolgens weer vlug onze weg vervolgd. Eind van de middag arriveerden we in Tennant Creek. Hier hebben we nog even in het namiddag zonnetje gezeten en we zijn heeeeel sportief geweest (ja, dit kunnen we nog), want we hebben namelijk overgegooid met ons nieuwe, kleine, balletje uit Alice Springs. Na het overgooien kwam Laura met een nieuw spelletje waar uiteraard weer een fanatieke wedstrijd uit ontstond. Het spel is heel eenvoudig: men neme het balletje (iets groter dan een tennisbal, die te gebruiken is in het water), en probeert deze  op zijn vuist hoog te houden. Hierbij is het de bedoeling dat de vuist slechts in verticale toestand verkeerd. Het balletje raakt dus alleen de duim en de wijsvinger aan, heb je hem nog? Het doel is om hem zo vaak mogelijk op deze zijde van je vuist te laten stuiteren zonder dat hij een ander lichaamsdeel, voorwerp of de grond raakt. De tussenstand (en Laura kijkt ondertussen met een grote glimlach), is momenteel 297 keer stuiteren voor Laura, 192 keer voor Rowan. Jullie moeten weten dat het de bedoeling dat dit verslag al een paar dagen terug online kwam te staan, maar ik wilde eerst het record verbroken hebben voordat het verslag online kwam, helaas voor mij, gelukkig voor Laura, kon ik er niet langer omheen.

 

Goed, back to business. Tennant Creek was verder niet heel bijzonder en volgens de locals was het niet heel veilig om in de avond de straat op te gaan. Dit was de rede dat we vroeg naar bed zijn gegaan om in de ochtend vroeg te vertrekken naar Mataranka. De dag daarop zijn we dus om 9 uur vertrokken en hebben we nog zo'n 5 uur moeten rijden voordat we bij de Mataranka Homestead waren, welke was aanbevolen door Australiërs die we eerder hadden ontmoet. We werden blij bij aankomst, Laura vooral aangezien de camping gelegen lag in het Elsey National Park dat bekend staat om de hot water springs. Er stonden veel palmbomen, het zonnetje scheen en het was een bebost gebied achter de campingplekjes. We hebben gekozen voor een plaats vlakbij de ingang van de hotsprings onder de bomen en met een kampvuur plekje. Nadat we ons plekje hadden opgezet zijn we naar de hotsprings gegaan die op de camping lagen. Het was buiten nog wat frisjes dus het water voelde warm aan (34 graden) totdat we eruit moesten. De hotsprings zijn natuurlijke warmwaterbronnen die in het regenwoud liggen, het water is sprankelend helder en ruikt wel een beetje naar zwavel, maar ach. Na een uurtje zijn we weer terug gegaan en zijn we in het bos gaan zoeken naar hout voor op het kampvuur. Laura de stokjes, ik de boomstammen……  Hierbij hadden we de eerste kennismaking met de kleine bewoners in het bos, wannabe kangaroes (wallabees) hupsten vrolijk door de bosjes en leken zich niet veel aan te trekken van onze aanwezigheid. De tussenstand met het zien en vinden van 'wildlife' staat inmiddels op 23-19 (wederom in Laura's voordeel). Nadat we eind van de middag een drankje op het terras hebben gedronken hebben we 's avonds een heel mooi kampvuur gemaakt waarbij we bezoek kregen van onze kleine vrienden, dit keer een moeder met haar baby, heel bijzonder om ze zo dichtbij te zien.

 

De volgende dag zijn we verder het Elsey National Park in gegaan naar de Bitter Springs. Bij deze warmwaterbronnen is het de bedoeling dat je met je 'noodle' (zo'n piepschuim lange staaf) door de Bitter Springs afdrijft. Ondertussen kun je genieten van de prachtige natuur en alle (grote) spinnen die langs de zijkant of soms zelfs boven het water hangen. We hebben hier enige uren rondgehangen en gepraat met verschillende Australiërs, waarvan sommige oorspronkelijk Nederlands waren. Halverwege de middag zijn we teruggekeerd naar de camping, waar ik op het illustere plan kwam om 's avonds pizza te maken boven het kampvuur. De opstelling was nog niet helemaal duidelijk, aangezien er geen faciliteiten waren om een rooster boven het vuur te hangen. Het werd enigszins improviseren, ik vond twee hoge stukken hout in de bossen en de oven uit de keuken had nog een los rooster liggen. Het werd een bijzondere constructie, maar het zou een heerlijke pizza opleveren, zo dachten we. Het deeg werd wederom voorbereid, er werd veel energie gestopt in het maken van de ingrediënten voor op de pizza en na anderhalf uur wachten op het rijzen van het deeg, was het zo ver. De eerste, prachtig belegde, pizza, ging boven het vuur. De spanning steeg, terwijl er nog snel extra hout gezocht werd om het vuur aan te houden. Helaas, onze kleine onhandigheid (ik noem geen namen), struikelde en stootte de stellage aan, waarop de pizza in het vuur verdween. Gebakken was hij zeker, eetbaar helaas niet meer. We hadden nu nog één pizza over. We besloten het in de oven te proberen. Helaas, nog een fiasco volgde. De oven had slechts twee grillstanden, een aan de onderkant, de ander aan de bovenkant. Er kon maar één stand tegelijk aan, hadden we dat maar van te voren geweten. Onze pizza had ditmaal een zwarte onderkant en een nog niet gebakken bovenkant. We besloten uiteindelijk maar op te geven, een frietje te halen en hebben er wat hamburgertjes bij gebakken. Vervolgens hebben we nog een tijdje bij het vuur gezeten, voordat we naar bed zijn gegaan.

 

's Ochtends was de tijd aangebroken om weer in te pakken en verder te gaan. Ik heb nog een frisse ochtendduik gemaakt in de hotsprings, Laura heeft zich nog een keer omgedraaid in bed. Rond 10 uur zijn we vertrokken naar Katherine, wat zo'n 1,5 uur rijden was. In Katherine hebben we camping gevonden vlakbij het Nitmiluk National Park, naast Katherine Gorge. We waren redelijk op tijd, dus we hadden de mogelijkheid om nog even te zwemmen in het zwembad en te relaxen. Het zwemmen was alleen weggelegd voor echte mannen, aangezien het zwembad kouder was dan de vriezer in het gemiddelde huishouden van Nederland. Rowan heeft het ongeveer 30 seconden volgehouden, Laura is niet verder gekomen dan haar grote teen.

De ochtend erop zijn we Katherine Gorge ingegaan. Een stevige, maar redelijk korte klim bracht ons naar de bovenkant van de kloof, vanwaar we een tijdje hebben genoten van het prachtige uitzicht en het water beneden. We hebben een stukje langs de kloof gewandeld, alvorens rechtsomkeer te maken, terug naar beneden. Rond 11:00 zijn we doorgereden, hebben we nog wat boodschappen gehaald bij de supermarkt en hebben we vrijwel de hele dag in de auto gezeten, op naar de volgende bestemming. 's Avonds hebben we een stop gemaakt in Adelaide River, op een zeer groene camping langs de weg.

De dag erop zijn we wederom verder gereden richting het hoge noorden en hier veranderde het landschap en ook de temperaturen. Zeer tropisch en enorm vochtige lucht kwamen ons tegemoet toen we Litchfield National Park binnenreden. We hadden van het lokale toeristencentrum te kennen gekregen dat de campings in het park zeer mooi gelegen waren en we zorgden dan ook dat we op tijd op bestemming waren. Via de Magnetic Termite Mounds, termieten bergen met hoogtes van bijna 3 meter, reden we naar de Florence Falls Campground. We vonden één van de laatste plekjes, maar schoven al snel op naar een grote plaats, toen we wat mensen zagen vertrekken. De camping ligt op een heuvel met uitzicht over een vallei. Het was redelijk beschut tussen de bomen en er was wederom een vuurplaats aanwezig, ditmaal met aangebouwde stalen kookplaten, ideaal! Jullie raden het al, het pizza fiasco moest recht gezet worden en dit was de ultieme gelegenheid. We besloten twee nachten te blijven en zijn dezelfde middag nog richting de Florence Falls gewandeld. De watervallen hadden twee uitzichtpunten, van de bovenzijde en van beneden. We hebben het eerst van boven bekeken en zijn even later naar beneden gewandeld. De watervallen zelf zijn adembenemend, met de geweldige massa's water die naar beneden denderen. Eenmaal beneden aangekomen was er ook de mogelijkheid om te zwemmen in de wateren onder de waterval. Hier hebben we, om te ontsnappen aan de inmiddels 30 graden buitenlucht, een frisse duik genomen en lekker gezwommen. Bij het betreden van het water dacht ik Laura, die achter mij liep, nog even in haar been te knijpen. Zonder te kijken bewoog ik mijn arm naar achter en kneep ik in haar been. Toen ik omkeek om haar reactie te peilen, zag ik ineens een heel ander gezicht voor me. De jonge dame schrok ervan, maar kon de lol er wel van in zien toen Laura vlak achter haar volledig dubbel gevouwen lag van het lachen.

's Avonds ben ik nog even teruggegaan naar het uitkijkpunt om wat foto's van de waterval te nemen. Dit was echter niet voor lange duur, aangezien we hier voor het eerst werden geconfronteerd met misschien wel het meest gehate insect dat leeft in vochtige gebieden bij wateren, de mug.

Op de camping viel het gelukkig mee, dus we besloten maar niet te dicht bij de watervallen te komen na zonsondergang.

We hebben die avond gelukkig nog lang buiten kunnen zitten en vooral kunnen genieten van een ongelooflijk mooie sterrenhemel die verscheen boven dit donkere park. We hadden die middag nog een stuk watermeloen verorberd en omdat er geen prullenbakken aanwezig waren op de camping, wilden we de schillen liever buiten bewaren in plaats van in een vuilniszak. Ik besloot de schil op een grote steen te leggen. We kregen wat bezoek van wat kleine vogeltjes die de laatste restjes uit de schil pikten.

De volgende dag werden we wakker en tot onze grote verbazing was de hele schil verdwenen. Nu kun je denken dat die vogels honger hadden, maar de kans dat een vogel ter grote van een duif een halve watermeloen meeneemt, leek ons klein, tenzij hij zichzelf had willen begraven onder de schil. Maargoed, we zouden dit later eens testen met onze andere halve watermeloen.

Vervolgens zijn we naar de Buley Rockhole geweest, een watervalletje met twaalf plateaus, waar op ieder plateau gezond kan worden terwijl je in het water ligt. Het is er heerlijk vertoeven in de natuur al kijkend naar jan-en-alleman die voorbij komen. Halverwege de middag zijn de weer naar de camping gegaan. Hier begon ons volgende avontuur met het pizzadeeg. Dit keer met meer succes, de stalenplaat voldeed aan de verwachtingen en boven ons nieuwe kampvuur ontstonden zeer smakelijke pizza-twists, we konden het dus nog steeds! We hebben tevens de andere halve watermeloen opgegeten en de gigantische schil weer op dezelfde steen gelegd, onze val stond op scherp.

's Avonds, toen we al in bed lagen, was het zo ver. Geritsel.. toen weer stilte, weer geritsel. Het was aarde donker buiten en zelfs met de zaklamp was er weinig te zien buiten vanuit de auto. Het duurde niet lang voor er een doffe klap volgde en het geritsel in de bosjes verdween. De watermeloen was wederom weg, er was geen spoor van de dader.. Enigszins speculerend over wat het zou kunnen zijn, hebben we uiteindelijk opgegeven en zijn we gaan slapen.

 

Door de warmte waren we de volgende dag vroeg op. We besloten nog wat bezienswaardigheden in Litchfield te bezoeken, zoals Wangi Falls, de highlight van Litchfield. Dit is de hoogste waterval in het park en ligt gelegen in een rustige omgeving. We hebben hier een tijdje door de bush gelopen en genoten van de uitzichten, voordat we in de auto gestapt zijn richting onze meest noordelijke locatie van Australië, Darwin. Darwin is de hoofdstad van The Northern Territories, maar het oogt nog altijd als een redelijk kleine stad. Het is zeer beroemd om de Mindil Markets, waar op donderdagavond en zondagmiddag allerlei voedsel- en souvenirkraampjes uitgestald staan. We arriveerden echter op een dinsdag, dus we moesten een paar dagen wachten tot dit plaats zou vinden. We verbleven op de Hidden Valley Campground, dat op zo'n 15 minuten rijden (of 30 met de bus) van de stad lag. Na onze eerste nacht te hebben doorgebracht, zijn we 's ochtends met de bus naar de stad gegaan, waar we de dag hebben doorgebracht in de Darwin Lagoon. Dit is de uitgelezen plaats om te kunnen zonnen en jezelf te vermaken met het kijken naar mensen die op een soort wipe-out springkussen de gekste uitdagingen ondergingen. We hebben in de namiddag een heerlijke witte wijn gedronken en wat gesnackt bij een barretje aan de boulevard, voordat we met de bus terugkeerden naar de camping. De dag erop zijn we vooral lui geweest en zijn we dus 's avonds naar de Mindil Markets gegaan. Dit was de perfecte kans om voor een redelijke prijs eens goed te eten en dat hebben we gedaan. Omdat Darwin ontzettend dicht bij Indonesië (en Azië in het algemeen) ligt, waren er tal van Aziatische etenskraampjes aanwezig. We hebben ons volgepropt met loempia's en zijn vervolgens verder gegaan met een combi van Chinese en Indonesische gerechten. Tot overmaat van ramp was er ook nog een crèpe-kraampje, waar ik ook niet omheen kon. Laura vond nog een prachtig zilver ringetje en aangezien haar vingers nog niet vol zijn, kon deze ook niet achterblijven. Volgepropt en wel hebben we een hele leuke avond gehad, die gepaard ging met een prachtige zonsondergang aan het strand.

 

Met een goed gevoel lieten we Darwin in de morgen erna achter ons en vervolgden we onze tocht richting het meest bekende natuurpark in het noorden van Australië, Kakadu. Kakadu is tevens het grootste nationaal park van Australië en er is ontzettend veel te zien. Het is een gigantische omgeving met vele uitgstrekte bossen, moerassen, gigantische vlaktes en prachtige uitkijkpunten, maar ook de plaats waar de zoutwaterkrokodil woont, welke ongeveer 6 meter kunnen worden.

 

Vanuit Darwin zijn we een heel eind gereden richting Ubirr, het meest noordelijke deel van Kakadu. In deze omgeving ligt ook 'Cahill's Crossing', waar regelmatig zoutwaterkrokodillen gespot worden. Toen we op de locatie aankwamen, hebben we eerst een campingplek gezocht op de Merl Campground, wat een beetje gelijkend oogde aan de camping bij de Florence Falls in Litchfield enkele dagen eerder. Daarna zijn we meteen naar de krokodillenplaats doorgereden. Het was al rond 16:00 voor we hier aankwamen, dus we hadden niet heel veel tijd meer voor de zon onder zou gaan. Laura was iets minder optimistisch over het zien van zo'n krokodil, zeker toen we bij aankomst zagen dat er minstens 10 vissers half in de rivier aan het vissen waren. Wie doet dat nou, vissen waar krokodillen zitten?

Een lokale visserman wist echter te vertellen dat er een week eerder een visser was verorberd door een krokodil. We besloten voor alle zekerheid toch maar boven te blijven staan en wachtten rustig af of er wat te zien zou zijn. Het leek tijdverspilling, totdat we uit het niets iets aan de overzijde van de rivier zagen liggen, jawel de eerste krokodil was gespot. Het was vrij lastig te zien door de afstand en hij zag er, mede door zijn inactieve houding, ook niet per direct zeer agressief uit. Niet veel later zag onze kleine dierenspotter met blond krullend haar echter nog iets uit het water omhoog komen, ditmaal aan onze kant van de rivier. Vrij onopvallend, maar zeker aanwezig, verschenen er twee ogen en een enorme bek boven water. We schrokken en waren redelijk verrast hoe onopvallend het beest nader kan komen zonder dat je ook maar enig idee hebt van waar het zwemt. Gelukkig stonden we op een veilige afstand en enkele meters hoger. Waarom de vissers het op deze locatie nodig vonden om te vissen is ons nog steeds een raadsel, maar blijkbaar geeft het gevaar voor eigen leven een kick om daar te staan.

Goed, een klein uurtje later zijn we doorgereden naar Ubirr, het eerste uitzichtpunt in Kakadu. Ubirr is een grote rots waar je op kunt klimmen om van boven de gigantische moerassen in de omgeving te kunnen bekijken. Het uitzicht is ongekend, het soort landschap kom je vrijwel nergens anders in Australië tegen en wij hebben een dergelijk landschap eigenlijk nog nooit gezien. Tot aan de horizon lagen moerassen met meertjes, poeltjes, heuvels en wat tropische bosjes. We hebben hier het laatste uur voor zonsondergang doorgebracht. Het leverde een aantal prachtige plaatjes op, al hebben we na zonsondergang letterlijk moeten rennen voor de zespotige insecten die ons helemaal lek prikten, al was dat nog maar het begin.

We hoorden op de terugweg naar de auto mensen met elkaar praten over het feit dat zij niet hadden kunnen koken de avond ervoor, omdat de muggen en insecten werkelijk overal waren, tot in je eten toe. Met een zwerm muggen om ons heen konden we ons hier wel enige voorstelling van maken en dus besloten we de gok maar niet te nemen om buiten te koken. We hadden gelukkig nog een stokbrood en wat dipjes ingeslagen en hebben de avonduren in de auto met draaiende motor en loeiende airco doorgebracht, om aan de hitte en muggen te ontkomen.

En toch, er komt een moment dat je moet gaan slapen. De auto de hele nacht aan laten staan is natuurlijk geen optie. In de auto slapen zonder ventilatie is met 25 graden en 100% luchtvochtigheid ook niet ideaal, zeker niet voor mijzelf, aangezien ik het boven de 15 graden al benauwd heb. Gelukkig komt onze Orbit II met een zeer vernuftige tent die over de achterklep gehangen kan worden en met elastieken en haken aan de onderzijde en zijkanten van de auto bevestigd kan worden. Zo slaap je dus alsnog in een soort van tent en toch in de auto. We hadden deze tent enkele dagen eerder al gebruikt en dit had tot op heden fantastisch gewerkt. We verplaatsten ons naar het bed in de auto en besloten de 'laatste' muggen handmatig dood te maken. Helaas is er nooit een 'laatste' mug geweest. Gezien de enorme hoeveelheid muggen die in deze omgeving aanwezig is en omdat onze tentconstructie niet helemaal hermetisch afgesloten is, werden er binnen no-time tientallen muggen gespot. Deze zullen vanwege de airconditioning zijn weggebleven, maar zodra deze uitging, waren we het ultieme doelwit. Laura heeft met doekjes de voorkant van de auto op zich genomen, terwijl ik zelf in het tentgedeelte lag. Met zo'n 25 graden, wat op het moment zelf als 45 voelde, was het achterna zitten van muggen op zich al een klus, maar het feit dat onze auto nog harder zoemde door de aanwezige muggen dan toen de motor aanstond, gaf weinig goede hoop. Toen we na zo'n 45 minuten meppen al zo'n 100 muggen om het leven geholpen hadden en nog steeds in elke hoek tenminste 10 muggen te zagen zitten, hebben we de hoop maar opgegeven. Er waren twee mogelijkheden, de tent verwijderen, de klep dicht doen en slapen in de zinderende hitte, of vertrekken. We zagen slapen in die hitte echt niet zitten, al was het inmiddels 23:00 en enigszins afgekoeld. We hebben daarom besloten weg te gaan. We hebben alle ramen opengedaan, airco wederom aangezet en zijn een stukje naar het zuiden gereden, waar minder moerassen en wateren waren. Veel commerciële campings waren al gesloten, dus we waren aangewezen op een andere openbare camping. Onderweg hadden we nog even de primeur om de enige politieauto in heel Kakadu tegen te komen, die direct zijn sirenes aanzette en ons tot stoppen maande. Wat moest dit fel oranje voertuig met twee reizigers om deze tijd nog op de weg? Ik mocht even blazen en de agenten vroegen ons enkele vragen waar we heen gingen. Na uitgelegd te hebben dat we op de vlucht waren geslagen voor muggen, konden de heren er wel om lachen en vertelden ze ons dat de desbetreffende camping bekend stond om de muggen en dat zij er zelf ook nooit zouden willen slapen. Afijn, we konden verder en vonden snel een camping langs de weg, waar het inmiddels iets koeler was en waar we ook minder muggen zagen. We hebben toch maar besloten de auto dicht te laten en zijn na middernacht in slaap gevallen.

's Ochtends waren we rond 7 uur al wakker, mede omdat we ons bed ongeveer uitdreven. Een goede nachtrust is op reis dus ook niet altijd vanzelfsprekend. We hebben snel de auto opgeruimd en zijn richting het lokale toeristencentrum gereden en hebben hier eerst een goede bak koffie gedronken om wakker te worden. Na hier een tijdje gezeten te hebben zijn we naar Nourlangie gegaan, een heilige Aboriginal bestemming met vele tekeningen die hun voorouders gemaakt hebben. We hebben hier een tijdje vol bewondering naar de prachtige muurschilderingen staan kijken, die op de rotswanden aangebracht zijn. Vervolgens zijn we omhoog gelopen, naar een uitkijkpunt, om vanaf daar weer terug te keren naar de auto. We bezochten nog een ander uitkijktpunt, waar Laura heeft geleerd wat conglomeraat is (een steensoort).

De tocht vervolgde richting Cooinda, een resort en camping wat zuidelijker in Kakadu. We waren nog redelijk moe vanwege de korte nacht en aangezien hier een heerlijk zwembad (en een douche) aanwezig was, besloten we hier ons kamp op te zetten. Het was er zo heerlijk, dat we de dag erop besloten nog een extra nacht te blijven. 's Ochtends zijn we naar de Yellow Water Wetlands geweest, waar je over een houten platform door het moeras kan wandelen. Het hoogtepunt zou hier het zien van krokodillen zijn, al waren we wederom wat sceptisch over het zien van deze monsters, mede omdat we van verschillende mensen gehoord hadden dat de enige plek waar ze gezien worden bij Cahill's Crossing was. Wat we wel direct zagen was een prachtige omgeving, waar het enige wat de stilte onderbrak een gigantische zwerm witte kakatoes was. Verder waren er nog zeker 10 andere vogelsoorten die we hebben gezien, al weten we van vele de namen niet. Op de terugweg was het wederom raak voor onze krullenbol, uit het water verscheen wederom een hoofd en even later ook een heel lichaam van een behoorlijk grote krokodil. Net als twee dagen eerder was het bijna eng om te zien hoe snel ze boven komen en ook weer verdwijnen. We hebben de krokodil een half uurtje gevolgd terwijl hij bovenkwam en weer onderging, voordat we hem uit het zicht verloren. Toen we besloten verder te gaan, was het echter mijn beurt. En zoals wel eens wordt gezegd, als je iets doet, kun je het beter goed doen. In de verte zag ik een krokodil van enorme omvang. Zelfs van de afstand waar wij stonden was hij groot en bijzonder indrukwekkend. We renden naar een piertje waar boten vertrokken (met hekje eromheen) en hebben ook deze krokodil een tijdje gevolgd.

 

Na het krokodillen en vogel spotten zijn we naar een Aboriginal centrum geweest waar vele gereedschappen, schilderingen en verhalen bewaard zijn gebleven. Het was erg interessant om eens te lezen wat deze mensen allemaal betekend hebben voor het landschap en hoe hun cultuur in elkaar steekt. In de middag hebben we nog wat bij het zwembad gelegen, mede omdat het zo'n 33 graden was en dat niet direct uitnodigde tot veel activiteit.

 

Toen begon onze grote trip, na onze tweede nacht in te hebben doorgebracht in Cooinda, vertrokken we uit Kakadu, om de nog kleine tweeëneenhalf-duizend kilometer af te leggen richting de oostkust. Het eerste deel bracht ons terug via het zuidelijke deel van Kakadu en Katherine, richting Mataranka. We besloten om wederom bij Mataranka te stoppen, omdat de camping zo leuk was en omdat het dicht bij de hotsprings lag. We kwamen er eind van de middag aan, zijn nog twee nachten gebleven, voordat we doorgereden zijn. De dag in Mataranka hebben we niet veel anders gedaan dan luieren, zwemmen en relaxen. Na Mataranka zijn we 750 kilometer naar het zuid-oosten gereden, waar we stopten bij de Barkley Roadhouse, midden in de outback. De weg tussen Mataranka en Barkley Roadhouse is niet erg bijzonder, los van het feit dat het ontzettend indrukwekkend is hoe enorm groot Australië is, iets wat ons de dagen erna nog meer duidelijk werd. Je kunt hier echt letterlijk 7,5 uur rijden en niets anders zien dan oneindige vlaktes met wat bosjes en zand. De dag erop zijn we doorgereden naar Mount Isa, zo'n 450 kilometer verder vanaf de Barkley Roadhouse. Mount Isa is een iets grotere stad in het midden van Outback Australië en ligt nog bijna 1000 kilometer van de oostkust af. We vonden een camping in het stadje, konden wat boodschappen halen en kregen voor een zeer schappelijke prijs (omdat de jongedame niet zo goed kon terugrekenen vanaf 50 dollar en ons zo te veel geld teruggaf) een plekje met een privé badkamer aangeboden, wat wel even lekker was na dagen in de auto gezeten te hebben. Er was helaas bar weinig te doen in de omgeving en volgens de dame was er ook geen wifi aanwezig. Geluk bij een ongeluk viel mijn oog op een lijstje met wachtwoorden die op haar receptie-desk lag, waaronder de kantoor-wifi (heel handig om die in het zicht te leggen). Terwijl de jongedame lekker aan het zoeken was naar een verlengsnoer om onze apparaten aan op te laden, heb ik heel brutaal even een fotootje gemaakt, waarna we ineens toch toegang hadden. Echt nodig was het niet, aangezien deze camping klaarblijkelijk niet bezet was met de meest snuggere mensen. Een van onze buren had een wifi-apparaatje aangeschaft met zeer goed werkende wifi, maar had deze niet beveiligd. Hartstikke leuk en het leek mij handig om dan ook maar meteen de telefoon weer eens een update te geven. Helaas had de beste persoon slechts een beperkte databundel aangeschaft, wat er voor zorgde dat deze bundel na het updaten de meeste van mijn apps ook volledig opgebruikt was. Best sneu, zeker gezien het feit dat een nieuwe bundel ongeveer $40 kostte, oepsie.

 

De saaie middag zijn we uiteindelijk doorgekomen met wat internetten, kaarten en gezellig kletsen. We zijn op tijd naar bed gegaan om de volgende ochtend op tijd te vertrekken en zo de laatste 906 kilometer naar Townsville af te leggen. Een lange, saaie dag, die behalve een prachtige treinrails in 'the middle of nowhere' eigenlijk exact hetzelfde was als de dagen ervoor. Eindeloze uitgestrekte vlaktes met weinig begroeiing en veel zand. Pas in de laatste uurtjes, toen het donker al naderde en ook de oostkust dichterbij kwam, werd het landschap groener en wat vermakelijker. Rond 19:00 kwamen we in het donker in Townsville aan. Townsville is een grote stad en nadat we onze camping (aan het strand) gevonden hadden, hebben we ons naar de Pizza Hut gesleept en ons volgepropt met een pizza. Na 10 uur rijden en de dagen ervoor hadden we hier meer zin in dan het laatste beetje pasta met tomatensaus. We zijn uiteindelijk twee nachten in Townsville gebleven. Het is een prachtige stad met veel groen, maar het lijkt alsof het toerisme er niet echt van de grond is gekomen. Het was er wel lekker rustig op het strand, waardoor we na de eerste nacht nog een lekker stukje langs het water hebben gelopen.

En toen was het alweer gisteren. We hebben Townsville achter ons gelaten en zijn zuidwaarts gekeerd, langs de kust, richting Airlie Beach, een dorpje aan de kust en de voordeur naar de prachtige Whitsunday Islands. We hebben gisteren een redelijk goedkope camping midden in het dorp gevonden en ons georiënteerd op de mogelijkheden om deze eilandengroep te bezoeken. Het komt erop neer dat er tal van mogelijkheden zijn, die allemaal ongelooflijk duur zijn, maar ook zeker de moeite waard. Uiteindelijk zijn we vandaag tot de conclusie gekomen om een gecombineerde trip te doen. Morgenochtend om 08:00 maken we een vlucht van een uur boven de Whitsundays, waarna we om 10:00 op een boot stappen om door de eilandengroep te varen, wat alles bij elkaar een onvergetelijke ervaring moet opleveren. We kijken er ontzettend naar uit, maar dat kunnen we jullie pas in het volgende verslag vertellen, wanneer ik uiteraard ook weer voorsta met het balletjes spel!

 

Voor nu sluit ik af, de zon gaat hier onder en we gaan snel wat eten koken. We kijken uit naar jullie reacties en we laten jullie over enkele weken weer iets weten!

 

Liefs, Laura en Rowan

Reactie schrijven

Commentaren: 5
  • #1

    yvonne (maandag, 26 juni 2017 10:55)

    Wat een heerlijk verhaal weer. Er komt geen einde aan aan alles wat jullie zien, meemaken en ervaren.
    Echt geweldig en zo leuk om dit allemaal te lezen. Gelukkig zijn de krokodillen achter de rug........ nu maar lekker genieten van jullie mooie vlucht.en de mooie trip. Ben nu al benieuwd wat voor mooie plaatjes we toegestuurd krijgen. Hele dikke knuffel en kus voor allebei.

  • #2

    Ton (maandag, 26 juni 2017 12:41)

    Waanziinig mooi, maar zeer zeker een lang verhaal om door te worstelen tijdens een heet ontbijt aan een zalig zwembad in de bergen van Nerja. Mij kennende weten jullie dat ik met worstelen bedoel, dat ik na iedere 3/4 zin mijn google erbij pak om a) de locaties opzoek en b) de afbeeldingen bekijk, waar jullie steeds vertoeven. Jullie logisieke ervaringen duren ongeveer 2 1/2 uur al orens ik Yvonne weer haar benodigde aandacht kan geven, die glurend op wacht ligt en mijn genoten commentaren tijdens het lezen moet waarnemen. Voor nu kijken we weer uit naar oze life-contact via face-time en kunnen wij jullie wellicht ook onze omgevingen tonen.

    mooie reis verder xxx

  • #3

    annelies (maandag, 26 juni 2017 15:41)

    oh oh oh, wat maken jullie veel mee! het is niet te geloven! en ook wel ongelooflijk stoer, grote spinnen (ze kregen mij daar echt niet heen), krokodillen maar ook de zware momenten van muggen, hitte oneindig rijden etc. daarvoor krijgen jullie natuurlijk heel veel terug het zal een ervaring zijn voor jullie hele leven, echt leuk om te lezen! veel plezier nog en pas goed op elkaar, dikke kus! Annelies

  • #4

    Marijk (maandag, 26 juni 2017 17:31)

    Jeetje wat een kilometers! Ben zo trots op Orbid II dat hij ervoor zorgt dat jullie keer op keer weer veilig aankomen! Wat een route zeg, wauw! Ben erg benieuwd naar de balletjes stand in het volgende verslag....Lau geeft zich niet zomaar gewonnen Row dus doe je best! Ben ook blij dat jullie de Crocs achter jullie hebben gelaten maar zie nu alleen maar haaien! Kijk alsjeblieft uit, ook zij komen uit en het niets en al zitten ze vaker in het zuiden, haaien kunnen ook verdwalen of eens gek doen! Ben toch wel benieuwd wie de pizzastellage omver heeft gelopen, was jij het Lau? En ook ik had gevouwen gelegen (kan ik ook weer bijna) met Row zn "been-knijp-actie" bij Florence Falls, hilarisch! Ik denk trouwens dat jullie wel geld overhouden hoor, gevonden douchegel (volle fles), internet van jullie buurtreizigers, jonge dames die verkeerd wisselgeld terug geven....komt helemaal goed stelletje slechteriken! Enjoy guy's, maar dat doen jullie op en top zo te lezen!
    Dikke kussen, Marijk <3!

  • #5

    Hans jr (donderdag, 29 juni 2017 10:02)

    Wat blijft het toch heerlijk jullie avonturen te lezen. De schrijfstijl is zo hilarisch dat ik ook dit keer menigmaal schuddebuikend een lachaanval te verduren kreeg.
    Blijf genieten en schrijven.
    Dikke knuffel voor jullie.
    Hans jr

Wineries & the red centre

Lieve lezers,

 

There we are again! Na het vorige verhaal wat jullie hebben kunnen lezen hebben we de luxe en de ongelooflijke gastvrijheid gehad van Row zijn neef, vrouw en zoontje. Richard, Yolanda en kleine Toby. Op vrijdagavond zijn we aangekomen na een lange dag rijden door noodweer. Het huis ligt in de heuvels van Mylor, vlakbij Adelaide. Je komt door een prachtig pad aanrijden, omringt door bomen. Heel mooi en erg rustgevend. 

 

Ik had Richard en Yolanda (toen was Toby nog niet geboren) een paar jaar geleden ontmoet bij opa en oma van Kooten en had toen nooit gedacht dat ik een aantal jaren later in hun huis zou staan in Australië en ineens stond ik er, heel tof. Richard ontving ons hartelijk in tegenstelling tot Toby die hard zijn hoofdje schudde en duidelijk 'nee' zei toen Richard vroeg of wij mee mochten naar binnen. Erg lief haha. Richard heeft ons een rondleiding gegeven door het huis, wat overigens heel mooi was en nog veel elementen had van een klein oud huisje wat er ooit gestaan had. De openhaard stond heerlijk te branden dus het rook er zalig, een heel warm ontvangst, letterlijk. Na het huis gezien te hebben zijn we de 'tuin' in gegaan, een groot stuk grond van 3 hectare vol met bomen, alsof je midden in het bos loopt. Toby werd al ietsje losser doordat hij lekker kon spelen met de takjes. Toen het donker werd zijn we teruggelopen naar het huis waar Richard een heerlijk glas rode wijn heeft ingeschonken en vervolgens het avondeten voor Toby klaar ging maken. Dit was het moment dat Toby is begonnen met flirten. Flirten? Ja. Echt waar. Het mannetje wordt 10 oktober (super toevallig want dan is Row ook jarig!) 2 jaar maar wat een grote charmeur is het nu. Vanaf dit moment was het liefde op het eerste gezicht. Toby heeft 3 dagen met me geflirt. We hebben samen boekjes gelezen, we hebben een grote toren van Lego gebouwd (Row mocht hier ook mee meedoen), we hebben saampjes gewandeld en hij knuffelde maar al te graag. De blikken die ik kreeg waren hartverwarmend en daarna heel grappig omdat hij met een blik naar Row keek, zo van: "ik ga je vriendin afpakken joh". En dit is hem voor deze dagen zeker gelukt. 

 

Nadat we hebben gegeten en hebben bijgekletst met Richard, Yolanda was helaas aan het werk, zijn we naar bed gegaan. Een echt bed en geen campervan bed, zalig! We hebben deze nacht aardig wat uurtjes gemaakt. De volgende ochtend hebben we een beetje uitgeslapen. We werden wakker van een spelende Toby, weer eens wat anders dan door het licht wat je gezicht in schijnt onder de gordijntjes van de campervan door! Het was prachtig weer buiten, het zonnetje scheen vollop. Het leek Richard en Yolanda leuk om ons mee te nemen naar Handorff, een stadje met heel veel Duitse invloeden en met ongelooflijk veel sfeer. We hebben hier een ontbijtje gegeten, ik heerlijke toast met avocado, Row uiteraard pannenkoeken (3 lagen met Mayple syrup). Toby zat wederom enorm te flirten en negeerde zijn eigen moeheid, zo lief, hij vond het allemaal veel te gezellig. 

 

Na het ontbijt hebben we nog even gewandeld in de zon onder de bomen door waar de blaadjes inmiddels aardig vanaf aan het vallen zijn. De kleuren zijn ontzettend mooi: geel, oranje, rood, echte herfstkleuren maar ik ben bang dat het niet lang meer duurt voor deze allemaal op de grond liggen, de winter is echt begonnen. We zijn een winkel in geweest waar buiten een man met een grote cowboyhoed stond te zingen, een fijne sfeer. Vervolgens zijn we teruggereden naar huis waar Toby zijn middagdutje kon doen. Richard, Row en ik zijn toen nog even gaan rijden en zijn naar een mooi uitkijkpunt geweest genaamd Mount Lofty. in de omgeving staat deze plek bekend als dé place to be als je vrijgezel bent en erg sportief. Mensen rennen deze berg blijkbaar op, echt bizar zie je het mij al doen haha, om er boven vervolgens te kunnen kijken naar de andere sportieve mensen die dit ook doen. Normaal zien mensen er toch een beetje bezweet en niet op zijn best uit als ze aan het sporten zijn, dit geldt hier echter niet. Mensen, vooral de vrouwen, zagen er perfect gekleed uit, haren zaten mooi, oogjes in de make-up, haha, een hele andere manier van sporten! Maar ze rennen wel mooi de berg op... 

 

Na dit leuke uitstapje zijn we weer terug gereden naar huis waar Yolanda bijna naar werk moest. Toby kwam rond 15:00 weer uit bed en we hebben de rest van de middag heerlijk, ouderwets gerelaxt. Ik vond het heel fijn! Lekker met Toby spelen, heerlijk op de bank zitten met een glas wijn, de kaart van Australië gepakt om een klein beetje te kijken waar we de volgende dagen naartoe zouden gaan, echt prettig. Een heerlijke zaterdagmiddag zoals je die thuis ook zou kunnen hebben. Aan het eind van de middag hebben we pizza gemaakt! Row en ik doen dit in Nederland eigenlijk vrijwel altijd zelf maar dit blijkt, volgens Richard, voor niet veel Nederlanders te gelden. Hij beweerde daarom dan ook dan zijn pizza's beter zouden smaken dan die van ons, maar! Hij is er op terug gekomen! Ze waren super lekker en het is altijd heel gezellig om dit met elkaar te maken. Toby hield het bij spaghetti bolognese en vond de pizza maar niks, wij hebben zitten smullen. Toen was het weer tijd voor Toby om in bad te gaan en lekker te gaan slapen waarna wij met zijn drieën op de bank hebben gezeten en hebben kunnen genieten van de trouw film van Richard & Yolanda (ik krijg op de een of andere manier altijd weer tranen in mijn ogen bij een trouwerij, altijd zo mooi!) gevolgd door baby filmpjes van Toby, waar ik natuurlijk geen genoeg van kon krijgen! Daarna weer heerlijk in het bed mogen kruipen en eigenlijk heel snel in slaap gevallen. 

 

De volgende ochtend scheen de zon weer! We zijn de dag begonnen met een zondagochtend ontbijtje met afbakbroodjes. Ik kan jullie vertellen dat wij dit thuis regelmatig, zo niet bijna elke week wel doen, en dit zijn van die kleine dingen wat je stiekem toch wel gaat missen als je lang van huis bent. Ik vond het dan ook heel fijn om een paar dagen deel uit te mogen maken van een gezin en dit gevoel werd flink versterkt door het zondagochtend ontbijt. Richard en Yolanda hadden echte hagelslag en Nederlandse kaas dus dit was een feestje! Vooral de hagelslag viel goed in de smaak bij Row, hoe kan het ook anders :) gek he dat iets wat in Nederland zo normaal is en wat je eigenlijk niet eens meer waardeert (hagelslag, afbakbroodjes, de gezelligheid van een gezin om je heen) ineens zo bijzonder kan zijn. Nadat de buikjes gevuld waren zijn we in de auto gestapt en zijn we een heel stuk gaan rijden langs wat echt een hele mooie omgeving was! Langs allemaal herfstbossen, bergen, stranden, de zee en uiteindelijk de wijngaarden. Heel leuk om een hele dag in de auto te zitten en alleen maar te kunnen kijken naar de mooie omgeving waar je doorheen rijdt. Niet dat de koeien, de weilanden en de eindeloze files in Nederland zo slecht zijn hoor.... Yolanda moest opnieuw werken die dag, een echte bikkel, dus ik was deze dag met drie mannen op stap. Ik vond het natuurlijk totaal niet vervelend om op de achterbank te zitten aangezien ik zo uren kon kijken naar een slapende Toby en vervolgens toen hij wakker was alle Engelse woordjes met hem kon vertalen naar het Nederlands. 

 

We zijn geëindigd bij een winery, een wijnproeverij mocht op deze dag natuurlijk niet ontbreken. Het was een mooie winery genaamd Molly Dooker Winery en het leuke was dat je de wijnproeverij op het gras kon doen. Je kon een picknick kleed pakken en een plekje uitzoeken. Het grasveld lag tussen de wijngaarden dus het uitzicht was prachtig, dit maakt de wijn natuurlijk ook nog een stukje lekkerder. Het zonnetje scheen nog volop en voor Toby was er een hele mand met speelgoed wat me weer even deed denken aan de tijd dat ik zelf klein was en pappa en mamma uit eten gingen. Ik kan me een restaurant nog goed herinneren met de 'slangenmand'. Een mand waar slangen voor shows enzo altijd in bewaard worden maar dan niet gevuld met slangen maar met speelgoed. Dit keer speelde ik niet met het speelgoed maar genoot ik van de wijnen die we mochten proeven, de tijd gaat snel..

 

Daarna zijn we, via nog een winery, weer teruggereden naar huis waar Toby snel naar bed is gebracht, hij had natuurlijk een hele lange dag gehad. Wij hebben pannenkoeken gebakken en hebben dit gegeten met echte Nederlandse poedersuiker en stroop, heerlijk hoe zoiets 'normaals' in Nederland zo bijzonder  lekker kan zijn in Australië. 

 

En toen was het alweer maandag en was het tijd om te vertrekken. Richard was vroeg naar werk, Yolanda was thuis. Ze heeft broodjes afgebakken en dit hebben we met hagelslag (jeej) en een kop koffie gegeten en gedronken. We hebben alle spullen gepakt, het wasrek leeggehaald (schone was!! Wat een feest!!) en we hebben afscheid genomen. Omdat onze Orbid ingebouwd stond tussen de auto van de schoonmaker en de loodgieter moesten zij even opgetrommeld worden om de auto te verplaatsen. In Australië is dit geen probleem en met een grote glimlach hebben de schoonmaakster en de loodgieter hun auto weggehaald zodat wij konden omrijden om de spullen in te laden. 

En een kwartier later zaten we in de auto! Totaal doelloos keken we elkaar aan, vanaf nu was het eerstvolgende wat we moesten doen het vliegtuig halen op 20 juli. We zijn maar gewoon gaan rijden eigenlijk en zijn al vrij snel (lees: na 4 keer ja daar!! Nee daar is het niet! Jawel!!! Neeee hier naar rechts! Nee de TomTom zegt links! Daar is het niet! Ohja inderdaad toch wel) bij de kapper gestopt, dit was hard nodig. Je zult het niet geloven, maar de kapper was echt heel gezellig. We kregen beide een kopje koffie en moesten nog even wachten tot het meisje die ons kwam knippen binnen kwam gelopen. Uiteindelijk zijn we geloof ik zo'n 2 uur bij de kapperszaak binnen geweest, heel leuk. 

 

Na de kapper regende het buiten. We hebben besloten een broodje te halen bij Subway (tegenover de kapper) en zijn toen in de auto gestapt en gaan rijden naar de Barossa Valley. We kwamen hier eind van de dag aan dus het was te laat om nog een wijnproeverij te doen. We hebben weer een camping plekje gezocht, nog geprobeerd of het mogelijk was om een cabin te krijgen maar helaas. Orbid was hier heel blij mee uiteraard. We hebben deze dag gerelaxt en hebben wat gekaart en lekker gegeten waarna we redelijk op tijd naar bed zijn gegaan!

De volgende dag stond de Barossa Valley op het programma. We zouden een paar dagen in dit gebied zijn dus we hadden afgesproken dat we beiden een 'proef' dag zouden doen en dat de ander dan zou rijden. We hebben de avond daarvoor op de map uitgezocht naar welke winerys we wilden en vandaag was het mijn proef dag! We hebben prachtige winerys gezocht met heerlijke wijnen en zijn uiteindelijk thuisgekomen met 2 flessen dessert wijn (1 van Yaldarra en 1 van liebichwijn die we bij Richard al hadden geproefd en opgedronken..). Na mijn proefdag zijn we weer terug gelopen naar de camping waar we op loopafstand naar het centrum zijn gelopen waar we wat hebben gegeten en nog een winery hebben bezocht. Die avond was een rustige avond met wederom regen. 

 

De dag daarna was het heerlijk weer dus we hadden een rustdag ingepland. We hebben boodschappen gedaan en hebben verder heerlijk in de zon gezeten, stiekem wat gesprongen op het springkussen op de camping, we zijn verder gegaan met de fotoselectie en ik had tijd om in mijn dagboek te schrijven. Halverwege de dag werd het duidelijk dat er een schoolkamp aankwam. In eerste instantie zaten we daar niet echt op te wachten. 50 kinderen in de leeftijd tussen de 17-19 kwamen langzaam in de gedeelde keuken/lounge binnenlopen en de 'crew' (de docenten) hadden ons al meerdere keren gewaarschuwd dat het druk zou worden. Ze waren ontzettend vriendelijk, we mochten koffie en thee pakken van ze, dit was geen probleem. Uiteindelijk zijn zij gaan BBQ'en en zijn wij ook gaan koken en hebben dit opgegeten tussen alle tieners (heerlijk om dat te kunnen zeggen nu je zelf geen tiener meer bent). Ondertussen stond er een of ander dessert in de oven waar Row en ik al meerdere malen over gespeculeerd hadden wat dit nou zou kunnen zijn. Jammer genoeg hadden ze veel te veel gemaakt en kwamen de docenten even later naar ons toe of we misschien wat wilden? Hier hebben we geen nee tegen gezegd (DUH). Het was een soort brownie van caramel, chocola, cake uiteraard en een chocolade glazuur eroverheen. We kregen er een grote dot slagroom op en hebben zitten smullen, mmmm. 

 

Ondertussen waren de kinderen eraan gewend dat wij overal maar bij aanwezig waren. We hebben meerdere keren gevraagd aan de docenten of we weg moesten maar ze vonden het alleen maar gezellig en zeiden dat er vanavond een spel zou zijn dat hilarisch zou worden en dat we van harte welkom waren om deze bij te wonen en te kijken. Halverwege de avond werd inderdaad de hele ruimte verbouwd. Wij hebben onze spulletjes in de campervan gelegd en zijn teruglopen om te gaan kijken en wat hebben we gelachen. Het was een hele leuke avond en de kinderen deden zo leuk mee, niemand op zijn telefoon (heel bijzonder tegenwoordig) echt een hele leuke avond! 

De volgende dag was het Row zijn proef dag en ging ik rijden! Wederom veel winerys bezocht en een fles wijn gekocht bij Wolf Blass. Geen dessert wijn maar een soort roze sparkling vergelijkbaar met champagne maar dan zoeter. We wachten met die fles tot een bijzonder moment deze reis! Rond 15:00 waren we terug op de camping waar we nog hebben genoten van de zon en in het gras in slaap zijn gevallen. 

Die avond kwam er een veteranen groep aan. Allemaal Australiërs die vrienden waren en vroeger allemaal een boot hadden. Nu ze ouder waren hebben ze boten verkocht en hebben ze caravans gekocht waarmee ze nu vaak afspreken en ergens gaan staan met zijn allen. We hadden veel bekijks en veel ouderen kwamen een praatje maken over waar we vandaan kwamen, wat we van Australië vonden en wat de verdere reis plannen waren. We hebben die avond zelf pizza gemaakt in een echte pizza oven die op de camping stond! Vooral dit viel erg goed in de smaak bij de ouderen en sommigen waren lyrisch toen we aankwamen met de pizza's die net uit de oven kwamen. Hier hebben we lekker van kunnen eten en zijn later op de avond (na potjes kaarten) gaan slapen. 

 

En toen was het weer ochtend. Er stond een redelijk lange rij dag voor de boeg. We zijn in ongeveer 5 uur naar Port Augusta gereden waar we laat in de middag nog wat boodschappen hebben gedaan. Die avond hebben we de reiskaarten erbij gepakt om te kijken wat een beetje het plan zou worden voor de komende dagen. We hadden de optie een klein rondje in het zuiden te doen maar omdat we allebei wel weer toe waren aan zon en warmte hebben we besloten de tocht naar het noorden te gaan maken. We hebben alle boekjes ingekeken en besloten dat we de volgende dag in een keer zouden gaan rijden naar Coober Pedy, zo'n 546km vanaf Port Augusta vandaan. We zijn op tijd gaan slapen en hebben de ochtend daarna eerst alle boodschappen gehaald voor de grote tocht. Avondeten voor 7 dagen gehaald, heel veel water ingeslagen, wat lekkere snacks voor tussendoor en de overige basis dingen. En toen is de tocht begonnen. 546km door de woestijn die eerst nog groen begon! Veel bomen en bosjes wat later overging in gras. En toch, al klinkt het saai voor al die uren, vond ik het indrukwekkend. Het is zó groot en uitgestrekt en er is gewoon geen leven te bekennen behalve Kangaroos en emu's die groot genoeg zijn om op te vallen tussen de grote vlakte. Het is 1 weg door dit immense landschap, echt wel heel bijzonder, waarschijnlijk helemaal voor iemand die uit Nederland komt. Het scheelt dat we beiden mogen rijden (in tegenstelling tot in Amerika), en om de 110km zijn we steeds even gewisseld. Dit werkte prima. 

 

We kwamen vlak voor het donker aan in Coober Pedy waar we een slaap plekje moesten bemachtigen. Volledig tegen onze verwachting in was het ontzettend druk op de camping. De camping stelde ook heel weinig voor, eigenlijk leek het bijna net een parkeerplaats, zo dicht stonden alle caravans op elkaar. We hebben een plekje gevonden waar we niet ingesloten waren tussen twee grote jongens zodat Orbid wat ruimte had om te ademen na de vele kilometertjes. De camping had wel een keuken en tafels en stoelen om aan te zitten en er was (verbazingwekkend) onbeperkte WiFi die nog werkte ook. 

 

We hebben deze avond het eerste flesje wijn opengetrokken en hebben niks meer gedaan behalve relaxen en kaarten, een echte roadtrip dag! Opstaan, rijden, eten, douchen, slapen. De douche was 20 cent voor 2 minuten, ik vind het echt verschrikkelijk als ik weet dat na 2 minuten het warme water stopt. Ik had echter enorme mazzel en ik weet nog steeds niet waardoor het komt. Ik probeerde de douche aan te doen zonder muntje erin te gooien en dit werkte! Ik heb dus heerlijk meerdere minuten kunnen genieten van de warme douche en heb daarmee nog geld bespaard ook, jeej. 

 

Er volgde een relax dag de volgende dag. Je moet natuurlijk wel een beetje genieten van je reis, haha. We hebben het bruisende leven van Coober Pedy opgezocht en waren hier binnen 5 minuten doorheen! We hebben een museum bezocht waar wat leuke dingetjes in stonden. Ook zijn we naar een 'winkelcentrum' (lees: 1 café en 1 juwelier) geweest wat onder de grond lag. Het bruisende gedeelte van Coober Pedy speelt zich voornamelijk onder de grond af vanwege de warmte die de stad kent in de zomer (woestijn natuurlijk). Dit was wel interessant om te zien! Gek om alles onder de grond te bezoeken maar een slimme oplossing voor de extreme hitte wat nu meevalt omdat we in de winter zitten. Coober Pedy staat bekend om de Opaal, een edelsteen achtige. Dit is dan ook in wel 20 kleine juweliertjes te koop voor bizar hoge prijzen. Het duurste stukje wat we hebben gezien kostte 10.000 dollar, het stukje steen was iets van 8cm groot. 

 

Het leukste uitstapje (voor mij) van de dag was een bezoekje aan een Kangaroo opvang voor wees Kangaroos. Er worden hier natuurlijk heel veel Kangaroos aangereden waardoor de baby's zonder moeder zitten. Deze worden opgevangen in dit 'weeshuis'. We hebben hier kennis gemaakt met 2 Kangaroos van 8 jaar (een grijze en een bruine) die we mochten voeren. Schattig en eindelijk eens kunnen voelen hoe zacht de vacht is. Daarna zijn we voorgesteld aan Henrey, 1 van de 6 baby's die daar op dit moment woont. Henrey is een grijze kangaroo van 7 maanden oud en zijn moeder is een paar maanden geleden aangereden en langs de weg overleden. Henrey is een paar dagen later in de buidel van zijn overleden moeder gevonden. Hij zat helemaal onder de viezigheid en was zwaar ondervoed omdat hij hier natuurlijk een aantal dagen in gezeten had. Inmiddels was Henrey helemaal gezond en op goed gewicht waardoor hij de volgende dag naar een grotere kangaroo opvang mocht. 

 

Eind van de middag zijn we naar de Breakaways gereden, grote heuvels in het landschap met heel veel verschillende kleuren rood. We waren hier met zonsondergang en de kleuren die door het licht werden gevormd waren heel mooi om te zien. Op de terugweg nog 3 grote Kangaroos zien springen in het landschap, ik blijf het bijzonder vinden om dit toch steeds te zien hier. 

 

En toen was het 29 mei, alweer 29 mei. De tijd gaat heel snel. We hebben nog geen terug ticket naar huis maar de planning is om rond 20 augustus thuis te zijn en dat betekend dat we deze dag op de helft zouden zitten van de reis. Deze dag was een perfect moment om eens even stil te staan bij wat we eigenlijk al allemaal hebben gezien deze reis want alles gaat zo snel aan ons voorbij. Je ziet iedere dag zo ontzettend veel mooie dingen en je ontmoet zoveel mensen dat je hier niet zo vaak bij stil staat. Het is echt bijzonder om zo lang weg te zijn van huis. 

 

We hebben deze dag tijd zat gehad om hierover te kletsen aangezien we 730 kilometer hebben gereden naar Uluru (links van Alice Springs). We hebben in de ochtend een lekker brood gehaald bij de bakker, deze was nog warm dus hij vulde Orbid met een heerlijke lucht van vers brood. Het is best vermoeiend om zo lang te rijden vooral omdat wij het als Nederlanders totaal niet gewend zijn. Het aantal bosjes en de andere begroeiing begon langzaam af te nemen naarmate we verder het land inreden, ik vond het erg indrukwekkend. Enorme afstanden leg je hier af en soms kom je gewoon een uur niemand tegen. Eind van de middag kwamen we aan op de camping van Uluru. De (overigens vreselijk chagrijnige) vrouw bij de balie vertelde ons dat alle plekjes bezet waren. Dit hoor je niet graag als je net 7.5 uur gereden hebt. Ze had nog wel een, goedkoper, plekje op het veld achteraan en we mochten dan alsnog gebruik maken van de faciliteiten op de camping. Dit hebben we gelijk gedaan en eigenlijk was dit helemaal niet erg en hebben we hier alleen maar geld mee bespaard. De open keuken op de camping was heel tof, veel hout en BBQ's, echt onze smaak en aangezien je hier in de woestijn zit kan het ook prima qua temperatuur! We zijn gelijk gaan koken, hadden niet veel gegeten die dag natuurlijk. Tijdens het koken raakten we aan de praat met 6 Australische ouderen die met elkaar op reis waren. Zij zouden de volgende ochtend vertrekken naar Kings Canyon en wilden ons hun toegangskaartje voor het park geven (kost 25 dollar pp) want deze was nog geldig de volgende dag! We moesten er dan wel voor 06:22 zijn. We hebben het kaartje dankbaar aangenomen en zaten dus alleen met het probleem van de tijd en het feit dat het maar 1 kaartje was en wij met zijn tweeën waren, een gokje dus voor mochten ze je controleren. 

 

De volgende ochtend raakten we tijdens het ontbijt wederom aan de praat met dit keer een Australisch stel. Heerlijk mee zitten kletsen en ook deze mensen zouden doorrijden naar Kings Canyon die dag. Ook van deze mensen mochten we hun kaartje hebben maar deze was nog 2 dagen geldig en we kregen er 2! Ontzettend vriendelijk natuurlijk, en hiermee 50 dollar kunnen besparen, ideaal voor het budget. Na het ontbijtje zijn we gaan douchen en toen was het eindelijk tijd om Uluru eens van dichtbij te zien. Row heeft het 6 jaar geleden maar in 1 dag kunnen bezoeken en toen regende het, vandaag was het zonnig met een aantal wolken (wat perfect is voor foto's). Het klinkt heel stom om over een steen te zeggen maar hij was echt ontzettend indrukwekkend. Het is zo bizar dat zo'n groot ding midden in de woestijn staat. We zijn er met de auto omheen gereden en zijn daarna doorgereden naar The Olga's. Ook gigantische rotsen maar wat meer hobbelig en in stukken in plaats van 1 grote rots. Heel vet om te zien. Daarna zijn we doorgereden om te zoeken naar een plek waar we de zonsondergang goed zouden kunnen zien en we kwamen uit bij een heuvel naast de weg. We zijn daarna doorgereden naar het dorpje waar we wat hebben gegeten en daarna zijn we weer terug gereden naar de heuvel. De bergschoenen gingen aan, de stoeltjes gingen mee net als het statief en de camera. En daar stonden we! Rond 16:00, net voor the golden hour begon, het uur met het mooiste licht voor foto's. Het was een hele mooie plek, je had uitzicht op Uluru en op The Olgas waar de zon onderging. Er stond op dit moment geen wolkje meer aan de lucht en het was heel indrukwekkend om te zien hoe mooi de lucht en de kleur van het steen veranderde terwijl de zon langzaam onderging. We hebben wat mooie foto's kunnen maken en zijn daarna terug gereden naar de camping omdat het heel snel koud werd als het donker begon te worden. 

 

Na het eten zijn we rond 23:00 terug gegaan, je mag het park dan niet meer in, dus we zijn naar een heuvel buiten het park gereden waar Row ging proberen zijn lievelings foto's van de sterren te maken. Helaas waren de sterren eigenlijk net te ver om ze samen met Uluru op de foto te krijgen. Ik heb heel lang met mijn hoofd op het dashboard gelegen waar ik eindeloos kon kijken naar de sterrenhemel boven ons, het blijft me niet vervelen, ik vind het echt prachtig. Na middernacht zijn we teruggereden de camping op naar het veldje. De volgende dag zijn we wederom het park in gegaan. Er stond vandaag geen wolk aan de lucht dus de temperatuur nam heel fijn toe (eindelijk!). We hebben deze dag in de omgeving gelopen en kunnen genieten van de stilte en het mooie van de bijzondere omgeving. Het was heel boeiend om de bordjes te lezen die overal bijstonden omdat ze allemaal wat vertelden over de cultuur van de aboriginals, die Uluru als hun huis hadden vroeger. Uluru is daarom tot op de dag van vandaag ook nog steeds een heilige en hele spirituele plek en dit maakt dan ook dat de rust die hier heerst een soort van speciaal aanvoelt. 

 

We hebben dit keer de zonsondergang vanaf de plek gevolgd die is aangewezen als sunset view. Een stuk toeristischer dus maar wel met een heel mooi uitzicht, vooral op de lucht die ontzettend veel kleuren aanneemt als de zon ondergaat, zoveel kleuren had ik nog nooit in een lucht gezien. Na de zonsondergang zijn we niet teruggegaan naar de camping maar zijn we gelijk gaan wachten op de sterren, vooral op het moment dat de Melkweg boven Uluru zou hangen. En we waren erbij! Op een mooie heuvel stonden we te kijken hoe de sterren verschenen en met behulp van Row zijn app op z'n telefoon kan ik al steeds meer sterrenbeelden in de sterren ontrafelen. Prachtig. 

 

De volgende ochtend stond er een zonsopkomst op onze 'agenda'. Het probleem was alleen dat het 1 juni was en dat daarmee de openingstijd van het park verlaat was van 06:00 naar 06:30. Onze kaartjes van het Australische stel waren geldig tot 06:15, dit zou dus betekenen dat we het park niet meer in konden. We zijn de middag daarvoor naar het hokje gelopen bij de gate waar ze de kaartjes verkopen en legde de situatie uit. De mevrouw deed alles behalve moeilijk, nam onze kaartjes aan en verlengde ze. Ze verlengde ze alleen niet tot 06:30 maar tot en met de volgende dag 15:44! Dit betekende dat we eigenlijk nog een dag gratis in het park konden zijn. We hebben even gekeken naar onze 'planning' en hebben besloten om nog een dag extra te relaxen in deze mooie omgeving (heerlijk om dit zo spontaan te kunnen doen!) 

 

De zonsopkomst, die we bij The Olga's hebben bekeken, hebben we dus gehaald die dag en dit was ook, het gaat misschien vervelen voor jullie, ontzettend mooi. Wederom de kleuren die de stenen aannamen, echt heel mooi. De rest van de dag hebben we eigenlijk niet zo heel veel meer gedaan. We hadden een ontzettende luie dag maar eigenlijk was dit wel eens heel lekker. We hebben lang in het dorpje gezeten waar we hebben genoten van een milkshake en we hebben bij het zwembad gelegen waar we een kleurtje op hebben gedaan! Die avond nog een zonsondergang meegepakt, dit keer zonder camera en even romantisch met elkaar :) 

 

En toen was het 2 juni 2017 en moesten we Uluru toch echt weer achter ons laten maar we hebben beloofd dat we ooit nog eens teruggaan. Het volgende op ons lijstje was Kings Canyon. 2 juni was een hele trieste, duistere dag. Ik heb namelijk een vogeltje doodgereden. Dit vogeltje, ik noem hem Willem de tweede (ons buiten vogeltje heette Willem en het was zo'n soort vogel), zat vanmorgen waarschijnlijk nog lekker te ontbijten met zijn gezin waarna ze met de hele familie besloten om gezellig op de weg spelletjes met elkaar te spelen. En toen was daar ineens het grote oranje monster waar ze allemaal zo van schrokken dat ze spontaan de lucht invlogen in plaats van naar de zijkant, maar er was er eentje te laat, dit was Willem. We hebben een minuut stilte gehouden langs de weg, nee grapje dit is niet waar, en zijn langzaam doorgereden, toch wel heel treurig om de hele situatie. Arme Willem. De rest van de kilometers bestonden uit zoveel mogelijk zwaaien terugkrijgen van de auto's die voorbij kwamen. Naar elkaar zwaaien bij het passeren is hier in Australië heel normaal, jammer is alleen dat, vooral de toeristen, dit nog niet allemaal doorhebben. Maar wij zijn anders! Bij iedere auto, caravan, road train, een enkele keer zelfs bij een fietser (ja er zijn echt mensen die deze woestijn met eindeloze afstanden afleggen op de fiets en nee ik begrijp ook niet helemaal wat daar zo leuk aan is) en vooral bij iedere tourbus (deze bestuurders zwaaien echt zelden terug dus als deze terug zwaait ben je een held) staken wij vrolijk onze hand op, juichten we bij iemand die terug zwaaide en noemden we iemand chagrijnig als diegene dit niet deed. Je maakt zo je uurtjes vol. 

 

Rond 14:30 kwamen we aan op de camping. Het was vrij simpel maar leuker dan de vorige omdat er meer begroeiing was en er veel meer ruimte zat tussen de auto's. Er stond een middag zonnetje waar we in zijn gaan zitten. We hebben de eerste fles wijn uit de Barossa open getrokken met een stukje chocola wat nog in onze koelkast lag. Rond 17:30 zijn we naar het uitkijkpunt gelopen waar je zonsondergang kon kijken over Kings Canyon heen. Het was niet heel bijzonder, vooral niet na zoiets moois als Uluru. Daarna zijn we gaan koken en hebben we in bed nog even een aflevering House of Cards gekeken (lang leven de offline functie van Netflix). 

 

Toen was het Hike day! De eerste hike na Abel Tasman dus ik zag er een klein beetje tegenop. De hike stond als 'zwaar' aangegeven maar eigenlijk viel dit alles mee. Het begon met een lang, steil stuk wat ik heel erg vond lijken op de Tafelberg in Zuid-Afrika. Het was een soort trap die gevormd werd door de stenen die er lagen, dit was in Afrika ook. Vervolgens, als je boven was, kon je nog een aantal kilometer over de rim lopen terwijl je de canyon inkeek en hele mooie uitzichten had omdat je zo hoog was. We vonden het beiden een leuke tocht vooral omdat je af en toe moest klimmen of zelf een beetje de beste en veiligste weg moest kiezen in plaats van simpel op een paadje blijven. 

We hebben het snel gelopen, na 3.5 uur waren we klaar en zijn we weer teruggereden naar de camping waar ik heerlijk een paar uur in de zon heb gelegen en mijn Filipijnen kleurtje weer naar een beetje naar boven gehaald heb. We hebben pizza gemaakt (zie je het voor je op de campingtafel) en ze lijken steeds lekkerder te worden! De camping was best spannend, vooral als het donker werd, er waren namelijk overal wilde Dingo's en deze zijn vreselijk sneaky en snel. Ze hebben de tas gepakt van het stel wat achter ons stond en ze volgden Row echt tot aan de deur toen hij met de pizza's liep. Het zijn ook enorme bangerds, 1 keer in je handen klappen en ze zijn aan de andere kant van de camping, bij wijze van spreken dan. 

 

En vanmorgen zijn we doorgereden naar Alice Springs. Dit klinkt heel soepel in zo'n zinnetje maar er is nog iets aan vooraf gegaan. We waren vroeg wakker, rond 08:15, dus konden eigenlijk vroeg vertrekken. Onze eet voorraad was echt zo goed als op, het enige wat we hadden waren pasta, rijst en blikjes zalm (en water natuurlijk). Het ontbijt bestond uit droge broodjes van 4 dagen terug die ik met een broodrooster nog aantrekkelijker heb proberen te maken, zonder resultaat helaas. Maargoed. We zouden snel naar Alice Springs rijden (ongeveer 500km) waar we weer boodschappen konden doen. Row zou beginnen met rijden, ik had dat het vorige stuk gedaan en we doen dit om en om. We hebben keurig de olie gecontroleerd en een klein beetje bijgevuld, net als de koelvloeistof en waren klaar om te gaan! Het leek Row handig om nog even de schuifdeur aan de binnenkant wat schoon te maken aangezien deze moeilijk open en dicht ging. In Nieuw-Zeeland hadden we dit ook gedaan en dit had prima gewerkt. Ik begreep niet helemaal waarom dat perse nu moest maar voor degene die Row goed kennen: hij denkt dan dat 'efficiënt' is. Tijdens het schoonmaken heeft meneer iets geraakt wat ervoor zorgde dat de deur in plaats van moeilijk open, helemaal niet meer dicht ging. Meerdere scheldwoorden kwamen voorbij terwijl ik de broodjes met jam besmeerde. Een minuut later vroeg hij of ik iets scherps had. Ik gaf hem het doosje met wat harde attributen (een stalen nagelvijl die we al meerdere keren hadden gebruikt voor kleine mankementjes aan de auto) maar dit was niet goed genoeg. Ik ben weer verder gegaan met broodjes smeren tot ik ineens een harde vuist op de auto hoorde slaan en meerdere scheldwoorden die ik niet zal herhalen. Onze slimme ingenieur had het waanzinnig plan in zijn hoofd gehaald om met de auto sleutel (ja, echt) te proberen de deur te repareren. Misschien raad je het al, misschien ook niet, de sleutel was gebroken. Een woeste Rowan liep rondjes om de auto heen en eigenlijk zijn dit soort momenten hilarisch. Net als met het pinnen wat niet lukte in de Filipijnen, het vliegtuig wat niet was geland, al dit soort momenten kan Row alleen maar schelden en zeuren en lukt het mij om rustig te blijven en een plan te bedenken. Zo ook dit keer. We hadden geen bereik met onze telefoons, het was zondag, we hadden heel weinig eten meer maar vooral, we stonden op een camping in the middle of nowhere. We hebben voor 20 dollar (lang leven de woestijn) internet gekocht en Row is gaan bellen naar de nummers die op de informatie bladen van Spaceships stonden. Hij heeft drie mensen aan de lijn gehad (1 keer was het Skype tegoed op) waarna hij eindelijk de goede persoon aan de telefoon kreeg. Wat bleek? Er zat godzijdank een reservesleutel ergens helemaal achterin de auto. We bedankten de vrouw vriendelijk, Row zijn eczeem nam zichtbaar af en hadden 1 probleem opgelost. De autodeur was binnen 2 minuten gemaakt nadat Row de situatie opnieuw had bekeken en met een mes (wat uiteraard mijn idee was) kon hij het maken waardoor de deur dichtging. Het was een hele, gezellige, drukke ochtend hier in het midden van Australië. 

De 500km waren lang maar we zijn er! Alice Springs. We kunnen weer boodschappen doen en dit verslag uploaden en we kunnen hopelijk bij een sleutelmaker de kapotte sleutel laten repareren. Gelukkig hebben we de all inclusive verzekering genomen! 

 

Jullie zijn weer op de hoogte. We zitten over de helft heen dus het aftellen is begonnen, voor jullie. Wij proberen nog even van iedere dag te genieten en verheugen ons enorm op wat nog komen gaat! Bedankt voor het lezen weer en tot snel. 

 

Veel liefs van ons.  

Reactie schrijven

Commentaren: 4
  • #1

    Marijk (zondag, 04 juni 2017 13:50)

    Ik heb mij rot gelachen, niet goed voor mijn rug kan ik jullie vertelden maar het is echt waar. Dubbel gelegen! De manier van schrijven, de herkenbare momenten ik zie het zo enorm voor me! Hilarisch, werkelijk waar! Kleine flirtende Toby, al die wijnproeverijen, de ultieme foto's die zo prachtig zijn (en dan te bedenken wat daaraan vooraf gaat), het koken (pizza staat op nummer 1), de lange ritten in de Orbid, jullie als een stelletje mallootjes zwaaien naar de tegenliggers.....Jullie contact met anderen op jullie stopplekken, Row z'n sleutelactie....! Wederom straalt dit verslag heel veel liefde, geluk, genieten en met name enorm veel plezier hebben uit en dat doet mijn moederhartje meer dan goed! Dikke kussen voor allebeitjes! <3!

  • #2

    Opie (zondag, 04 juni 2017 14:06)

    Als jullie terug zijn heb ik wellicht nog wat gereedschap voor je Row.....haha!
    Mooi verhaal, ik heb weer genoten hoor Lau.

  • #3

    Joyce (zondag, 04 juni 2017 21:12)

    Lieve Lau & Ro,

    Wat een verhaal weer! Jullie beschrijven alles heel gedetailleerd dus het lijkt alsof ik met jullie mee reis � Even een escape from reality, prettig! Super gaaf voor jullie dat jullie al dit moois en bijzonders mogen meemaken. Reizen is fantastisch en dit kunnen jullie mooi in jullie rugzak stoppen en niemand die het kan afpakken. Ah die Kangaroos... lijkt mij super cute. En voor Willem hebben we een minuut stilte gehouden. May he rest in peace in de vogeltjes hemel ��.
    Fijn idee dat jullie nog een poos hebben om nog meer moois te zien en herinneringen te maken.
    Heel veel plezier, gezelligheid, lekker eten en wijntjes gewenst en doe voorzichtig!! Dikke kussen Joyce (en natuurlijk ook dikke knuffels van Roel, Flor, Liz en Nijnie ��❤️

  • #4

    Mart (woensdag, 07 juni 2017 11:56)

    Lieve Lau en Rowie

    Wat een reis! Daar kan ik iedere keer mooi mee beginnen.Wat heerlijk om weer jullie verslag te lezen, de manier hoe jullie vertellen en schrijven echt geweldig!
    Wat mamma ook schrijft, ik heb weer zo gelachen! De dingen die jullie zien en doen beleven wij op deze manier super mee.
    de verhalen van de mensen die jullie zo geweldig onderdak bieden ,de woestijn , Kangaroos , het arme vogeltje, echt heeeel triest en niet te vergeten het sleutel verhaal , kortom geweldig om te lezen !ook
    vind het fijn om af en toe even live contact met jullie te hebben via face time en Zie dan ook jullie heerlijke , genietende gezichten, dat doet mij goed!
    Jullie weten het , blijf genieten van al het moois dat jullie zien! , maar het meest van elkaar!

    Dikke kus , dad xxx

Kiwi-land deel 2 en Aussie deel 1

Beste lezers, 

 

Inmiddels hebben we onze avonturen door het prachtige Nieuw-Zeeland alweer afgesloten en zitten we nu in het iets warmere Australië. 

Tijdens ons laatste verslag bevonden we ons in Franz Joseph, het gletsjerdorpje aan de westkust van het zuidereiland van Nieuw-Zeeland. De dag erop zijn we vanuit Franz Joseph weer vertrokken richting het noorden, een dag waar we vooral veel gereden hebben langs de kust en door het regenwoud. Het zonnetje scheen weer op de vooruit, in tegenstelling tot de regenachtige voorgaande dag, wat ons humeur erg ten goede kwam. De dag eindigde in het dorpje Rapahoe, op een camping die werd onderhouden door een mevrouw die waarschijnlijk al zo'n 15 jaar met pensioen had moeten zijn, maar desalniettemin zeer vriendelijk was en ons een warm ontvangst gaf. De camping lag direct aan zee en gezien onze aankomsttijd, konden we nog even heerlijk genieten van het namiddag zonnetje. 

Het interieur van de camping was minstens net zo bijzonder als de eigenaresse. Alles stamde uit een tijd ver voor ons bestaan en misschien wel het meest merkwaardige waren de douches, die te vinden waren in het midden van de woonkamer. 

We hebben onze avond vermaakt met het skypen met het thuisfront, een nieuw spelletje kaarten (genaamd 'shithead'), want na de aframmeling met duizenden, wilde Laura daar absoluut geen vervolg meer aan geven. Helaas pakt ons nieuwe spel ook nog niet zo goed uit voor Laura, maar dat terzijde. 

De volgende ochtend begon onze tocht wat meer landinwaarts. We verlieten de westkust en daarmee het regenwoud en betraden het dichtbeboste noorden van het eiland. De rit bracht ons in de ochtend langs ' Punakaiki', de pannenkoeken-rotsen. Dun gelaagde rotspartijen die door erosie van water en wind een beetje ogen als Bryce Canyon in de VS. Helaas had de regen ons hier al achterhaald, waardoor de rotsen wat somber waren in de miezer. Toen we verder landinwaarts reden, begon het harder te regenen en de bewolking zakte tussen de bergen en heuvels. Het gaf een mysterieus aanbeeld, maar we zijn eigenlijk vooral in de auto gebleven op wat foto momentjes na. 's Middags eindigden onze rit in Murchison, op een camping met een klein keukentje en een open haardje. We hebben hier de hele middag gezeten en onszelf wat vermaakt met kaarten, boekjes en wat speurwerk over de volgende bestemming: Abel Tasman. Veel anders zat er ook niet op, want buiten zagen we hoe de grond verzadigd raakte met water en langzaam één grote modderpoel werd. Zo snel kan het dus veranderen in Nieuw-Zeeland.

 

Goed, zoals ik al zei, het weer is niet te voorspellen, vooral niet in Nieuw-Zeeland, we werden wakker met een fel zonnetje en vrijwel geen wolkje aan de lucht. Onze kleding, die de vorige dag lekker nat was geworden, was eigenlijk al vrijwel opgedroogd en zelfs de plassen waren al bijna verdwenen. 

We zijn op tijd vertrokken en doorgereden naar een van de noordelijkste regio's van het zuidereiland, Abel Tasman. De tocht, die nog enkele uren rijden was, bracht ons langs het mooie Lake Rotoiti, gelegen tussen twee bergwanden in een zeer rustige omgeving. We hebben hier op een steiger gezeten en lekker koffie gedronken in de zon. Vervolgens zijn we verder gereden tot het beruchte, zo zouden we later ondervinden, toeristen-informatie-centrum in Motueka, de laatste grote stad voor het national park. 

We gingen naar binnen om ons te oriënteren op Abel Tasman National Park en de bijbehorende wandelingen, die tot de 'Great Walks of New-Zealand' behoren. Een zeer vriendelijke meneer wist ons alles uit te leggen over het park, de wandelingen, de taxi-boot die je weer op kan pikken en terug kan varen, alsook de hutten waar men kan slapen. Voor $32 dollar per persoon per nacht (20 euro) kun je midden in dit park slapen, te midden van de prachtige natuur, de stranden en 's nachts de sterren. We waren eerst van plan om slechts één dag het park te betreden en een korte wandeling te maken. Al snel werden we overgehaald om een nacht te verblijven en de volgende dag met de taxi terug te gaan. Fanatiek en enthousiast als we waren over deze wandeling, geholpen door de overredingskracht van de meneer achter de balie, werd dit uiteindelijk de hele route, van zuid naar noord, van Maharau tot Totaranui. Volgens de meneer was dit goed te belopen in ongeveer 3 dagen/2 nachten. Daarbij vertelde hij wel dat we de eerste twee dagen vrijwel het hele eind dienden te lopen, omdat je dan op de derde dag door de 'inlet' kan kruisen. Dit is een stuk van de tocht die alleen overgestoken kan worden tijdens eb, wat 's ochtends om 9:50 plaatsvond op de dag dat wij zouden kruisen. Het was daarom essentieel om de vooravond van de kruising bij de hut te zijn, omdat we anders nooit op tijd bij de inlet zouden zijn.

Afijn, niet uit het veld te slaan, de meneer achtte ons zeer ervaren wandelaars, dus we zouden deze tocht in een noodtempo er doorheen jagen. Ik vroeg nog voor de zekerheid of 8,5 uur lopen niet teveel was door dit gebied op een enkele dag, maar hij wist te vertellen dat dit eigenlijk maar 5 uur zou zijn voor mensen van ons 'kaliber'. Helemaal top dus, we boekten twee verschillende hutten, in Anchorage en Awaroa. We zouden dag 1 ongeveer 3-4 uur lopen, dag 2 dus 5 uur en dag drie dan slechts 1,5 uur, waarna we vanaf het eindpunt, Totaranui, opgehaald zouden worden met de taxi-boot, die ons dan keurig zou terugvaren naar Maharau, het startpunt. 

We sloegen voedsel in voor 3 dagen, dingen die makkelijk mee te nemen zouden zijn, zoals wat noodles, mueslibars, noten en rozijnen, broodjes, wat rijst en bonen en natuurlijk wat koffie en thee om wakker te blijven. 

We reden door naar Marahau, vonden een camping vlak voor het punt waar het park zou beginnen en bleven hier voor de nacht. Het was een leuke camping met een grote keuken, waar we nog wat andere backpackers, die wederom met een bus rondreizen, ontmoetten. Ze wisten ons te vertellen dat we geluk hadden, omdat de camping de dag ervoor ongeveer overstroomd was en veel mensen hun tenten en auto's van hun plaats moesten halen. Zo zie je, het kan altijd erger!

We hebben lekker gebabbeld bij het kampvuur, kwamen nog in gesprek met een meisje uit Wales, die toevallig ook verpleegkundige was en in Londen en Nieuw-Zeeland had gewerkt. Voor Laura natuurlijk erg interessant om daar eens een praatje mee te maken. Rond tien uur zijn we uiteindelijk onze Admiral Ackbar ingeklommen en hebben we nog een goede nacht gemaakt voor de tocht.

 

En toen ging de wekker. Om 8 uur 's morgens werden we wakker, hebben we snel gedoucht, gegeten en zijn we begonnen met de tassen inpakken. We hebben geen slaapzakken bij ons, omdat we in de campervan dekens zat hadden en in de Filipijnen en Indonesië voorzien zullen zijn van bedden. Echter, de 2 nachten in het park zouden we alleen een matrasje hebben. De oplossing, Laura's backpack werd gevuld met een onderlaken en 2 dekens wat medicijnen en kleine artikelen, Rowan's backpack met 'de rest'. Dit ook om de rug van Laura een beetje te ontlasten, gezien wat rugpijn in de weken ervoor. 

Onderschat 'de rest' echter niet. De rest begon met een gasstelletje, een extra gasflesje, een pan, bestek, mokken, de noodles, de rijst, zalmblikjes, blikjes bonen, broodjes, een potje nutella, schone kleding voor enkele dagen, heel veel water, de camera, het statief, toiletartikelen, regenjassen en nog wat kleine dingetjes. Al met al leek hij aanzienlijk zwaarder dan de 20kg waarmee ik vertrokken was. Echter, wat zou het uitmaken als je slechts enkele uren per dag aan de wandel bent, toch?

 

Rond half 10 vertrokken we dan. We reden Admiral Ackbar naar het taxi-boot bedrijfje, waar we het laatste plekje op de 'multiple-day-hike-carpark' hadden. We zouden hier ook weer afgezet worden, dus het leek verstandig de auto hier achter te laten, te meer omdat het beveiligd was. We hebben alle gordijntjes netjes dichtgedaan, spulletjes opgeborgen, backpacks op de rug gedaan en zijn begonnen met lopen. 

We liepen het dorpje Maharau uit, richting Abel Tasman. De mevrouw bij de taxi-boot balie had nog zo gezegd, volg de weg tot je bij de BRUG komt, vanaf daar begint de wandeling. We volgden de weg tot aan het strand en zo heerlijk eigenwijs als we natuurlijk zijn, gingen we, volledig zonder reden, door een hekje, het strand op. Geen brug te bekennen, maar het was wel een mooi strand. Met het zonnetje op ons hoofd liepen we lekker door, langs de zee, met een prachtig uitzicht. Nergens waren er bordjes met aanwijzingen te zien over de daadwerkelijke wandelroute, maar we liepen natuurlijk gewoon door, die brug zou wel komen. En ja hoor, die brug kwam, zo'n half uur later zagen we hem, in de verte. Maargoed, we dachten, we lopen daar gewoon heen en dan hebben we een stukje afgesneden, hartstikke leuk. Naarmate we dichterbij kwamen, zagen we wel dat de brug vrij hoog boven het strand lag. Vreemd toch? Niet heel erg, aangezien er onderdoor het enorme beek stroomde richting de zee, die precies door het stuk strand sneed waar wij stonden en dat waar de brug zich bevond. Geweldig begin van onze wandeling; we hebben zo'n 10 minuten gezocht naar een smalle oversteek, maar hebben vervolgens maar opgegeven. Er waren twee keuzes, een half uur teruglopen, omlopen via de juiste weg en dan over te brug wandelen, of de schoenen uit, de beek doorlopen en naar de brug klauteren. Het werd optie twee. Het water was ongeveer 5 graden, maar we waren wel aan de overkant. Toen we eenmaal op de brug stonden, werden we gepasseerd door een aantal andere wandelaars die een beetje schichtig lachten, die gekke Nederlanders. We hebben ons voorgehouden dat we wel wisten waar het pad liep, maar dat we graag over het strand wilden wandelen, juist ja.

 

Goed, met een kleine vertraging waren we dan toch eindelijk op het juiste pad. Het eerste bordje met daarop 'Anchorage' zagen we, welke aangaf dat het nog 3 uur en 50 minuten lopen zou zijn. Het was inmiddels half 11, dus geen probleem, tijd genoeg. De wandeling zeer was vrij relaxed, met veel begroeiing, niet al te veel hellingen, mooie stranden en wat uitkijkpunten. Al met al een goede wandeling, die mede vanwege het gewicht op de rug, een welverdiend einde kreeg rond 3 uur 's middags. We arriveerden in het mooie Anchorage, bij de eerste hut langs het strand. De hut was verdeeld over 4 slaapkamers met in iedere kamer 4 stapelbedden, er zouden dus 32 mensen kunnen slapen. We kozen ons stapelbed uit, hebben de spullen uitgepakt en zijn vervolgens lekker buiten koffie gaan drinken en hebben vervolgens nog een tijdje op het strand gelegen. 's Avonds hebben we ons favoriete gerechtje gemaakt, rijst met zalm, sperziebonen en zoete sojasaus, heel simpel, ook heel lekker. Daarna hebben we nog even bij het haardje gezeten en een paar potjes 'shithead' gespeeld, wederom niet zo'n succes voor Laura en al helemaal niet voor de Duitsers die enkele potjes met ons mee wilden spelen. 

Rond half 10 zijn we naar buiten gegaan, om naar de sterren te kijken. Anchorage is één van de donkerste locaties langs de Abel Tasman tocht en dat bleek. We hadden geluk met een heldere nacht, al was de maan een tijdelijke spelbreker. We hebben een tijdje op het strand gestaan. Laura is rond tien uur haar bed ingekropen, maar ik wilde zelf per sé wachten tot de maan zou verdwijnen achter de heuvels. Het duurde even, maar rond middernacht zakte hij toch weg. Het resultaat was adembenemend. Het enige licht in de verre omgeving kwam nog van onze hut, waar enkele lampjes brandden. De volledige melkweg was zichtbaar en vallende sterren waren er vrijwel continu. 

Ik heb nog een klein uurtje foto's gemaakt, wat niet erg gemakkelijk is van sterren, zeker niet bij temperaturen rond het vriespunt. Het resultaat mocht er in ieder geval zijn. 

Om 1 uur 's nachts ben ik dan ook mijn bed ingeklommen, om in ieder geval nog 7 uur slaap te hebben. Om 8 uur ging de wekker weer, omdat we een lange dag voor de boeg zouden hebben, 5 uur wandelen was ons verteld.

We hebben even ontbeten, koffie gedronken, de tassen weer ingepakt en zijn rond 9 uur vertrokken uit Anchorage. Dit was keurig op tijd, omdat we nu een klein stukje konden afsnijden via het strand, aangezien het eb was. Zo gezegd zo gedaan. Ideaal was anders, Laura had de dag ervoor wat blaren opgelopen en gezien we enkele beekjes moesten doorlopen, leek het niet handig om daar op blote voeten door heen te gaan. Althans, Laura niet, ik wel. Dit pakte redelijk goed uit, Laura's schoenen waren waterdicht, maar ik wist al dat één van mijn schoenen een scheurtje had, dus ik besloot ze maar meteen uit te doen, om ze droog te houden. Helaas was de bodem bezaaid met schelpjes, wat dit stukje niet geheel aangenaam maakte. 

Na 20 minuutjes over de strand gelopen te hebben, arriveerden we aan de overzijde, waar bleek dat we wel een uur korter hoefden te lopen. Vol goede moed trokken we verder. De tocht werd hier wel heuveliger en de blaren werden wat gevoeliger, maar rond het middag uur bereikten we keurig Bark Bay, wat de helft van de tocht tot aan Awaroa was, waar onze tweede slaapplaats zou zijn.

We hebben in de hut in Bark Bay gelunched, wat noodles en een pastaatje en zijn rond 1 uur weer verder gegaan. Laura stelde nog voor of het misschien niet handiger was de hut om te boeken en hier de nacht te verblijven, ook gezien het weer dat wat onstuimig werd. Niet wetende of dit mogelijk zou zijn en hoe dit uit zou pakken met de verdere dagen en de taxi-boot, besloten we uiteindelijk door te lopen. 

De eerste uurtjes gingen wel redelijk, al werden we snel gestopt door een rivier die het strand kruiste, waardoor we genoodzaakt waren een eind om te lopen. De rivier was veel te diep om droog door te komen, dus we zijn omgedraaid en omgelopen, niet wetende dat dit zo'n 30 minuten langer zou zijn. Vervolgens kwam er een flinke klim omhoog, wat mede door blaren en de inmiddels flink doorwegende tas, niet ontzettend voorspoedig verliep. Donkere wolken pakten zich langzaam boven ons en ook de wind wakkerde aan. Niet wetende hoe ver het nog zou zijn, hielden we stug vol. We daalden na een uur lopen weer af naar zee-niveau, waar we onaangenaam verrast werden door het bordje 'Awaroa, 3 uur wandelen'. Het was inmiddels twee uur geweest en we waren dus al zo'n 5 uur onderweg (inclusief lunchpauze), maar het werd langzaam duidelijk dat we het eind zeker niet gingen redden in 5 uur lopen. 

De blaren waren inmiddels vrij pijnlijk, dus ons wandeltempo vertraagde aanzienlijk, maar wetende dat de eerst volgende hut Awaroa was, betekende dat we wel door moesten lopen. We gingen verder, een volgende heuvel wachtte ons op en het werd meer en meer een survivalroute. We stegen en we daalden, de weg leek niet op te houden. We kwamen wederom bij een strand, waar we weer een rivier over moesten lopen. De tocht bracht ons van het pad af, door wat bosjes, waar we gelukkig over een omgevallen boom naar de overkant konden lopen. Eenmaal terug op het strand zagen we de donkere lucht nader komen. We wisten dat we het niet droog gingen houden. We vervolgden onze weg, die inmiddels verlaten leek, langs het strand, terug te bossen in. Een leuk opkrikmomentje waren twee zeehonden, die in een binnenwatertje aan het spelen waren. Hier konden we wel om lachen, al lachten zij waarschijnlijk harder naar ons. Eenmaal terug in de bossen begon het te regenen. Gelukkig hadden we regenjassen bij ons, maar de goede sfeer was wel wat minder geworden. Het was koud, donker en de klim die voor ons lag was lang en steil. Het was inmiddels 4 uur geweest en ons tempo was tot een dieptepunt gedaald. We hadden alleen maar in ons achterhoofd dat we voor het donker op locatie wilden zijn. We zijn uiteindelijk nog ruim 2 uur onderweg geweest. Een helse tocht, waar uiteindelijk, om half 7, in het donker een einde aankwam. We kwamen zeiknat en doodmoe  (en ik zelfs met een uitgescheurde broek) in de Awaroa hut aan, hebben onze laatste energie bij elkaar geraapt om nog wat te koken, maar hebben het gerecht zelfs niet opgegeten en zijn direct naar bed gegaan. Een slaapzaal met 6 anderen zorgde voor een wat onrustige slaap en ook Laura d'r blaren hielpen er niet bij.  Als gevolg hiervan en mede omdat we de laatste dag ook door de inlet zouden moeten, wat zou betekenen dat je tot bijna bij je middel nat zou worden, hebben we besloten de taxi-boot vanaf Awaroa te nemen en het laatste stuk te laten voor wat het was. Jammer maar helaas. Het was een prachtige tocht, maar door onderschatting (en overschatting van de meneer bij het toeristen-centrum) iets te ver voor de tijd die we hadden. 

Gelukkig was de taxi-boot ook op een excursie en zijn we alvorens terug te varen naar Marahau, nog naar Totaranui gevaren, dus we hebben het eindpunt in ieder geval gezien! De taxi terug was heerlijk, de uitzichten langs de kust zijn prachtig en het gaf toch wel een voldaan gevoel om te zien welk eind we gelopen hadden in twee dagen. Een ervaring was het zeker!

 

Eenmaal terug in Marahau zijn we terug gegaan naar de camping van de vooravond van onze wandeling en hebben hier heerlijk kunnen douchen en we hebben even lekker uitgerust. De volgende ochtend lachte de zon ons toe en zijn we onze reis vervolgd naar een heel andere omgeving: Marlborough. De rit vanuit Marahau  leidde ons via Nelson langs de noordkust naar Renwick, te midden van Marlborough, beroemd dankzij de Nieuw-Zeelandse Sauvignon Blanc wijn. We kwamen hier terecht bij 'Watson's Way', midden in het dorpje. Een geweldige camping die werd gerund door een mevrouw met oneindig veel energie. Ze liep de hele dag rondjes, je hoorde haar over het hele terrein praten met jan-en-alleman en ze kon je werkelijk met alles helpen. Ze deed zeer goede zaken, want alles was op en top. Een volledig uitgeruste keuken, mooie badkamers, een pooltafel, gratis fruit en kruiden en het belangrijkste; je kon er een fiets huren voor zo'n 11 euro per dag. Een fiets? Jazeker, wat wil je nou nog meer als twee jongelui midden in een wijnregio. We kregen een kaart van haar mee, met de beste tips, de mooiste wijngaarden en de gratis proeverijen. Dezelfde middag zijn we gewandeld naar een wijngaard die op 15 minuutjes lopen lag, Gibbson Bridge. Een zeer vriendelijke mevrouw (met een grote, grijze hond waar Laura gelijk verliefd op was) liet ons hier geheel vrijblijvend van alles proeven, wit, rood en rosé, het maakte niet uit. Ondertussen vertelde ze het hele verhaal over hoe de wijn gemaakt wordt, hoelang ze het al deed (12 jaar), hoeveel werk het was en wat nou belangrijk is bij het maken van wijn. Een amuserende ervaring die smaakte naar meer. De volgende ochtend zijn we om half 11 op de fiets gestapt en begonnen aan onze tocht door de streek. We begonnen bij Forrest, een grote wijngaard met een heerlijk terras in de zon. Hier hebben we aardig door zitten slurpen, voordat we na een uurtje weer op de fiets gestapt zijn. De kaart die we mee hadden gekregen gaf een wat vertekend beeld, wat ons volgende adres, Framingham, lag vrijwel direct aan de overkant van de weg. Voordat we de nodige zuurstof binnen hadden gekregen, hadden we alweer 5 glaasjes wijn voor ons staan en een heel verhaal over waarom Framingham zo beroemd is. Afijn, ze waren allemaal geweldig, al weten we niet meer of dat komt door de wijn of door onze zuivere smaakpupillen. We bedachten ons wel dat het handig zou zijn om wat te lunchen, om zo de wijn wat af te wisselen. We fietsten door naar Giesen, wat een goed eind leek op de kaart, maar slechts 10 minuutjes fietsen was. Bij binnenkomst werden we hartelijk ontvangen met… een wijnproeverij! We bestelden een plaat met kaasjes, worstjes, vis en daarbij een ovenpizza, maar terwijl dit alles bereid werd, hadden we alweer 4 glazen voorbij zien komen. Aan tafel ging het vrolijk verder, want klaarblijkelijk kregen we nog 3 glazen wijn bij ons gerecht. Goed, echt ontnuchterend was de lunch niet, maar het was wel ontzettend gezellig!

Na de lunch was het ongeveer 3 keer trappen naar de overkant, waar Wairau River zich bevond, jullie raden het al, een wijngaard. De middag ging vrolijk verder in de tuin van deze wijngaard, waar enkele mooie, maar verassend veel bewogen foto's zijn gemaakt. Toen we weer op de fiets wilden stappen zagen we, door onze inmiddels wat wazige oogjes, Nautilus Estate staan. Al struikelend, of fietsend, hoe men het noemen wil, rolden we hier naar binnen. Rond 4 uur was de pret toch echt wel voorbij. We hadden ons rondje, dat 14 kilometer zou zijn, niet volledig afgerond, maar onze maag vertelde ons dat we redelijk verzadigd waren. We hebben nog overwogen om op de terugweg in de zon te gaan zitten bij Forrest, waar we de dag begonnen waren, maar we hebben uiteindelijk besloten maar snel terug te rijden naar de camping, waar we frietjes met afgeprijsde biefstuk-schnitzel gegeten hebben. Lekker vet, maar het werkte wel heel goed!

We hebben 's avonds nog wat gekletst met wat Australische dames en de eigenaresse, die ons waarschuwde voor het feit dat onze geplande route niet mogelijk was. De snelweg aan de oostkust is nog altijd niet open vanwege de zware aardbeving in november 2016, wat er voor zorgde dat we via het westen terug naar het zuiden moesten rijden. Dit bood ons wel de gelegenheid om nog wat van deze regio te zien. De rest van de avond hebben we gevuld met wat spelletjes 'shithead', ik denk dat ik daar verder niet over hoef uit te wijden.

De volgende ochtend zijn we richting het zuidwesten gereden, langs Lake Rotorua, vlakbij ons eerdere koffiemomentje Lake Rotoiti. Wederom een prachtig meer tussen twee bergen in, maar wel iets drukker dan het andere meer. Daarna zijn we doorgereden naar Murchison, waar we eerder hadden geslapen, om vanuit daar weer zuidoostwaarts te keren richting Christchurch.

 

We brachten de nacht door in Hamner Springs. Het dorp staat bekend om de heetwaterbronnen, de vele spa's en sauna's en mooie resorts, waar veel mensen uit Christchurch vertoeven voor vakantie. Je kunt je hier heerlijk laten verwennen in alle luxe. Wij sliepen uiteraard gewoon lekker op de camping, zonder sauna, heetwaterbron of spa, maar met verwarming, heet water uit de kraan en lekker in Admiral Ackbar. 's Avonds hebben we in het dorpje wel lekker een drankje gedaan, om toch even te proeven van de sfeer en relaxte omgeving. Het was er zo gezellig dat we 's ochtends voor ons vertrek nog even terug zijn gegaan om koffie te drinken. Daarna zijn we doorgereden. Het was inmiddels 7 mei, we zouden 11 mei vliegen. Echter wilden we heel graag nog richting de Mount Cook omgeving (ik vooral, Lau wilde omdat ik het wilde), ten zuiden van Christchurch. 

We hebben die dag een heel eind gereden, vanaf Hamner Springs helemaal richting Lake Tekapo, dezelfde omgeving waar we de tweede dag van onze Nieuw-Zeeland reis waren. Toen lag het volledig in de mist, maar nu helemaal in de zon. Het uitzicht vanaf de wereldberoemde Church of the Good Shepperd was prachtig met de Nieuw-Zeelandse alpen op de achtergrond. 

 

We sliepen op een camping aan het meer, waarna we de volgende ochtend richting Mount Cook village zijn gereden. De weg kronkelde langs Lake Pukaki, dat ook bij helder weer prachtig blauw is en oneindig lijkt door te lopen. We sloegen de zijweg in richting Mount Cook village, dat nog zo'n 50 kilometer verderop lag. De hele weg naar het dorpje is eigenlijk al geweldig. Achter elke bocht zijn weer mooie uitzichtpunten op de bergen, het gigantische meer en de rivieren die erin uitstromen. We zijn op deze 50 kilometer waarschijnlijk wel tien keer gestopt, hebben meerdere zijweggetjes genomen en bijna een heel SD kaartje aan foto's volgeschoten. Het weer aan het einde van de weg was heel anders dan de blauwe lucht aan het begin. Het wisselde continu af, tussen zware laaghangende bewolking tussen de bergen naar blauwe luchten als je er weer uit reed. Aan het einde van de weg kwamen we in de Mount Cook village (het dorpje), waar zo ongeveer ook de Hooker Valley track begint. Laura had gezworen na Abel Tasman niet meer te gaan hiken, maar was toch te enthousiast over deze omgeving dat ze er toch een stukje wilde gaan lopen. Ik volgde uiteraard braaf en zei niets. Het is geen verkeerde keuze geweest om eraan te beginnen en al hebben we niet de hele wandeling gemaakt, hebben we wel wat weerzinwekkend mooie stukjes van deze regio kunnen zien. We hebben ongeveer een half uur foto's gemaakt bij een prachtig meer, waar zeker 10 Chinezen zich om onze camera verzamelden en zich afvroegen hoe het nou toch mogelijk was dat die camera foto's maakte zonder dat er iemand naast stond. Zelfs in China kennen ze blijkbaar de afstandsbediening voor de camera nog niet!

 

Eind van de middag zijn we over dezelfde weg, wat een straf, weer terug gereden naar Lake Tekapo, om daar nog een nacht te blijven. We zijn nogmaals gestopt bij het kerkje en het meer, gewoon omdat het daar zo waanzinnig mooi is en we zijn tot net voor zonsondergang in die omgeving blijven hangen. Daarna zijn we terug gegaan naar de camping, hebben wat laatste restjes eten bij elkaar gegooid (het moet op toch?) en zijn we, na wat kaartspelletjes, gaan slapen. 

 

Toen was het al 10 mei. De laatste dag van onze Nieuw-Zeeland reis. We zijn 's ochtends op tijd bij Lake Tekapo vertrokken,  hebben nog een laatste Nieuw-Zeelandse meat-pie gegeten en zijn met Admiral Ackbar terug gereden naar Christchurch. We vonden een camping in de omgeving van het vliegveld waar we ons geliefde hotelletje-op-wielen helemaal hebben gewassen (met de hand!). Laura had hierbij als hoofdtaak afspoelen met de tuinslang, Rowan mocht lekker de velgen schrobben met de spons. Het resultaat mocht er zijn, hij blonk als een zonnetje. Vervolgens hebben we alle spullen ingepakt in de backpacks, al het overige voedsel bij de receptie achtergelaten voor volgende kampeerders (er is een speciale box waar je alles in mag zetten) en de rommel weggegooid. Daarna is de campervan helemaal gestofzuigd en hebben we voor het laatst het bed opgemaakt. 

's Avonds zijn we, om Nieuw-Zeeland goed af te sluiten, Christchurch ingereden om wat te eten. De stad ligt nog steeds volledig open door alle herstelwerkzaamheden van de aardbeving van november en de recente cyclonen, dus enorm bruisend was het niet, zeker niet op een woensdagavond. Toch vonden we een leuk restaurantje waar we heerlijke guacamole mix met nacho's een geweldige steak en spareribs en een heerlijk soort van cheesecake hebben gegeten. Het werd een zeer gezellige avond. Om 10 uur keerden we terug op de camping, waar we voor het laatst in Admiral Ackbar zijn geklommen. De wekker stond om 3 uur, zodat we om 4 uur de campervan konden afleveren. We hadden een taxi geregeld die ons vervolgens naar het vliegveld zou brengen. Dit ging allemaal erg soepel, de taxi kwam precies aanrijden bij Spaceships toen wij onze Admiral Ackbar parkeerden. Na alles nog een keer doorgelopen te hebben en de sleutel netjes in de sleutelbox gegooid te hebben, stapten we in de taxi. Binnen 15 minuten stonden we op het vliegveld, met onze volgepakte backpacks. Dat was het dan, het prachtige Nieuw-Zeeland, waar we een waanzinnig mooie maand hebben doorgebracht, gingen we nu verlaten. Een geweldig avontuur en heel veel mooie herinneringen (en foto's) lagen achter ons en met een zeer voldaan gevoel betraden we Christchurch International Airport.

De eerste positieve verassing kregen we na ongeveer 2 minuten. Onze vlucht, met de budget vliegtuigmaatschappij Virgin Airlines was gecombineerd met de luxere vlucht van Air New Zealand, waardoor we ineens met een A-merk vlogen. Niet verkeerd, zeker gezien de prijs die we ervoor betaald hadden. We hebben nog een uurtje op het vliegveld gezeten, wat koffie gedronken en een sandwich naar binnen geschoven, voordat we konden boarden voor onze vlucht die om 06:50 vertrok. De vlucht was erg soepel, er waren zelfs entertainment schermpjes aanwezig, wat best een luxe was op een vlucht van iets meer dan drie uur. Om 08:00 kwamen we aan in Melbourne, de tijd is weer 2 uur opgeschoven, het verschil met Nederland is nu maar 8 uur in plaats van 10. 

De douane waren we deze keer zo door, weinig vragen bij de paspoortcontrole en we zagen dat er twee rijen voor de bagage stonden. Eentje was erg opzichtig en erg lang, de andere was in de hoek en zeer kort, dus we stonden eigenlijk binnen een uurtje al buiten. De schelpen van Laura waren deze keer geen probleem, de meneer vond ze wel prima. Even later hadden we een taxi, die ons naar North Williamstown vervoerde, waar ons nieuwe Spaceship klaar stond. De rit duurde ongeveer 40 minuten voordat we bij de loods aankwamen, waar 3 Spaceships stonden. We hebben het papierwerk geregeld en rond 10 uur stapten we in ons nieuwe huisje, de fel oranje Orbit de Tweede (Orbit II). Iets ouder dan de vorige zeker, met ruim 372000 kilometer op de teller, maar het brengt je van A naar B voor een redelijke prijs. We hebben bij het lokale winkelcentrum veel verse groenten en fruit ingeslagen en vervolgens ook de noodzakelijkheden bij de lokale supermarkt. Omdat we maar een paar uur geslapen hadden, hebben we een camping gezocht (en gevonden) aan de buitenzijde van Melbourne. 

We werden hartelijk ontvangen en kregen de eerste verrassing direct cadeau: voor de prijs een campingplaats, kregen we een klein huisje, ideaal. We hebben direct 2 nachten (wat er uiteindelijk 4 werden) geboekt en hebben eerst wat uren geslapen. De dagen erop hebben we Melbourne en omgeving bekeken. Er is een gigantische markt, Queen Victoria's Market, midden in Melbourne, erg leuk om overheen te snuffelen. Verder hebben we het prachtige centrum bezocht, een wijntje gedronken bij de Ponyfish  Bar, welke gelegen is in het midden van de rivier die door Melbourne stroomt. Uiteraard hebben we een uitstapje gemaakt naar Melbourne Park, waar het olympisch stadion ligt en ook stadions van de Australian Open, met als hoogtepunt de Rod Laver Arena. Erg indrukwekkend, maar in deze tijd van het jaar wel erg verlaten. Verder hebben we de winkeltjes, cafeetjes en pleinen bezocht, de straatjes doorgewandeld en een goede indruk gekregen van deze mega cosmopolitan stad.

's Avonds zijn we gezellig naar de bioscoop geweest, dat midden in het grootste winkelcentrum van het zuidelijk halfrond ligt, genaamd Highpoint. Bizar hoe groot en hoeveel winkels, restaurantjes en andere faciliteiten er in één zo'n centrum zitten. We hebben hier Belle en het Beest gekeken (nee niet de Disney editie), erg leuk, al viel de prijs van 2 cola en een popcorn wel een beetje tegen: 28 dollar, oops iets buiten budget.

 

Onze laatste dag in de omgeving van Melbourne zijn we naar Phillip Island gereden, een klein eilandje ten zuiden van de stad. Slechts anderhalf uur rijden, maar direct een heel andere omgeving dan de drukte van de stad. Op Phillip Island hebben we een bezoek gebracht aan het Koala Conservation Park, waar koala's verzorgd en beschermd worden in het laatste stukje origineel woud van Phillip Island. Dit biedt dus ook de gelegenheid om ze eens goed te bekijken en we hadden geluk. We kregen een scala aan koala's te zien, die toevallig ook nog eens aan het eten, wandelen en poseren waren. Erg bijzonder, gezien ze 20 uur per dag slapen. Mooi om ze zo levendig en ongelooflijk dichtbij te zien, soms bijna op aai afstand. Uiteraard hebben we ze niet aangeraakt, het blijven wilde dieren!

Na het conservation park zijn we doorgereden naar het enige dorpje van noemenswaardige grootte op het eiland, Cowes. Hier hebben we lekker koffie gedronken in het zonnetje, voor we doorgereden zijn naar het meest westelijke puntje van het eiland: The Nobbies. Dit is een prachtig stukje eiland waar je kunt uitkijken over de Stille Oceaan, met de ruige kustlijn in de voorgrond. Hier hebben we genoten van het langzaam ondergaande zonnetje. Toen we rechtsomkeerd maakten om terug te rijden naar Melbourne, werden we getrakteerd op de eerste walibi, familie van de kangaroe, maar veel kleiner. Laura wist niet wat ze zag, maar ze had nog geen idee hoe groot een kangaroe dan wel niet is!

 

Na vier nachten in Melbourne en omgeving moesten we dan toch echt deze mooie stad achter ons laten en onze tocht vervolgen. De wereldberoemde Great Ocean Road was onze volgende bestemming. We vertrokken 's ochtends, na nog wat boodschapjes gedaan te hebben, in zuidwestelijke richting, naar het dorpje Torquay. Hier begint de Great Ocean Road en hier hebben we aan de kust even koffie gedronken. Vervolgens hebben we onze weg vervolgd, langs de prachtige kustlijn, de vele dorpjes en mooie wegen richting het Otway National Park. Het natuurpark, dat midden op de Great Ocean Road ligt, is een van de plaatsen waar je koala's in het wild kunt zien. We maakten een stop bij Kennett River, waar een klein paadje door de vele eucalyptusbomen naar boven liep. We zijn opzoek gegaan naar de koala's en hebben ze gevonden! Laura spotte de eerste twee, Mitch en Rachel, waarna ik Dr. Doolittle vond. Helaas was mijn geluk daarna op, mede omdat ik reed. Laura spotte ondertussen vrolijk door, ze zag Arnold, Billy, Freek, Arie, Frits, Mindy, Loes en ook Gregory nog. Zo stond het ineens 10-1. Op de terugweg zag ik Adriaan en Herman nog zitten, wat de stand iets draaglijker maakte, 10-3. Helaas was mijn inhaalslag van korte duur, want voor ik kon kijken, zag ze Lieselore en Tinus in de boom zitten. Tot overmaat van ramp zag ze ook Dick en Greta nog lekker in de boom liggen luieren, wat de stand op 14-3 zette. Ze is hier in ieder geval beter in dan in kaarten!

 

We zijn doorgereden vanaf Kennett River naar het zuidelijkste puntje van de Great Ocean Road en het midden van het Otway National Park. Op het laatste stukje naar de camping kwamen we door nog een eucalyptus bos. Dit keer had ik meer geluk, ik zag eerst Wilhelm en Didi, voordat we door de bocht reden en Knobbel en Bobbel in de boom zaten, 14-7! Laura zag alleen Shjetsi, 15-7. We hadden verder afgesproken dat de eerste kangaroe van de dag ook zou tellen en ik had geluk, langs de weg, een enorme Skippy en ook de eerste echte kangaroe die we zagen, 15-8, maar vooral een hele blije Laura met een kangaroe. Even verderop zagen we nog een hele groep kangaroes, die heerlijk rondsprongen in het gras, leuk om de dag mee te eindigen. 

We sliepen op de Bimbi Campground, waar ook koala's zouden leven. Helaas waren de eigenaren niet zo koala vriendelijk, wat betekende dat ze plastic banden om alle eucalyptus bomen hadden geplaatst, om zo te voorkomen dat alle bladeren opgegeten zouden worden en de bomen zouden afsterven als gevolg. Erg jammer, die arme dieren hebben gewoon honger. Toen we 's ochtends de Bimbi Campground weer verlieten, ging het koala tellen vrolijk verder. Ik trok wederom aan het kortste eind, het was Nigel, Luca, Didier, Antonio, Bertie en Lucy tegen Vanessa en Leo, 21-10. Gelukkig stopte de eucalyptus bossen snel en reden we terug naar de kustlijn, op naar het hoogtepunt van de Great Ocean Road, de Twaalf Apostelen (Twelve Apostles). Dit zijn de wereldberoemde geelbruine rotsen die nog overeind staan in de oceaan langs de zuidkust van Australië. Twaalf zijn het er niet meer, maar prachtig zijn ze nog wel. Het weer, in tegenstelling tot de dag ervoor, was helemaal opgeklaard, wat een prachtig beeld opleverde bij het mooie uitkijkpunt langs de kust. We hebben er onze tijd genomen, lekker ontbeten, wat rondgelopen, de nodige foto's gemaakt en vooral genoten van het uitzicht.

Vervolgens zijn we doorgereden naar wat andere uitzichtpunten in deze regio, als 'The London Bridge', een brug van steen over het water, volledig los van het vaste land en ook Loch & Gorge, een prachtig strandje midden in een inham tussen hoge rotsen. De zee was ruig, dus de golven klotsten heerlijk voor ons tegen het gesteente. De laatste bezienswaardigheid was 'The Grotto', een soort grot waardoor je over zee kunt kijken, in een zeer rustige omgeving, waar je even lekker kon genieten van het mooie uitzicht. 

Vervolgens zijn we doorgereden, hebben we onderweg nog even koffie gedronken langs het strand en onze weg gemaakt naar Warnambool, een grotere stad en ook het einde van de Great Ocean Road. Het weer was omgeslagen en het begon te regenen, dus we hebben een camping gezocht waar we lekker binnen onder de verwarmers hebben gezeten. Hier hebben we de avond doorgebracht, heb ik Laura nog even ingemaakt met 'shithead' en zijn we op tijd naar bed gegaan. 

Toen we wakker werden, gisteren, regende het nog steeds en eigenlijk heeft dat de hele dag aangehouden. We zijn richting de Grampians gereden, naar het dorpje Halls Gap. Vanwege het miserabele weer was gisteren een beetje een verloren dag, behalve dat ik de eerste Hopper (kangaroe) zag, wat de stand op 21-11 zette. We vonden een camping in het dorp, wat ideaal leek, al kon je er nergens binnen zitten. We waren dus verplicht in de campervan te blijven of naar een café te gaan. Helaas is het laagseizoen en waren bijna alle café 's middags gesloten. We hebben onze tijd volgemaakt in het lokale Aboriginal Culture center, waar wat schilderingen en gereedschap van Aboriginals tentoongespreid lag. 's Avonds hebben we een heerlijke schnitzel in een lokaal pubje gegeten, aangezien de regen aanhield. We hebben wederom gekaart en zijn op tijd gaan slapen.

 

Vanochtend was het weer, zoals wel vaker, volledig omgedraaid. Er was nog wel bewolking, maar het zonnetje scheen erdoor en het was een stuk warmer. We waren inmiddels omsingeld door kangaroes, dus hebben de telling maar even achter ons gelaten. De kangaroes zijn helemaal niet schuw en staan soms op 3 meter van je af een beetje dwaas te kijken wat je aan het doen bent. We hebben ze maar lekker laten grazen en de campervan weer ingepakt.

We hebben goed gebruik gemaakt van de dag en zijn eerst naar Mount William gereden, een hoge berg in de Grampians. De Grampians zijn eigenlijk een serie scheefgestelde pieken, die een gigantische groene vallei in het midden hebben liggen. Het uitzicht vanaf de top was indrukwekkend, al was de wandeling er naar toe wat pittig. Vervolgens zijn we ook nog naar de Balconies gegaan, twee overhangende  stukken rots boven de geweldige vallei. Waaghalsjes als we zijn, hebben we er natuurlijk even bovenop moeten staan. De rust en vrede die in de vallei heerst is heerlijk. Het is er doodstil en het uitzicht was adembenemend. Als laatste hebben we nog een glimp opgevangen van de McKenzie Falls, een mooie waterval die in de vallei naar beneden stroomt, alvorens we doorgereden zijn naar de camping waar we nu (wel binnen) zitten. 

 

De kangaroes staan wederom om ons heen en ze huppelen vrolijk over de camping. Er zijn ook emu's aanwezig, een soort mislukte struisvogel die er verschrikkelijk lelijk uitziet. 

Het is wel grappig om te midden van al het wild te kamperen, zo zie je nog eens wat als je wakker wordt!

 

De komende dagen gaan we richting Adelaide, de volgende grote stad en wereldberoemd vanwege de Barossa Valley, bekend van de beste wijnen van Australië, althans dat wordt gezegd. We gaan hier ook op bezoek bij mijn (achter)neef en zijn vrouw en zoontje, dus we kunnen weer even in een gewoon bed slapen. 

 

Vanavond rest ons niets dan wat spelletjes kaarten (het staat momenteel 43-29 voor Rowan), kangaroes (en misschien ook wel sterren) spotten en lekker op tijd naar bed gaan. Wij hopen dat jullie weer hebben kunnen genieten van het verslag en we horen graag jullie reacties!

 

Heel veel liefs en tot horens,

 

Laura & Rowan

 

 

 

Reactie schrijven

Commentaren: 4
  • #1

    Yvonne (donderdag, 18 mei 2017 15:53)

    Geweldig luitjes!!! Heerlijk om te lezen. Ik beleef het op deze manier helemaal mee. Ik hoor Rowan de opmerkingen al maken. Je blijft toch ook wel een klein pestkopje Rowan.......(maar wel een lieve ;-))
    Wat een tocht hebben jullie gelopen. Goed dat je dit van tevoren niet wist. De dagen in de wijnstreek was dan wel weer een heerlijke beloning.
    Prachtig wat jullie allemaal zien en beleven. En knap hoe jullie het allemaal doen, omgaan met alle weeromstandigheden, pijntjes etc.
    Veel plezier in Australië. Doe de groetjes aan Richard en Jolanda.
    Heel veel liefs, knuffels en dikke kus voor allebei.

  • #2

    Marijk (donderdag, 18 mei 2017 16:48)

    Wat een heerlijk verhaal! Van Nieuw-Zeeland naar Melbourne, van een heftige Abel Tasman naar de walabi's, van Admiral Ackbar naar Orbit II, wie heeft dat nou?! Dan ook nog alle pluizebollen die mooie namen hebben gekregen en invalide struisvogels....geweldig! Tis weer zwaar genieten guy's, voor jullie maar voor het thuisfront ook! Dikke kussen! Marijk <3

  • #3

    Oop Karssing (donderdag, 18 mei 2017 18:47)

    Wat een geweldig verhaal weer. Ik heb me de Abel Tasmantocht wel goed kunnen visualiseren en mee gevoeld hoe de voetjes waren. Maar trots dat jullie het hebben gedaan. Aan het eind is altijd de voldoening en het eigen goede gevoel van iets bereikt te hebben. Het maakt je sterker! Geniet verder in Aussie II en begin eens meteen selectie van de duizenden foto's � Lieve groet en blijf genieten! ��

  • #4

    Yvonne (zondag, 04 juni 2017 17:01)

    Heerlijk was het weer om jullie verhaal en avonturen te lezen!

Sydney en het kiwi-land deel 1

Lieve allemaal,

 

Het is alweer een goede drie weken geleden dat jullie de laatste reis update hebben ontvangen. Intussen hebben wij onze avonturen uiteraard voortgezet. Nadat we onze laatste dagen op de Filipijnen hebben genoten van wat zon, het zwembad, een opblaas-eenhoorn en de Filipijnse gastvrijheid, zijn we op 6 april naar Sydney gevlogen. De reis naar Sydney is zelfs vanaf de Filipijnen nog verassend lang. We zijn op 6 april om 09:30 vertrokken met een privé-busje richting de haven van Boracay, waar een speedboot ons weer naar het andere eiland bracht. Vanaf daar was het nog zo'n 1,5 uur rijden richting het vliegveld van Kalibo. Dit vliegveld is niet wat we als Nederlanders gewend zijn, maar meer een grote loods met 2 incheckbalies waar continu een nieuwe vlucht aan ingecheckt wordt. We moesten dan ook nog ruim een uur buiten wachten voor we de vertrekhal in konden, aangezien onze vlucht nog niet aan de beurt was (Filipijnse efficiëntie). Na een goed uur te hebben rondgehangen, de laatste pesos te hebben gespendeerd aan water, Pringles en wat andere onzinnige versnaperingen, konden we de vertrekhal binnen. Je kunt op Kalibo airport ongeveer 5 stappen naar binnen zetten, alvorens je al voor de X-ray machine staat, tezamen met zo'n 20 andere mensen (Filipijnse efficiëntie). Nadat we na ongeveer 20 minuten onze tassen door de X-ray konden halen, stonden we dan echt 'binnen'. Althans, we konden aansluiten in de volgende rij, die praktisch bij het X-ray apparaat begon. We hadden via Air-Asia een premium flex ticket geboekt, wat ons toegang tot de 'fast-check-in-lane' zou geven. Echter, de Filipijnen zou de Filipijnen niet zijn als dit zo gemakkelijk had geweest. Hoewel deze 'premium-flex-check-in-lane' keurig aangegeven stond op het bordje, was de beveiligingsbeambte zijn eigen handeltje begonnen en werd ons verteld toch gewoon keurig in de ellenlange rij aan te sluiten (Filipijnse efficiëntie). Ondertussen koos hij willekeurig (over het algemeen Filipijns-ogende) mensen uit die dan via de snelle in-check rij konden gaan. Chaos alom, mensen moesten door de rij kruisen, koffers werden gesleept, gesjouwd en geslingerd, goed, de situatie is duidelijk (Filipijnse efficiëntie). Na een goed uur in de rij te hebben gestaan, kijkend naar hoe een vrouwtje alle mensen op het gemakje van een 'boardingpass' (niet meer dan een bonnetje dat je bij de Albert Heijn krijgt) voorzag, konden we aansluiten in de volgende rij, waar nog even 15 euro per persoon aan International Airport Departure Tax betaald diende te worden. Hiermee kreeg je een bewijsje dat je dit betaald had, om dit bewijsje vervolgens bij een mevrouwtje in te leveren dat letterlijk 2 meter verderop zat (Filipijnse efficiëntie). Als laatste kwam je in de rij voor de daadwerkelijke douane, die ons een stempeltje in het paspoort gaf. Afijn, we waren bij de vertrekhal, gevuld met ongeveer 200 plastic kuipstoeltjes, waar we uiteindelijk nog 1,5 uur gewacht hebben op ons 30 minuten vertraagde vliegtuig naar Kuala Lumpur. De vlucht van zo'n 3 uur verliep vrij voorspoedig, waarna we veilig op Kuala Lumpur geland zijn. Daar aangekomen zagen we eindelijk weer een soort van ontwikkelde wereld. We hadden een overstap tijd van een kleine 5 uur, maar gelukkig konden we ons goed vermaken in de sky-lounge van AirAsia, waar we een serie gekeken hebben, wat eten en drinken verorberd hebben en wat contact met thuis gemaakt hebben.

 

Vervolgens zijn we nog een kleine 8 uur doorgevlogen naar Sydney Kingsford Smith Airport. Een lange vlucht, waar we ons toch wel weer even besefte hoe leuk die entertainment schermpjes eigenlijk zijn (deze hadden we niet op deze vlucht). We landden 's ochtends om 08:50 lokale tijd. We zijn nog een uurtje bezig geweest om door de douane te gaan, die redelijk streng is in Sydney. Zo krijg je aardig wat vragen over wat je komt doen, waar je heen gaat, hoelang je blijft, wat je verblijfadres is en wat je gaat doen als je weer weggaat. We moesten ook nog wat schelpen aangeven die Laura van het strand op de Filipijnen had meegenomen, wat ze zijn als de dood dat er iets organisch het land binnen komt met een virus of bacterie dat het Australische ecosysteem kan aantasten. Gelukkig hadden we een vriendelijke meneer die niet al te moeilijk deed over de schelpen en zelfs nog grapte of wij Nederlanders dan ook geen tulpenbollen hadden meegenomen. 

 

En toen waren we er! We hebben de eerste stap op Australisch grondgebied op de foto gezet en werden blij verrast door een heerlijk zonnetje en zo'n 18 graden. We hebben de metro gepakt richting Carlton, een buitenwijk van Sydney, waar twee oude bekenden wonen, Toto en Josh, waar we de 4 nachten in Sydney gingen verblijven. Iets voor het middaguur kwamen we aan bij de voordeur, na een kleine 24 uur onderweg te zijn geweest. Toto was werken, maar we werden hartelijk ontvangen door Josh, die ons meteen even het huis rondleidde, ons voorzag van wat versnaperingen en ons wat tips gaf voor onze tijd in Sydney. Na een klein half uurtje te hebben bijgepraat, zijn we richting Sydney centrum vertrokken. Via Kings Cross (het hart van Sydney), zijn we richting het hostel gelopen waar ik bijna 6 jaar geleden heb geslapen. Vervolgens hebben we wat te eten (een broodje voor Rowan en een sushi-roll voor Laura) en een koffie bij een typische Australische koffiebar (on the street) gehaald. Met het zonnetje op ons hoofd en de vibe van Sydney zijn we richting de Royal Botanic Gardens gelopen, waar ik Laura richting het mooiste uitkijkpunt (Mrs. Macquirie's Chair) heb geleid, waar ze voor het eerst het wereldberoemde Sydney Opera House en de Sydney Harbour bridge heeft gezien. Het was voor Laura redelijk onwerkelijk om dit geweldige gebouw eindelijk in het echt te zien en voor mijzelf ook wel bijzonder om terug te komen op de plaats waar ik mijn eerste reis bijna 6 jaar geleden begon. 

 

We hebben die middag even ongelooflijk de toerist uitgehangen, ongeveer 100 foto's geschoten die praktisch allemaal op elkaar lijken (Sydney Opera House vanaf alle hoeken die mogelijk zijn) en heerlijk gewandeld in de enorm grote botanische tuinen. Aan het einde van de middag zijn we terug gegaan naar Carlton, om samen met Toto en Josh te dineren. Toto was lyrisch om ons (terug) te zien en hij had zijn kookkunsten en cocktail-brouwen nog niet verleerd. Het was een zeer gezellige avond met de nodige alcohol en veel gezelligheid en we hebben goed bijgepraat. Rond 23:00 ging ons lampje wel ongeveer uit, aangezien we nu zo'n 36 uur niet geslapen hadden. Gelukkig hadden ze een super-size-queen-air-bed voor ons, dat verbazingwekkend goed sliep (zeker in vergelijking met de matrasjes die we in de Filipijnen tegen zijn gekomen). 

 

De overige 3 dagen in Sydney hebben we ook goed besteed. We zijn de dag erop wederom het centrum ingegaan, waar we wat parkjes en marktjes hebben aangedaan, de Sydney Harbour hebben bezocht en een goede Australische wijn hebben gedronken in de zon. 's Avonds was het zoals zover ik mij kan heugen wederom feest bij Toto en Josh. Na wat wijn werden we meegenomen naar Newtown, het party-centrum van Sydney, waar we eerst uit eten gingen bij de Thai (goede fried rice, veel vlees en vis en goede wijn). Vervolgens zijn we naar een outside bar gegaan, waar we rustig verder zijn gegaan met allerlei drankjes die Toto ons voorschotelde. Het 'niet-door-elkaar-drinken' beleid geldt niet in Sydney denk ik, want wijn, bier en cocktails wisselden elkaar continu af. Rond middernacht zijn Josh en Laura terug richting Carlton gegaan, maar Toto stond erop dat wij tweeën 'nog 1 bar' zouden bezoeken. Uiteraard werd 1 bar geen 1 bar, maar minstens 4. Ik weet niet wat ik die avond nog allemaal gedronken heb, maar mijn hoofd zei 's ochtends dat ik dat beter niet had kunnen doen. 

Tijd voor een kater was er echter niet, want om 12:00 was er een lunch georganiseerd met lokale, Australische vrienden van Toto en Josh. Nog half ontnuchterend verscheen de wijn alweer op tafel en kregen we reuzenkrabben en Filipijnse gerechten voorgeschoteld (Toto is van origine Filipijns). Een zeer gezellige middag, die uiteindelijk doorging tot in de late uurtjes, dus het werd meer lunch-diner-en-cocktail-party. 

 

Onze laatste dag in Sydney zijn we wederom de stad ingegaan. Het was iets minder weer, dus we hebben ongeveer een 1,5 uur rondgehangen in de Dymock, de grootste boekenwinkel in Sydney. Laura heeft ongeveer elk boekje, pennetje en ander schrijf-en-leesmateriaal vastgehad, maar gelukkig zijn de Australische prijzen zo enorm hoog dat we behalve met een kaart van Nieuw-Zeeland, met lege handen weer naar buiten konden lopen. Dat was maar goed ook, anders hadden we nu ongetwijfeld 2 backpacks van 40kg per stuk.

 

We zijn de laatste avond op tijd naar bed gegaan, hebben Toto en Josh ontzettend bedankt voor alle goede zorgen en werden om 05:00 opgehaald met een taxi voor de deur, om richting het vliegveld te gaan, waar we om 08:50 naar Christchurch (Nieuw-Zeeland) zouden vliegen. De taxi was binnen een half uur op het vliegveld, waardoor we nog wat tijd overhielden om te skypen met het thuisfront, alvorens we konden baarden aan het gigantische Emirates vliegtuig. Je zou denken dat je vanuit Australië niet meer zover hoeft te vliegen naar Nieuw-Zeeland, maar dit duurt toch nog steeds zo'n 3,5 uur (dus ongeveer Amsterdam-Griekenland/Turkije). Om 14:00 (er is nog 2 uur tijdverschil tussen de landen) kwamen we aan op Christchurch International airport. Hier moesten we uiteraard nogmaals door het hele riedeltje, werd ons wederom van alles gevraagd over hoelang we bleven, wat we kwamen doen en zelfs wat voor auto we dan wel niet gehuurd hadden en welke richting we op zouden rijden. Daarna moesten ook de schelpjes van Laura uiteraard nog even aangeven en konden onze tassen door het X-ray apparaat. Een uurtje later stonden we buiten, het was een stukje frisser dan op de eerdere bestemmingen (het is hier inmiddels herfst/begin winter), maar we konden direct instappen in de shuttle bus die ons in een kwartiertje naar Spaceship rentals bracht. We hebben onze campervan opgehaald (deze heet Admiral Ackbar, wat we overigens niet zelf verzonnen hebben) en zijn naar de eerste grote supermarkt gereden om ons te bevoorraden. 

 

Het bevoorraden werd iets minder dan in de VS, omdat Nieuw-Zeeland toch wel ontzettend duur is. Laura wilde graag Nutella, maar voor zo'n 10 euro voor een pot hebben we dat bijvoorbeeld maar laten staan. Vanaf de supermarkt zijn we die dag nog een stukje doorgereden naar het zuid-westen, richting het dorp Geraldine. Het weer was inmiddels omgeslagen naar regen, wat de sfeer wat somberder maakte. Dit kwam voornamelijk omdat de staart van cycloon Debbie nog over de eilanden van Nieuw-Zeeland bewoog, terwijl er op hetzelfde moment een nieuwe cycloon (Cook) vanaf het noorden richting het zuidereiland raasde. De dagen daarop werden daarom ook gekenmerkt door bakken met regen, kou en harde wind. We hebben onze tocht voortgezet richting het beroemde Lake Tekapo en Lake Pukaki, bekend van het azuurblauwe water en het uitzicht op Mount Cook (Nieuw-Zeelands hoogste berg). Helaas waren de meren een stuk minder blauw vanwege de neerslaande regen en was Mount Cook niet zichtbaar door de mist en laaghangende wolken. We hebben die nacht wel voor het eerst in het wild gekampeerd, aan de rand van het meer. Een zeer leuke ervaring, waar we buiten, onder ons campervan luifeltje, hebben gekookt en gegeten. Enige jammere was dat alles nat werd en bleef vanwege aanhoudende miezer en regen, maar goed, we waren aan het wildkamperen. We hebben ons kaartspelletje (duizenden) voortgezet in de campervan, waar ik Laura uiteraard nogmaals flink heb ingemaakt. 

 

De tocht vervolgde zich de dag erop richting Dunedin, de verste stad op Aarde ten opzichte van Nederland! Het was een lange rit, maar aangezien het die dag eigenlijk niet droog is geweest en het kwik niet boven de 10 graden kwam, was het in de campervan toch het lekkerst vertoeven. Na wat 'free-campings' gezien te hebben, die vaak niets meer waren dan parkeerplaatsen langs de weg en aangezien we ook niet zeker wisten of we daar wel mochten blijven staan, zijn we door gereden naar een betaalde camping in Dunedin, wat een goede keuze bleek. 

Cycloon Cook was inmiddels op volle toeren en had na zijn ravage op het noordeiland zijn opwachting gemaakt op het zuidereiland. We hoorden al snel van de overstromingen in Kaikoura en ook in Christchurch, waar rivieren buiten hun oevers getreden waren en het afvoersysteem het niet langer aankon. Via het nieuws hoorden we de adviezen om binnen te blijven en de cycloon in de gaten te houden, die langs de oostkust voorbij raasde aan Dunedin. We hebben besloten nog een extra nacht op de camping te blijven staan, die was voorzien van een groot gebouw met daarin een goede keuken, open haard en een lounge. Die dag zijn we dan ook maar binnen gebleven, aangezien het vrijwel continu met bakken uit de lucht kwam en ook de wind het niet veel beter maakte. Zelfs de 20 meter naar de campervan was genoeg om je kleren te voorzien van een gratis wasbeurt. Toen het ergste van de storm 's avonds dan wat ging liggen, zijn we in het donker achter de camping een stukje wezen wandelen om glowworms te zien. Glowworms zijn de kleine blauwe lichtpuntjes van wormpjes die aan het eten zijn. Erg leuk om een keer zo'n muur met blauwe lichtjes te zien, al was het wel even zoeken omdat we in eerste instantie een verkeerde afslag hadden genomen in het donker (erg handig).

 

De dag daarna zijn we dan toch maar doorgereden richting de westkant van het zuidereiland (het westen is het mooiste deel van dit eiland, waar alle fjorden, bergen en natuurparken liggen). Rond 09:30 vertrokken we vanuit Dunedin en een klein uurtje later gebeurde het eindelijk, de eerste zon in Nieuw-Zeeland kwam tevoorschijn. De regen hield op en de temperatuur steeg direct. Ik ben in mijn korte broek en t-shirt geschoten (goed weer moet je afdwingen) en de zonnebrillen konden uit de tas gehaald worden. We hebben een heel eind richting het westen gereden, richting het dorpje Wanaka. De route ernaartoe veranderde van de weilanden met koeien en enorm veel schapen naar bergen en meren. Rond 16:30 kwamen we aan bij Wanaka, waar we in de nabije omgeving een camping vonden aan de rivier. Met een laaghangend zonnetje hebben we lekker onze spullen uitgestald en heeft Laura lekker zitten koken. We hebben direct wat foto's gemaakt, want je weet natuurlijk niet wanneer je weer een zonnetje te zien krijgt. 

We zijn die avond redelijk op tijd naar bed gegaan, omdat we de volgende ochtend aan onze eerste echte hike gingen beginnen. Na ons te hebben laten informeren bij het informatie centrum, zijn we begonnen aan de hike naar de Rob Roy Glacier, die vooraf ging aan een uurtje rijden over onverharde weggetjes en diepe geulen gevuld met water. Het was een uitdaging om er te komen, maar rond het middaguur zijn we begonnen met onze wandeling. De tocht leidde ons over rivieren via hangbruggen, door de bossen, langs wat watervallen, richting een uitkijkpunt waar je tegen de bergen keek met bovenop de daadwerkelijke Rob Roy gletsjer. Een wandeling van zo'n 2,5 uur heen en 1,5 uur terug, iets wat we toch wel weer even in de beentjes voelden gezien het vele hoogteverschil. Desalniettemin was het het zeker waard en waren we in ieder geval weer lekker buiten in de natuur. We zijn daarna terug gereden naar de camping, hebben lekker gegeten, gekaart (Laura verloor zoals gewoonlijk) en zijn na wat sterren te hebben gekeken lekker gaan slapen. De dag erop zijn we in Wanaka wezen kijken. Het is slechts een klein dorpje, maar het ligt gelegen aan een enorm meer (Lake Wanaka, erg origineel) met een strandje ervoor. We hebben daar onze campingstoeltjes uitgestald, het tafeltje erbij gezet en we hebben vervolgens een eitje gebakken en genoten van het mooie weer, terwijl er toch ook wel wat spierpijn in de benen zat. De dag erop hebben we toch besloten nog een wandeling te ondernemen, omdat ik zelf graag altijd naar topjes van bergen loop. Via het informatiecentrum hadden we gehoord dat er twee erg mooie toppen waren, Roy's Peak en Isthmus Peak. Roy's Peak is de bekendste, maar ook de meer toeristische. Isthmus Peak is minder bekend en dus minder toeristisch, maar had volgens de mevrouw ook het betere uitzicht, omdat je vanaf daar twee meren (Lake Wanaka en Lake Hawea) kon aanschouwen. Beide tochten stonden aangemerkt als 'hard'.en zouden 6-8 uur duren. We kozen voor Isthmus Peak. 's Ochtends zijn we op tijd vertrokken richting deze berg, waar we vooraf een camping hadden gereserveerd met douche en goede voorzieningen voor als we terug zouden komen. 

Dat de tocht als 'hard' aangemerkt staat hebben we geweten. Na eerst 15 minuten lekker langs een kabbelend stroompje te hebben gelopen, waar schapen, koeien en zelfs herten stonden, hebben we daarna 4 uur lang niets anders gezien dat een steile helling. 

Het is maar goed dat we bij de start niet de top konden zien, anders weet ik niet of we samen boven waren gekomen. Ik heb mijn medepartij soms was puf aan moeten praten en moeten vertellen dat we er waarschijnlijk wel al bijna waren, al waren we achteraf misschien pas net over de helft. De weg kronkelde door bossen, langs steile weilandjes naar boven, terwijl het uitzicht op Lake Hawea steeds mooier werd. Tegen de klok van twee uur werd de lucht zelfs blauw, wat het zicht nog veel mooier maakte. De zon verscheen tussen de wolken, wat heerlijk was, maar tegelijkertijd er ook voor zorgde dat de helling nog 3 maal steiler leek. We hielden de moed erin en bleven klimmen. Na zo'n 3,5 uur leken we dan toch echt boven, waar we opgewacht werden door een bordje met daarop 'Isthmus Peak' en een pijl naar rechts. We keken naar rechts, waar een weggetje liep dat een heel eind over de bergkam liep naar een topje in de verte. Een ietsiepietsie weemoedig, maar met de gedachte dat we nu al zover waren, zijn we het weggetje ingeslagen, hebben we nog een goed halfuur doorgelopen (of gekropen) richting het puntje. Laura heeft de merkwaardige vaardigheid om bij elke wandeling de eerste drie uur achteraan te lopen en aan het einde een soort Usain Bolt snelheid op te pakken, wat ervoor zorgde dat ze als een paard naar het laatste bergtopje doorliep, terwijl ik als een sjokkende ezel met een tas met al het eten, water, camera en statief erachteraan kwam. Vanaf het topje riep ze me toe dat ik nog even door moest lopen omdat het uitzicht het toch echt wel waard was. Zo gezegd zo gedaan en het was het waard. De lucht was volledig opgeklaard en het uitzicht was adembenemend. Tot aan de horizon waren er bergen te zien, afgespiegeld tegen de twee kristalheldere blauwe meren in de voorgrond. Het gele herfstgras dat schitterde in de zon en de nog groene bomen aan de overkant op de bergen maakten het plaatje compleet. Een Nieuw-Zeelandse man, die met zijn zoon de zelfde tocht begaan had, wist ons het een en ander te vertellen over de omgeving, de bergen de meren. We hebben uiteraard de nodige foto's gemaakt op de bergtop, ik heb dat statief en de camera natuurlijk niet voor de lol naar boven gesjokt en zijn rond half 4 aan de afdaling begonnen. Zoals men wel eens zegt, afdalen is nog zwaarder dan stijgen, kwam hier wel tot zijn recht. We zijn zo'n 2 uur bezig geweest met door onze knieën zakken, en terwijl we nog even hebben overwogen op de rug van een schaap te springen om beneden te komen (het schaap wist echter wel beter en maakte zich al snel uit de voeten), waren we bijzonder opgetogen om uiteindelijk beneden aan te komen bij onze Admiral Ackbar. Na even gecheckt te hebben of we nog knieschijven hadden, zijn we richting de camping gereden, waar we eerst de beste douche in tijden hebben gehad. Vervolgens werd ons verteld dat er een goed, goedkoop restaurantje op 10 minuten lopen of 2 minuten rijden zat en aangezien we ontzettend hongerig waren en het al donker werd, hebben we eens gek gedaan en zijn we erheen gegaan. Uiteraard werd het 2 minuten rijden, gezien 10 minuten lopen op dat moment waarschijnlijk een ambulance ritje had geworden (bij wijze van spreken natuurlijk). We hebben een gigantisch bord spareribs weg zitten werken, alsof we al 3 weken niets gegeten hadden. Het werd een erg gezellige avond bij de warme open haard en we zijn rond 22:00 terug naar de camping gereden (wat zijn we toch lui). We hebben het bed opgemaakt, hebben ongeveer 2 minuten van de sterren genoten en zijn daarna als 2 kleine kinderen na een dag buitenspelen in slaap gevallen.

 

Toen we 's ochtends wakker werden voelden we allebei spieren waarvan we niet wisten dat we ze hadden, het duurde dus ook even voor we, wat krampachtig, uit de campervan gerold waren. We hadden vooraf aan de hike nog bedacht allebei de toppen (Isthmus en Roy's Peak) te bewandelen, maar we hebben de tweede top even laten schieten. In plaats daarvan hebben we onze weg verder zuidwaarts gemaakt, richting Queenstown, de grootste stad in het zuidwesten van Nieuw-Zeeland, waar we de grote boodschappen gedaan hebben en onszelf bevoorraad hebben. Vervolgens zijn we nog verder naar het zuiden gereden, richting de fjorden. We zijn ongeveer tussen Queenstown en Te Anau (waar de fjorden beginnen) gestopt en hebben geslapen op een eenvoudige camping langs de weg. Hier ontmoetten we twee Fransen die ons vertelde dat het weer niet zo heel lang meer goed zou blijven in de omgeving en dat zij daarom de dag erop direct door zouden rijden naar de Milford Sound, de bekendste en misschien wel mooiste fjord van Nieuw-Zeeland. 

Toen we de dag erop wakker werden, was het inderdaad stralend weer en zijn we begonnen aan onze rit naar Te Anau en vanaf daar de enige weg in richting de fjorden over. Ik was zelf zeer verheugd over deze weg, aangezien ik hem ruim 5 jaar geleden had gereden terwijl het in dichte mist lag. Dit is misschien wel een van de mooiste stukjes van Nieuw-Zeeland. Het is een smalle, bochtige weg die kronkelt door het landschap dat gemaakt is door gletsjers en rivieren. Achter iedere bocht wordt je verrast door watervallen, kraakheldere meren, uitgestrekte vlaktes of dichtbegroeide bossen. De tocht, die zo'n 2 uur rijden is vanaf Te Anau is op zich al een avontuur en een hoogtepunt. We besloten dat we, gezien het prachtige weer, de Milford Sound toch maar dezelfde dag moesten bezoeken. We boekten de enige camping op loopafstand en hadden geluk met een van de laatste plekjes. We zouden hier twee nachten blijven, mede omdat we de laatste dagen eigenlijk al best veel gereden hadden en de enige weg terug dezelfde was als waarover we waren heen waren gekomen. Vanaf onze camping was het een klein half uurtje wandelen naar de Milford Sound. We kwamen er rond 14:00 aan, terwijl de fjord in de volle zon lag. De plaats op zich is ontzettend indrukwekkend. Het is gelegen tussen twee enorme rotswanden, die dramatisch ogen door meerdere watervallen. Te midden van de fjord ligt Mitre Peak, de meest gefotografeerde berg van Nieuw-Zeeland. De plaatst staat niet voor niets bekend als 'het achtste wereldwonder'. In de omgeving van de fjord ligt ook een wandeltocht, de Milford Track, die 3 dagen duurt en in de top 10 mooiste wandelingen op de wereld staat. Helaas dien je de hutten om in te slapen te boeken, welke vaak al een jaar van te voren volgeboekt zijn. Een andere optie is om een cruise te nemen door de fjord, voor zo'n 40 euro per persoon. Andere opties zijn helikopter of vliegtuig vluchten, maar deze kosten minstens 10 keer zoveel. We besloten de cruise te doen. Uiteraard een redelijk toeristische manier, maar ook een van de weinige mogelijkheden om de fjord in volle glorie te bekijken. Er was nog plaatst voor een 1 uur en 45 minuten durende cruise die zou beginnen om 15:15. We boekten deze tocht en wachtten. De hoeveelheid Chinezen nam met de minuut toe en ook de Fransen van de nacht ervoor waren present. De dame wist ons nog te vertellen dat dit de beste cruise was, omdat hij het rustigste was van allemaal omdat het de laatste van de dag was. Niets bleek minder waar, omdat eenzelfde cruiseboot kapot was gegaan, werden twee cruises samen gestopt op onze boot en hadden we waarschijnlijk de drukste boot van de dag. Even leek de pret wat gedrukt te worden, gezien we tussen een massa mensen op het dek stonden. Maar goed, we vertrokken. We kregen ultra-toeristisch een welkomstbandje te horen, gevolgd door een meneer met een microfoon die ons het een en ander begon te vertellen over de fjord. Na een minuut vertelde hij ook dat het enorm rustig was op het dek aan de voorkant. We lieten ons dit geen tweede keer zeggen en zijn direct naar de voorkant vertrokken, waar slechts 5 mensen stonden. We hadden ineens de beste plaats op de boot en de fjord lag voor ons uitgestrekt in de zon. 

De boot maakte zijn tocht door de fjord, wat ongelooflijk mooie beelden opgeleverde. De gigantische wanden, boven begroeid door bebossing en watervallen die naar beneden stromen, het kristalheldere water, de blauwe lucht, de glinstering van de zon en de pieken van de bergen die over de fjord schaduwen maakt de Milford Sound terecht een van de mooiste plekken in Nieuw-Zeeland en misschien ook wel op Aarde. Aan het einde van de fjord bevindt zich de Tasman Sea, ook wel 'the Ditch' genoemd, de smalle zee die Nieuw Zeeland en Tasmanië (Australië) scheidt. Hier draaide de boot om om nogmaals door de fjord te varen. Ditmaal met de zon in onze rug, wat wederom een erg mooi gezicht was. We kwamen eerst een groep zeehonden tegen, die lekker op de rotsen lagen te luieren. Vervolgens waren we onderweg naar een grote waterval, waar je de 'Glacial Facial' kan ervaren, wat eigenlijk inhoud dat je zeiknat wordt omdat de voorkant van de boot onder de ijskoude waterval doorgaat. Echter, voordat we de Glacial Facial konden ervaren, gebeurde er iets bijzonders. Laura heeft me al sinds het begin van de relatie verteld dat ze zo graag een een dolfijnen groep in het wild wilde zien. Toen we op ongeveer 200 meter van de waterval waren, zag ik ineens een hele hoop plonzen uit het water komen. Laura was net even koffie halen en stond dus binnen. Ik heb een minuut staan springen en wuiven dat ze moest terugkomen, omdat ze dacht dat ik een grapje maakte. Maar nee, voor de waterval bewoog zich een gigantische groep met bonte dolfijnen, de grootste dolfijnen soort. Ze sprongen vrolijk uit het water en kwamen zelfs direct naar de boot zwemmen, waar ze 'surften' op de golven van de boot. Een van ons, ik noem geen namen, kon haar geluk niet op en heeft haar ogen uitgekeken. Terwijl ik inmiddels nat was geworden van de Glacial Facial in mijn rug, die plots een stuk dichterbij was dan we dachten, omdat we onze ogen uit staarden naar het water onder ons, stond mevrouw te huppelen op het dek. Ik denk dat ze ongeveer 1500 foto's en 120 filmpjes heeft gemaakt en ik hoor tot op de dag van vandaag of ik 'het dolfijnen filmpje' nog een keer wil zien. Een geweldige verrassing om ze zo in het wild tegen te komen was het zeker, des te meer omdat we het niet verwacht hadden op deze tocht en zeker met de gedachte dat je normaal minstens het drievoudige betaalt voor een tocht om dolfijnen van zo dichtbij te kunnen zien. 

 

We vaarden door, nog zo'n halfuur in het namiddagzonnetje, door de prachtige fjord, langs nog een grote waterval, totdat we eind van de middag weer aan land stonden. Een zeer geslaagde tocht en een waanzinnige ervaring. We waren geluksvogels, zo vertelde ook de meneer op de boot, aangezien het 2 van de 3 dagen regent in de Milford Sound en dolfijnen slechts af en toe gezien worden. Ook vertelde hij ons dat je slechts in de omgeving van de Milford Sound kunt wonen als je ook een baan hebt in de Milford Sound die bijdraagt aan het behoud van de fjord, een goed initiatief. Het blijft mooi om de natuur te zien zonder al teveel invloed van mensen.

Na nog wat foto's van de fjord en de ondergaande zon genomen te hebben en half opgegeten te zijn door zandvliegen, liepen we terug naar de camping, waar we nagenoten hebben van de dag, lekker gegeten hebben en in de lounge gekaart hebben (nee Laura heeft wederom geen vuist kunnen maken). 

 

Dat het een goede keuze bleek om de dag ervoor de cruise te doen, ondervonden we de ochtend erop, aangezien het een redelijk bewolkte dag was, waarin de fjord slecht zichtbaar was. We zijn de dag in de omgeving van de camping gebleven, hebben 'het dolfijnen-filmpje' zo'n 10 keer bekeken, alle apparatuur opgeladen, alle kleding gewassen en gewoon even lekker gezeten. Oja, we hebben die dag ook gekaart en ja Laura heeft toen eventjes voorgestaan; eventjes! 

 

De dag daarna zijn we weer vertrokken uit de Milford Sound. De dag begon bewolkt, we hebben nog even een stop gemaakt bij 'the Chasm', een korte wandeling naar een waterval die door een uitgesleten kloof met afgerond gesteente stroomt. Gelukkig klaarde het weer al snel op, wat de tocht net zo mooi maakte als die op de heenweg. We reden naar Te Anau, en vervolgens het hele eind richting Queenstown, wat zo'n 4 uur rijden was. We vonden een camping aan de westzijde van Queenstown, aan het einde van een lange onverharde weg bij de Moke Lake. We hebben ons kampje opgezet, gekookt en gegeten terwijl het al donker werd. Het was die avond enorm helder en we werden verrast door een serie van lichtstralen die we niet thuis konden brengen. Tegen 21:00 wilde ik wat foto's maken van de sterren, terwijl Laura lekker in de campervan lag te lezen. De stralen werden op den duur steeds helderder en ik besloot een wandelingetje om een stukje van het meer te maken. Al snel ontmoette ik wat andere fotografen, die zeer fanatiek foto's aan het maken waren van dit verschijnsel. Ik vroeg ze of ze wisten wat het was. Wat bleek, het zijn 'proton arcs', lichtstralen die reflecteren op de magnetosfeer, ofwel, een verschijnsel dat de maken heeft met het zuiderlicht (hetzelfde als het noorderlicht, maar dan op het zuidelijk halfrond). Oké, genoeg generd, het leverde in ieder geval hele mooie foto's op met in de voorgrond het meer, omgeven door wat bergen en daarachter deze proton arcs. Vervolgens ben ik terug gelopen en hebben we samen nog zo'n uur naar de sterren hemel met daarin een duidelijke melkweg liggen kijken, voordat we rond middernacht zijn gaan slapen.

 

De volgende dag zijn we Queenstown ingegaan, waar we de middag rond hebben gekeken en een lekkere Starbucks gedronken hebben. Leuk om dit adrenaline-dorpje te zien, vanwaar je ongeveer elke adrenaline-activiteit kunt doen. Denk hierbij aan skydiven, bungeejumpen, raften, helikopter vluchten en dergelijke. Ik heb zelf de bungee al eens gedaan in Queenstown en we hadden in Zuid-Afrika samen gebungeejumped, dus we hebben het deze keer bij 'cultuur snuiven' gehouden, ook om het thuisfront niet de stuipen op het lijf te jagen.

 

Eind van de middag zijn we verder richting het westen gereden, naar Glenorchy, wereldberoemd vanwege wat scènes uit de Lord of the Rings trilogie. We hebben hier wederom gigantische rivierbeddingen en vlaktes gezien, die nog geen spoor hebben van menselijke invloed. 's Avonds kwamen aan op onze camping aan het einde van dit landschap, vlak voordat het onherbergzame Mount Aspiring National Park begint. Vanaf hier zijn er bijna geen auto wegen meer en kun je slechts nog lange, meerdaagse wandelingen maken. Voor ons het einde van ons bereik voor nu, maar wel een geweldige omgeving om de nacht door te brengen. We hebben hier nog even onze mede kampeerder proberen te helpen omdat de meneer zijn koplampen de hele dag aan had laten staan terwijl hij lekker aan het wandelen was. Na twee keer de auto van een heuveltje te hebben geduwd, zonder succes, heeft hij zich toch maar laten verslepen. 

 

Wij zijn lekker naar bed gegaan, om de volgende ochtend, via Queenstown, weer richting Wanaka te rijden (dit is de enige weg in het zuiden, dus je rijdt het hele stuk op en neer tot aan de Milford Sound). In Wanaka zijn we verbleven op de camping met de douche, dezelfde als na onze zware toch naar de Isthmus Peak. De mevrouw van de camping herkende ons nog en vroeg naar onze avonturen. Ze vroeg ook of we het zuiderlicht hadden gezien, aangezien het blijkbaar al dagen gaande was in de omgeving. We hebben onze foto's laten zien en ze vertelde ons dat we Mount Iron moesten beklimmen als het donker was, omdat het daar het beste te zien zou zijn. We hebben de kans gegrepen en zijn die avond naar Mount Iron gegaan, dat een ongeveer 300 meter hoge heuvel is. Helaas hadden we niet veel geluk, we zijn in zo'n 45 minuten door het donker naar de top gelopen, maar eenmaal boven was het te bewolkt om iets van het licht waar te nemen. Na een half uurtje gewacht te hebben, zijn we weer naar beneden gewandeld en terug gereden naar de camping, om de nacht door te brengen.

 

Vanaf de volgende ochtend betraden we weer een nieuw stuk Nieuw-Zeeland. We reden noordwaarts, over de Haast bergpas richting de westkust, het land van gletsjers, regenwoud en meer watervallen (en zandvliegen). We reden zo'n 5 uur over een ontzettend mooie weg, die aan de ene zijde gekenmerkt wordt door de meren, maar nadat we over de bergpas reden al snel omsloeg in dichte begroeiing met varens, veel bomen en riviertjes. We zijn nog bij wat watervalletjes gestopt, om uiteindelijk te eindigen in het dorpje Fox Glacier, vernoemd naar de naastgelegen Fox Glacier. Hier hebben we de nacht doorgebracht op een camping met een leuke bar ernaast. We zijn hier 's avonds heengegaan en hebben een biertje (een een cider voor Laura) gedronken, onder het genot van een potje pool en wat potjes kaarten (waar Laura inmiddels weer vervallen was tot het gebruikelijke verlies, wat geldt voor kaarten en poolen overigens). Ondanks dat was het een gezellige avond.

 

's Ochtends zijn we naar de Fox Glacier gewandeld, een tocht van een uurtje. Voor mij zijn alle gletsjers nog steeds zeer indrukwekkend, zeker om te zien dat ze al zover zijn terug getrokken en over enkele tientallen jaren misschien wel helemaal verdwenen zijn, maar voor Laura is het naar eigen zeggen 'heel veel en wel mooi ijs, maar verder niet super bijzonder'. 's Middags zijn we richting Lake Matheson gereden, een klein, sereen meertje, waar je, als het helder en windstil is, de reflectie van Mount Cook in het meer kunt zien. Wij troffen het meertje met bewolking en wind aan, wat het eigenlijk niet heel anders maakt dan een meertje in Nederland, behalve dat het omgeven is door regenwoud en doodstil is. We hebben een lekker stukje gelopen langs het meer, even gezeten bij het uitkijkpunt en ons de reflectie maar ingebeeld. Vervolgens hebben we bij het lokale 'Lake Matheson café' een lekkere koffie gedronken en zijn daarna doorgereden naar het volgende dorp, Franz Josef, gelijknamig aan de wederom nabijgelegen gletsjer. Dit was slechts een halfuurtje rijden, waarna we aankwamen bij het Rainforest Retreat, een lodge en camping midden in het regenwoud. We hebben hier 3 nachten geboekt, waarvan er nu 2 verstreken zijn. Franz Josef lijkt ook een locatie waar veel backpacker-bussen 2 nachten overnachten en onze lodge en camping is ook de plek waar al deze mensen slapen. Er zit een leuk restaurant met pooltafel en bar bij, waar je de avond kunt vertoeven. Ook mag je gebruik maken van de gratis hottub, wat een warme verrassing was na de koude nachten (en soms ook dagen). De avond van aankomst hebben we een groep backpackers uit een van de bussen ontmoet en tevens wat Australiërs die ook een roodtrip aan het maken waren. We hebben met z'n allen in de hottub gezeten en vervolgens wat gedronken tijdens happy hour(s), de enige tijd die alcohol enigszins betaalbaar maakt in Nieuw-Zeeland. Het werd een lange avond, met wat spelletjes pool, de nodige drankjes en alle verhalen van de anderen. Erg interessant om te horen wat zij allemaal gezien en gedaan hebben, maar we waren toch ook wel blij dat we niet de hele dag in een bus hoefden te zitten en gewoon onze eigen campervan hadden, dat lijkt toch iets meer vrijheid te geven.

 

Gisteren ochtend hebben we met dezelfde groep de Franz Josef Glacier bezocht. Met een groep van 10 begonnen we aan de tocht, waar 1,5 uur voor staat. Normaal gesproken is dat eigenlijk maar een uur lopen, maar door alle gezelligheid, geklets, foto's hebben we er nog 2,5 uur over gedaan. Gelukkig was het wel erg gezellig. 's Middags hebben we nog wat in de hottub gehangen en 's avonds wederom in de bar. We hebben afscheid genomen van onze nieuwe vrienden, want vandaag is de bus met backpackers vertrokken richting het zuiden en hebben we dus nog een dagje samen. Helaas is vannacht ook de regen weer ingetreden, voor het eerst sinds bijna twee weken, en zitten we nu dus in een lokaal barretje bij de open haard. Terwijl ik dit verslag typ, is Laura lekker in haar dagboek aan het schrijven en genieten we van de koffie, ook niet heel erg. 

 

De komende dagen zullen we ons richting het noorden bewegen, naar Arthur's Pass, Tasman en Abel Tasman National Park, op weg naar meer avontuur!

 

Voor nu laat ik het hierbij, maar volgens mij hebben jullie genoeg leesvoer gehad voor eventjes! Met ons gaat het zoals jullie begrijpen erg goed en we vermaken ons iedere dag weer, dus jullie hoeven je nog geen zorgen te maken dat we heimwee krijgen, al missen we jullie natuurlijk wel!

 

We kijken uit naar jullie reacties en we hopen dat jullie allemaal een hele fijne koningsdag hebben gehad!

 

Veel liefs en groetjes,

 

Laura en Rowan

Reactie schrijven

Commentaren: 4
  • #1

    Marijk (vrijdag, 28 april 2017 10:03)

    Ik lees veel fjorden, veel bergen, veel watervallen, veel hike's, veel potjes kaarten, veel campings, veel gletsjers, veel prachtige natuur(verschijnselen), veel rijden, veel duur, veel kou, veel regen, toch ook wel veel zon, veel dolfijnen (ook gezien op veel filmpjes en veel foto's :)) maar vooral veel gezelligheid en veel genieten! Wat een reis! Echt superveel, eh...vet! En dan te bedenken dat jullie vandaag de dag pas 54 nachtjes weg zijn en nog zooooooovveeeeel nachtjes voor de boeg hebben! Wat heerlijk dat het zo goed gaat en dat jullie dit allemaal samen beleven! Ben blij dat jullie de alleen cultuur gesnoven hebben in Queenstown en jullie je niet van een 1 of ander berg, brug of uit een vliegtuig hebben laten vallen :). Voor het thuisfront is dit alles al spannend genoeg! Dikke kussen lieve schatten en ik zou zeggen, ga vooral zo door! Wij blijven op afstand meegenieten! <3!

  • #2

    Yvonne (vrijdag, 28 april 2017 10:07)

    Wouw Wouw Wouw..............wat een geweldige reis. Prachtige wat jullie allemaal zien en dit samen beleven. Je wordt er bijna 'jaloers' van ;-) Echt heel mooi. Heel bijzonder om al die natuur en aparte natuurverschijnselen te zien en te ervaren. Het geeft wat spierpijn, maar ach dan zie je ook wat.....pffff. Foto's zijn ook schitterend. Wat een geweldig land. Jammer dat het zover weg is.
    Een cadeautje om die dolfijnen zien, echt super. Daar word je op dat moment toch echt heel gelukkig van.
    En Laura nu even gaan winnen hoor. Ik moet stiekem wel een beetje lachen want ik zie die snoet van Rowan al voor me en ik hoor het hem zeggen die opmerkingen die hij schrijft, heel irritant.....maar hou vol.
    Dikke kus en knuffel voor allebei en alweer benieuwd naar wat jullie komende tijd gaan zien.

  • #3

    Hans Karssing (vrijdag, 28 april 2017 10:18)

    Wat een heerlijk verhaal weer, erg leuk om te lezen !!
    Wat ben ik een klein beetje jaloers zeg op de trip die jullie maken.
    Blijf genieten en schrijven.

    Groetjes,
    Hans

  • #4

    Mart (zaterdag, 29 april 2017 21:43)

    Lieve Lau en rowie
    Wat een heerlijk blog weer ! ik denk idd als je zoveel moois ziet dat je ook kunt blijven schrijven. Ook de foto's en filmpjes die we af en toe krijgen zien er prachtig uit!
    De cruise, wel een van de hoogtepunten , je hebt gezien wat je zo graag wilde zien Lau !
    Dolfijnen in het wild!!! Ik kreeg kippenvel bij het zien van de filmpjes ! en ook dat draaien voor de boot geweldig super vet!
    En wat een sterren aan de hemel in de nacht ook ik zou echt te kort hebben aan
    2 SD kaartjes Haha ! Je blijft foto's nemen.
    Ik heb trouwens zitten rekenen en zei altijd als jullie ergens waren geweest ,,Daar wil ik ook heen!"nou als wij dit allemaal nog moeten zien mag ik volgend jaar wel met pensioen! want dat gaat hem qua tijd niet worden met 3 weken vakantie achter elkaar per jaar Haha of ik moet 105 worden, beetje jaloers ben ik wel op jullie!
    Maar vind het zo leuk en fijn om te zien hoe jullie het samen hebben.
    Het heeft even geduurd maar daar is de spreuk weer: Blijf genieten van al het moois dat op jullie pad komt ,maar het meest van elkaar.

    Xxx dad

Filipijnen - Deel 2.

Lieve lezers, 

 

Daar zijn we weer, vandaag precies een maand op reis en wat een lange tijd hebben we nog te gaan. In verband met de slechte WiFi mogelijkheden hebben we niet eerder de mogelijkheid gehad om reacties van jullie te accepteren op de website/de website te updaten. We lezen alle reacties wel via de mail, heel leuk om dit steeds weer te ontvangen, het is altijd fijn om gemist te worden door mensen die je liefhebt. 

 

Het is hier momenteel 11:20 en onze laatste dag in de Filipijnen is een paar uur geleden ingegaan. Sinds ons vorige verslag is er ontzettend veel gebeurd dus ik zou zeggen: pak een lekker kopje koffie, laat het werk op deze woensdagmiddag even voor wat het is, leun lekker achterover in je stoel en geniet van dit lange verslag! 

 

Ons vorige verslag eindigde in Port Barton waar we op dat moment net waren aangekomen. We hebben die dag eigenlijk rustig aan gedaan, hebben een beetje bij het strandje gezeten en in de zon gelegen en we hebben wat rondgelopen langs alle restaurantjes. Die avond hebben we wat gegeten bij ons restaurant. Halverwege de avond werd een vrouw die zat te dineren niet goed. Ze had die dag gedoken, maar had vorig jaar een kaakoperatie gehad (niet heel handig om dan nu te gaan duiken maar oke). Ze was wit weg getrokken en had steeds het gevoel dat ze flauwviel. Het dronken gevoel van de rum cola had plaats gemaakt voor adrenaline en ik heb haar geholpen waar ik kon. Na een tijdje voelde ze zich gelukkig beter. De twee meiden waren heel dankbaar, dat doet je altijd goed! De volgende dag moesten we vroeg op aangezien we een boot tour hadden geboekt die van 09:00 tot 17:00 zou duren. We werden welkom geheten op een wat grotere Bangha dan normaal. Er zat een frans meisje die het bedrijfje samen met haar Filipijnse vriend runt. Ze is 2 jaar geleden vanuit Parijs daarnaartoe verhuist. De Filipijnse gast was ontzettend enthousiast. Hij had lange haren, petje op, relaxte kleding aan, slippertjes, die gasten zijn volgens mij gemaakt om te leven op het water. De groep bestond uit ons (duh), 2 Nederlandse meiden en 3 Israëlische jongens, niet te vol dus maar wel gezellig gezelschap. De omgeving van Port Barton is prachtig. We hadden ontzettend lekker weer, hebben wel duizend keer gesmeerd maar ondanks dat was Row aan het einde van de dag toch verbrand. We werden al vrij snel afgezet bij de eerste snorkelplek, dit was anders dan normaal aangezien er overal in het water kwallen zaten, en niet zo weinig ook. Vooral in de open zee zwommen duizenden kwallen. Dit is volledig tegen het natuurlijke in, je weet in je hoofd namelijk dat je nooit moet gaan zwemmen in water waar kwallen zitten, deze kwallen waren echter niet giftig en ze konden ook niet steken. Verstand een beetje op nul en je moet het maar zo zien dat we dit weer van de bucketlist konden afstrepen. Mooi koraal lag verscholen achter de grote scholen kwallen, we hebben Nemo's gezien, lion fishes en nog heel veel andere soorten visjes. Erg vet! 

 

De volgende stop was op een eiland, en wat voor eiland. We waren de enige toeristenboot dus het was ontzettend rustig. We hebben de twee Nederlandse meiden leren kennen, Berber en Sanne. Ontzettend gezellig, volgens mij allebei erg prettig gestoord en vol met goede ideeën. Het beste idee kwam op dit eiland, namelijk: pak een zwemvest, leg deze open, leg hem in het water en ga erop zitten. Ik kan jullie uit ervaring vertellen: dit zit geweldig! Een drijvende stoel. Met zn viertjes in een cirkel heerlijk aan het kletsen en elkaar wat beter leren kennen. De meiden waren al een hele tijd aan het reizen, Berber had nog drie maanden te gaan, Sanne ging over een week terug naar haar woonplaats. Tegen verwachting in bleek haar woonplaats echter niet meer in Nederland te zijn, over een week zou ze namelijk gaan intrekken bij haar vriend in Australië. Een waanzinnig vet verhaal en zoveel respect voor haar dat ze deze stap gaat nemen. Het gesprek werd afgesloten met een zin die ik niet snel zal vergeten: wie zegt dat het voor altijd is? 

 

Op dit eiland hebben we ook een geluncht. En hoe! Ontzettend veel eten stond op tafel, waaronder een hele vis, vers bereid en gevuld met allemaal groenten, heerlijk! Lekker gekruide kip, veel rijst, veel groente, veel saus. Zoals de Filipijnse jongen vertelde: in de Filipijnen wordt er vaak gevraagd aan de toeristen of ze willen helpen met het opeten van het eten, tuurlijk! Geen probleem hoor, ik help wel :-). Ondertussen speelde er iets minder, de sfeer tussen het franse meisje en de Filipijnse jongen veranderde aanzienlijk. Berber wist te vertellen dat ze na het snorkelen terug was gekomen op de boot terwijl er een fixe ruzie gaande was tussen die twee. Het meisje heeft bijna niks meer gezegd de hele trip, de jongen probeerde er een feestje van te maken, wij hebben de pret er niet door laten drukken!

 

Na de lekkere lunch was er nog wat tijd om door te brengen op onze drijvende stoelen, daarna zijn we verder gegaan naar de volgende bestemming: wederom een eiland met een bar waar bier kon worden gekocht! Aangezien ik geen bier lust heb ik mij voorgenomen dit tijdens deze reis maar eens te gaan leren drinken, vooral omdat ik dalijk toch weer ga studeren en hier toch een beetje bier bij hoort. Met zijn vieren hebben we biertjes gekocht en terwijl we heerlijk op ons drijvende stoeltje zaten scheen het zonnetje; wat een leven. Nadat we hier weer wat tijd hebben doorgebracht zijn we nog op twee plekken gaan snorkelen, ook dit was weer mooi en leuk. De tour eindigde met een bezoekje aan het kleinste eiland wat we ooit gezien hebben. Midden in de oceaan lag een klein zand eiland, zonder palmboom of iets erop. Het eilandje had een omtrek van ongeveer 1 minuur lopen en het was overgestoken in ongeveer 10 seconden. De enige bewoners van het eiland waren 4 zeesterren. Na dit eilandje was het alweer 17:15 en zijn we terug gevaren naar Port Barton. Eenmaal hier hebben we samen met Berber en Sanne besloten dat het misschien wel leuk was om de avond met hen door te brengen. 

 

De avond begon met heerlijke cocktails bij een cocktailbar op het strand. We hebben een pizza besteld en een soort kip nuggets (Same Same but different). Terwijl het zonnetje onderging hebben we heerlijk gekletst. Ze vroegen ons naar de manier waarop we elkaar hebben ontmoet en wat het plan is voor deze reis en daarna. Op dit soort momenten is het zo bijzonder om te vertellen dat je dit samen doet en dat je toch ook al een hele tijd bij elkaar bent. Na de cocktails zijn we gaan douchen, hebben we alle vier apart avond gegeten en na het eten hebben we weer afgesproken. We zijn naar een lokale soort kroeg gegaan. Echt een kroeg wat ik zo graag in mijn leven nog eens wilde meemaken. Op het strand, overal houten meubels, vreselijke lokale muziek, maar zo'n relaxte sfeer. We waren een van de weinige toeristen, de rest waren alleen maar locals. Het stel van de boot was er ook, stonden apart maar zij lachte weer dus waarschijnlijk hadden ze het goedgemaakt. We hebben biertjes gedronken, hebben gekeken naar locals die met een soort vuur ballen allemaal dansen deden en we hebben wederom weer heerlijk gekletst. Een super relaxte sfeer met leuke en gezellige mensen, top!

 

De volgende dag zijn we in de middag met een van naar Tapik gegaan, wederom een helse tocht. Aangezien de achterkant zo volgepropt zat werden Row en ik voorin bij de chauffeur gezet. Tassen op schoot. Drama. Verstand op nul, blijven lachen en vooral heeeeeeel erg blij zijn wanneer je op je volgende bestemming aankomt; Tapik. Wat een leuk resort was dit. De minivan ging het laatste stukje over het strand en bleef stil staan bij een open restaurant met kaarsjes, lichte doeken en hele lieve mensen. Omdat we wat geld overhadden en de twee nachten daarvoor erg slecht hadden geslapen (de ventilator ging uit om 00:00 aangezien de elektriciteit op dat moment werd afgesloten op dat stuk van de Filipijnen), hebben we een upgrade genomen van een tent naar een kamer. Een goede keuze want na het lekkere avondeten (weer eens pasta!) zijn we als een blok in slaap gevallen. 

 

De volgende dag stond onze privé eiland ervaring op het programma! Om 10 uur zijn we opgehaald door onze 2 privé gidsen. We hebben op twee mooie plekken gesnorkeld en zijn daarna naar een eerste eiland gevaren. Dit was nog niet ons slaap eiland maar het was wederom een eiland waar we voor lunch hebben gegeten. We kregen een lunch waar 10 mensen van konden eten, verse inktvis, verse vis en kip. Alles weer zo lekker gekruid en zo vers; heerlijk! We hebben een lange tijd op dit eiland doorgebracht en hebben veel foto's gemaakt aangezien de combinatie van wit zand, palmbomen en een licht blauwe zee weer perfect gecombineerd waren. Na dit eiland zijn we naar ons eigen eiland gevaren. Dit duurde iets langer dan verwacht aangezien de motor even kapot was (dit is ter plekke op de zee weer gemaakt) en we hadden erg veel tegenwind dus de zee heeft ons goed kennis laten maken met de vele golven. 

 

De aankomst op ons eilandje was heel tof. We hoefden nergens voor te zorgen. Aangezien ik al vijf jaar lang een keer met Row in een kayak wil varen heb ik het dit keer weer geprobeerd en eigenlijk kon hij er niet onderuit. De gasten hadden een kayak meegenomen dus die hebben we samen in het water gesleept. We hebben hem wat in het water geduwd en zijn er in gaan zitten. Vol enthousiasme begonnen we maar blijkbaar hebben we iets fout gedaan. Nog geen minuut later lag de kayak op zijn kop en lagen wij in het water in ons broek te plassen van het lachen. We werden redelijk hard uitgelachen door de gasten die de trip verzorgden en het duurde ook even voordat we er zelf van bij waren gekomen. We hebben het nog een keer geprobeerd en zijn vervolgens het hele eiland om gevaren, jaja! Row heeft iets meer werk verricht dan ik maar we hebben het gehaald en hebben het eindelijk in 5 jaar gedaan! Er is momenteel wat discussie tijdens het voorlezen aan Row van dit stukje. Ik herschrijf dit stuk vanuit Rowans perspectief.

 

''Laura wilde tijdens het kayakken opeens versnellen en dacht dit wel alleen aan te kunnen. Vervolgens ging mevrouw als een bezetene, maar volledig ongecoördineerd, peddelen. Echter, dit resulteerde in een kayak die eerste 180 graden om zijn as draaide en als gevolg daarvan ook 180 graden om zijn andere as draaide. De arme onschuldige Rowan die achterop zijn best zat te doen, kon de kayak niet meer tegenhouden wat er voor zorgde dat hij kletsnat werd, een bijna doodervaring had en 10 van zijn levensjaren heeft moeten inleveren. En dit is de enige waarheid en tevens de rede waarom Rowan nooit met Laura wil kayakken '' *einde Rowans perspectief. 

 

Goed, we gaan weer door.

 

In deze tussentijd is ons tentje opgezet en ons bed klaargemaakt. Er is een tafel op een mooi stukje zand neergezet en het avondeten kon beginnen. Tijdens het kijken naar de zonsondergang ben ik in 5 minuten (toen had ik het door) gigantisch te grazen genomen door zandvlooien. Mijn hele rug en bovenarmen zaten onder maar het mocht de pret niet bederven. De zonsondergang was heel mooi. We zijn gaan omkleden (lees: er zijn geen omleedhokjes, in je tent past het niet dus gewoon naakt staan in de open natuur, even wennen haha), en hebben daarna plaats genomen op de luchtzak (ja mam! Zo'n zak die je moet vullen met de wind!) aan tafel. De gasten hebben zich weer enorm uitgesloofd. We kregen weer veel te veel en veel te lekker eten. Biertjes erbij, top. We zijn die nacht met een volle maag redelijk vroeg naar bed gegaan, als het donker is is er niet zo heel veel meer te doen op zo'n eiland. ik heb het kampvuur nog even goed laten branden, erg fijn om met het geluid van de golven en de geur van een kampvuur in slaap te vallen. 

 

Om 04:00 zat ik op dezelfde luchtzak voor me uit te staren. De slaap was absoluut niet meer in mijn lichaam te krijgen. Ik heb het vuur, wat inmiddels bijna uit was, weer aangemaakt met zelf verzameld materiaal, hier was ik uiteraard erg trots op. Ik heb wat in mijn dagboek geschreven en rond 05:00 werd ik toch weer heel moe. Row was inmiddels wakker en we hebben elkaar afgewisseld zodat we allebei even diagonaal en dus gestrekt in de tent konden liggen (we waren te lang voor de lengte van de tent). Ik ben nog even in slaap gevallen en Row heeft een stuk over het eiland gelopen. Het ontbijtje was wederom weer prima. Veel vers fruit, kopje koffie, heerlijk en met een heel mooi uitzicht; de rustige zee. Hier heb je een slechte nachtrust wel voor over. Rond 10:00 zijn we weer terug gevaren naar Tapik waar we rond 13:00 de bus (een privé bus haha) hebben genomen naar El Nido!

 

In El Nido kwamen we rond de middag aan. We zijn de stad in gegaan met het boodschappenlijstje voor TAO en zijn daarna naar het hoofdkantoor van TAO geweest voor de briefing. De eerste ontmoeting met de crew was eigenlijk al heel tof. Als eerste kwam Jimboy aangelopen samen met zijn beste maatje Harry (een jack Russel en ook wel de kapitein van de boot). In een grote ruimte kregen we wat uitleg over TAO, dit praatje was niet heel erg bijzonder maar het is wel leuk om je groep te zien. Na het praatje kregen we de eerste kennismaking met de jungle juice; een mix van rum met een fruit sapje, errrrrrg lekker! We hebben wat drank besteld voor op de boot (iedereen kon dit doen zodat je de basis voorraad van de trip zeg maar verhoogd, je hoopt op dat moment dat iedereen dat doet, sharing is caring volgens TAO!)

 

We zijn weer terug gegaan naar ons huisje hebben ons een beetje opgefrist en zijn toen de stad in gegaan om te pinnen. Voor de pinautomaat stond een lange rij. Mensen deden er ongelooflijk lang over en het was heel erg warm. Het was al wat later, 20:00 ongeveer en op zondag zouden alle pinautomaten dicht zijn. Helaas is het in de Filipijnen zo dat je bijna nergens met je creditcard/pinpas kunt betalen en dat dus alles cash moet. Opzich is dat niet een heel groot probleem behalve dat er verdeeld over de Filipijnen maar heel weinig plekken zijn waar je überhaupt kúnt pinnen, El Nido is zo'n plek. We waren eindelijk aan de beurt en waar we al een klein beetje bang voor waren was inderdaad het geval, de pinautomaat was kapot. Opzich niet een groot drama omdat er in El Nido nog twee waren. We zijn naar de andere gelopen maar ook deze was kapot. Helaas kregen we hier te horen dat de derde pinautomaat het ook niet deed, we zaten dus bijna zonder geld. Op de vorige plek waar we konden pinnen hadden we al het meest hoge bedrag wat we konden gepind dus we hadden dit niet kunnen voorkomen maar zaten wel met een probleem. We zijn heel snel teruggegaan naar het hoofdkantoor van TAO, we hadden daar namelijk die middag een hele grote cash uitgave gedaan (dit geld hadden we apart gelegd) en hoopten dat we dat konden terugkrijgen als we hetzelfde bedrag konden overschrijven. Gelukkig was dit geen probleem, ze zouden ons een PayPal verzoek sturen (een soort link waarmee je een bedrag via je creditcard kunt overschrijven) en als we die zouden betalen die avond zouden we de volgende ochtend ons cash geld krijgen. We zijn weer terug gegaan naar ons hotel en hebben meerdere keren geprobeerd de link te openen, helaas was de WiFi hier te slecht voor. Dit was wel even flink wat stressen aangezien El Nido de laatste plek was waar we konden pinnen. In de hele korte momenten dat ik WiFi had ben ik berichten gaan sturen naar mamma met een uitleg hoe zij via mijn mail alles kon regelen. We zaten met tijdverschil dus het was puur afwachten of mamma het zou lezen en of ze op dat moment bij een laptop in de buurt was. Godzijdank kwam na ongeveer een half uur een verlossend bericht, het was gelukt. Ongelooflijk dankbaar dat het gelukt was en zo blij, zonder geld voel je je heel erg bloot. We konden gerust ademhalen en konden uiteindelijk toch nog gaan avondeten, iets wat ik als aller laagste prioriteit had gesteld. 

 

De volgende ochtend: TAO! Tsja, ik weet eerlijk gezegd gewoon niet zo goed waar ik moet beginnen met het beschrijven van deze trip. Het is echt oprecht 1 groot feest en we hebben zoveel gedaan. 4 nachten, 5 dagen, op een grote boot met een ontzettend leuke groep. Geen Amerikanen, bijna alleen maar Europeanen. De helft van onze groep bestond uit Fransen, hier hebben we bijna geen contact mee gehad, we konden het echter heel erg goed vinden met een Canadees stel, Philipe en ÉLyane, een Fins stel, Satu en Kayus, een Filipijns stel, Artu en Megan, een jongen uit Ierland, Leo en een Nederlandse jongen, Deni. Hele leuke mensen en hier zijn we heel veel mee opgetrokken. Het is heel gek hoe je op een gegeven moment vanzelf engels gaat spreken. Er zijn zelfs momenten geweest dat Row en ik samen waren en engels spraken, puur omdat je dit eigenlijk de hele dag door doet. 

 

We hebben geslapen op eilanden waar TAO kampen op gebouwd heeft. Ze hebben hier hutjes op laten bouwen, zogenaamde tukahuts. Hutjes gemaakt van bamboe en riet. Je krijgt op de eerste dag een tasje met een onderlaken/deken en een kussensloop. Bij aankomst op een nieuw slaapeiland, een basecamp, pak je je tasje, en een matras (de crew brengt deze met kayaks naar het eiland) en dit breng je naar de tuka die jou toegewezen is. Een crewlid maakt vervolgens je bed voor de nacht klaar, bij ons was dit Atong. Als je dan eenmaal op het basecamp bent heb je de tijd om je een beetje op te frissen. Er zijn eventueel koude 'douches' (lees: emmers die je over je heen kunt gooien, echt hilarisch) en dit is eigenlijk (samen met de zee) de enige faciliteit die je voor het opfrissen kunt gebruiken. Na het opfrissen begint 1 van de beste delen van de dag; happy hour! Het leuke is alleen dat de happy hour eigenlijk de rest van de avond duurt, deze wordt alleen altijd ingeluid met een jungle juice, gemaakt door de barman Francis! Gelukkig hadden wij een groep waarbij iedereen veel drank had meegenomen en er dus genoeg was voor iedereen. Er zijn weinig activiteiten zo gezellig als op een heel mooi strand met gezellige mensen een drankje drinken, echt een hele leuke sfeer. De avonden vul je met het spelen van spelletjes, gezellig kletsen en een beetje dansen. Telefoons kunnen niet worden opgeladen, WiFi noch bereik is aanwezig, het is Facebook in reallife, en dit is zo waanzinnig in de moderne tijd als deze waar niemand meer zonder zijn telefoon kan. Je leert mensen echt kennen omdat je interesses kunt delen en echt gesprekken kunt hebben zonder dat iemand ondertussen op zijn telefoon zit, heerlijk. De crew doet ondertussen gezellig mee, onze leider Jimboy was zo prettig gestoord, echt geweldig. Wanneer het feestje is afgelopen (de tijd weet je niet aangezien niemand een horloge heeft of een telefoon die werkt), ga je naar je hutje en ga je slapen waar je de volgende ochtend wakker wordt van het opkomende zonnetje (wederom geen idee hoelaat). 

 

Je begint iedere dag met een ontbijt zoals je nergens krijgt. Fruitstukken waarvan ik nog nooit gehoord had in combinatie met Fillipino power (rijst), groenten, vis, vlees, kip, het maakt allemaal niet uit. De koks, bij ons Dok en Aivie, kunnen koken als de beste. Op het eiland maken ze het in een keuken die ze op ieder eiland weer creëren, op de boot worden dingen geserveerd waarvan ik oprecht geen idee heb hoe ze dat voor elkaar krijgen in de keuken die aanwezig is aan boord. Na het ontbijt ga je weer terug naar de boot. Er zijn drie manden aanwezig, 1 met zonnebrillen, zonnebrand, muskieto spray etc, 1 met sarongs, hoeden, warme shirtjes, boeken, en 1 met snorkels, duikbrillen etc. En er is een krat met waterschoenen. Zodra je gedurende de dag een tussenstop maakt op een eiland of zodra je bent aangekomen bij het basecamp zorgt de crew ervoor dat deze manden droog via de kayak aankomen. Je moet bijna naar ieder basecamp zwemmen vanaf de boot dus dit is heel relaxt aangezien al je spullen droog blijven. De grote bagage gaat onderin een ruim en er wordt aangeraden om een drybag te vullen met kleding die je nodig denkt te hebben voor de 5 dagen die dan nog gaan volgen. Je paspoort ligt veilig in de grote tas achter een slot, je hoeft dus 5 dagen lang eigenlijk totaal niet op je spullen te letten en alleen dit al is tijdens het reizen zo fijn. 

 

Gedurende de dagen vaar je dus van El Nido naar Coron. De langste tijd dat je aaneensluitend vaart is 2 uur, afhankelijk van het weer. Tussendoor stop je op snorkelspots en mooie eilanden. Soms lunch je op de boot, soms op de eilanden, het is maar net een beetje wat het weer en de plekken toelaten. Niks is verplicht. Heb je geen zin om te snorkelen? Dan blijf je lekker op de boot je boekje lezen of kletsen of wat je ook wilt doen. Kayus, Philip, Leo, Dani en Row vonden het erg leuk om te vissen. Terwijl de boot vaart wordt er een hele lange vislijn met een haakje over boord gegooid. Uiteindelijk zijn er zo'n 6 grote tonijnen gevangen. Niet heel lang na de vangst gaan de koks ermee aan de slag. Een half uurtje later ligt er sashimi op je bord waar ze in sterren restaurants jaloers op zullen zijn. Zo ongelooflijk vers en zo super lekker, ik kan het niet zo goed in worden beschrijven. Zodra de zon een beetje ondergaat kom je ongeveer aan op je basecamp waar de avond weer opnieuw valt. 

 

De groep wordt steeds hechter en je leert veel van elkaar kennen. We hebben een karaoke avond gehad wat natuurlijk helemaal fantastisch is aangezien niemand dit kan. De sfeer is heerlijk relaxt en hier draagt de crew een heel groot aandeel voor bij. Je krijgt per persoon 1 uur gratis massage, ook dit was heerlijk. Op een bedje op het strand, het geluid van de golven, wauw. De laatste avond stond er nog een lokale traditie op het programma, namelijk het slachten van een varken. De keuze is wederom of je erbij wilt zijn, Row en ik waren erbij. Het is wel eens goed om te zien waar het vlees wat je op je bord krijgt vandaan komt, toch blijft het ook wel een beetje zielig. Ze gaan wel met veel respect met het dier om. In die avond hebben we het varken gegeten nadat het 3 uur boven een vuur met houtskool heeft gebakken. Dit vlees smaakt zo anders dan anders! De laatste avond is er een groot kampvuur gemaakt en zijn de laatste drankjes opgedronken. 

 

Na de 5 dagen is het vreemd om weer afscheid te nemen van de groep. Je bent ineens niet meer met zijn twintigen maar met zijn tweeën en je hoeft ook ineens geen engels meer te praten. Best wel hilarisch aangezien er, nog steeds, af en toe engelse kreten of woorden voorbij komen, ook omdat dit de taal is die je inmiddels al een maand om je heen hoort. We hebben met de groep besloten om in Coron (de eindbestemming) nog een avond met elkaar te eten in een restaurant, Lobster King. Erg vervelend aangezien garnalen, gamba's en kreeft behoren tot mijn lievelingseten. Dit was wederom een erg gezellige avond. Facebook accounts, emailadressen en Instagram accounts zijn uitgewisseld, helaas is dit toch de manier om op afstand contact te houden met elkaar. Na een hele hoop dikke knuffels en het uitleggen van de drie zoenen die wij geven bij een afscheid (dit kennen ze in heel weinig culturen) hebben we afscheid genomen. 

 

De volgende ochtend zijn we weer vroeg vertrokken aangezien we onze seaplane moeten halen naar Boracay, onze laatste bestemming in de Filipijnen! De seaplane was heel erg gaaf. Ik had gehoopt op mooi helder weer met een zonnetje, en dit was er! Het is heel mooi wanneer je boven de zee vliegt en onder je de witte stranden en licht blauwe zee kunt zien. We hebben wat mooie foto's kunnen maken en hebben beiden met een grote glimlach in het vliegtuigje van 7 personen gezeten. 

 

 

In Boracay moesten we met een boot en meerdere tricycles reizen voordat we aankwamen bij ons resortje, Daves strawhad inn. Zoals we inmiddels gewend zijn van de Filipijnen gaat dit allemaal erg soepel (not), we kunnen er nu gelukkig om lachen. We hebben twee avonden heerlijk over de erg toeristische strip van Boracay gelopen. Normaal haten we toeristische plekken, dit was wel heel leuk en gezellig. Overdag zie je bijna niemand (iedereen ligt dan waarschijnlijk met een kater in bed), in de nacht veranderd de strip in 1 grote uitgaansgelegenheid waar ieder restaurant zijn eigen manier heeft om gasten naar binnen te lokken. We hebben lekker gegeten, een stuk duurder dan we gewend waren in de Filipijnen, en hebben 1 avond op het strand gezeten bij een gozer met een gitaar die hele mooie nummers kon spelen en zingen. Dit uiteraard onder het genot van een lekker drankje, het maakt de sfeer er niet vervelender op. 

 

Momenteel zitten we in Fairways & Bluewater inn. Een luxe resort wat eigenlijk alleen op ons deeltje heel luxe en gezellig is. We hebben gister het resort bekeken maar hier was weinig aan. Ons stukje is gezellig en we hebben hier nog even lekker wat rustige dagen gehad om de Filipijnen in af te sluiten. 

 

En morgen gaat de grote reis weer verder naar, ik kan het nog niet helemaal geloven, Sydney! Mijn droomland waar ik al zo lang naartoe wil en over 48 uur zijn we er gewoon al. Row is hier natuurlijk al een keer naartoe geweest en hij staat te popelen om mij dit allemaal te laten zien. We zullen 4 nachten in Sydney verblijven waarna we doorvliegen naar Nieuw-Zeeland, hier blijven we ongeveer een maand. 

 

Het verslag is weer klaar, en ik denk dat jullie weer aardig wat leesmateriaal hebben, haha! (sorry.....). Wij genieten nog steeds en hebben erg veel zin in de volgende bestemmingen. Precies een maand zit erop vandaag, en we zitten nog niet eens op een vijfde.. Blijft raar! 

 

Zodra de mogelijkheid zich voordoet horen jullie weer wat van ons. 

 

Bedankt weer voor het lezen, 

 

Heel veel liefs van ons. 

Reactie schrijven

Commentaren: 3
  • #1

    Ook (woensdag, 05 april 2017 11:10)

    Je had beloofd om er eens goed voor te gaan zitten. Ik heb genoten van het reisverslag. Ik heb de kaaktocht proberen te visualiseren, het is gelukt. Ik heb gegierd van het lachen......vooral het echt verhaal zoals Row an het heeft ervaren ( :-)))
    Morgen in Sydney en met een ervaren gids even 4 dagen de wereldstad verkennen. Dan op naar Nieuw Zeeland. Ga door met genieten, dikke kus en knuf!

  • #2

    Marijk (woensdag, 05 april 2017 11:23)

    Het ultieme begin van mijn dag, wakker worden wanneer er een nieuw blog is geplaatst! Normaal zie ik dit dan s'ochtends vroeg rond 6.45/7.00 uur maar vandaag ben ik vrij en dan is het wel iets later dat ik hem lees maar dit keer heerlijk in de tuin met een koffietje en zonnetje. Jongens, jongens, wat een verhaal! Zo gaaf om te lezen, jaloersmakend ook hier en daar (gozer met gitaar, biertjes op het strand, Lion fish tijdens snorkelen, Lobster King......) maar wat vind ik het fijn voor jullie dat jullie dit allemaal meemaken! De mindere dingen (zandvlooien, kleine tent dus slechte nacht, moneytroubles, de ritjes in de minivans...) horen er helaas ook bij maar die doorstaan jullie dapper en worden weer snel vergeten. Goed hoor, ben echt trots dat jullie dit avontuur zo aangaan samen! Heel hard zwaaien naar de Filipijnen straks en op naar Sydney! Weer heel anders maar supervet ook weer! Toto meeten, hoe leuk! Dan naar Nieuw Zeeland, eindelijk voor langere tijd een eigen huis (gelukkig op wielen anders kom je niet ver ;)) dus niet meer op matjes in een tent of in een hotelbedje. Zelf koken ipv aanschuiven en genieten van alles wat klaargezet wordt en eigenlijk altijd lekker is! Weet zeker dat ook dit weer super wordt en kijk nu alweer uit naar het volgende blog!
    Dikke kussen voor allebeitjes!
    Marijk! <3!

  • #3

    Ton (woensdag, 05 april 2017 11:59)

    Geweldig weer, en zo knap hoe jullie iedere keer de reis beschrijven. Enerzijds alsof je er vlak bij bent en toch op een afstand jullie geluk beproeven, anderzijds is het alsof je in 'wie is de mol' zit en naar de voice-overs van de kandidaten zit te luisteren. Wat een ervaring en wat een leven ... onbezorgd en zo lang te gaan. Onbeperkt genieten en ervaren.

    Ik kan jullie wel constant bedanken voor een trip, die wij allen mogen meemaken, de werkelijk PRACHTIGE foto's! Ik mis slechts de pure smaken van het eten, het branden van de zon, het fijne zand tussen de tenen en vooral de emotionele kant van het geluksgevoel door de band ervaren met de andere reizigers van de wereld.

    Ik ga nu maar weer verder met het verorberen van de inmiddels KOUD geworden koffie. Ook hiervoor mijn dank :P

    Goede reis naar Sydney en het volgende elementenverslag van water, zon, zand en drank !!

Filipijnen - deel 1.

Kumusta allemaal, 

 

Het is alweer 13 dagen geleden dat we zijn vertrokken op reis. Ik zeg alweer maar het voelt als pas, want er zijn hopelijk nog heel veel dagen die gaan volgen. 
 

Na het mooie Singapore zijn we inmiddels alweer 13 dagen in de Filipijnen. De eerste stop was Malapascua eiland, gelegen in het noorden van Cebu. Het was een waanzinnige tocht om er te komen en de eerste gedachten naar Floortje naar het einde van de wereld gingen door onze gedachten. Na een vlucht vanuit Singapore naar Cebu City en na een nachtje slapen (lees: een aantal uur aangezien we pas rond 01:00 in het hotel waren), hebben we de wekker om 06:00 gezet waar we na een lekker ontbijt een taxi hebben gepakt naar de zuid terminal waar allerlei bussen vandaan vertrokken. Het verkeer in de Filipijnen is onbeschrijfelijk. Het lijkt alsof er geen regels zijn, zowel in voorrang geven niet als in verkeersborden en verkeerslichten. Wil je iemand inhalen? Dan toeter je. Wil je iemand gedag zeggen? Dan toeter je. Raak je uit het zicht van die bekende? Dan toeter je. Vind je dat mensen moeten opschieten? Dan toeter je. Vind je dat mensen moeten oppassen? Je raadt het al: dan toeter je. Heb je zin om te toeteren? Dan toeter je.
 
We werden afgezet bij de noord terminal waar we, met onze gigantische backpacks, nog geen 2 seconden uit de taxi waren tot we werden overladen met buschauffeurs die ons ervan wilde overtuigen dat hun bus de beste was naar Maya. We zijn er achter eentje aan gaan lopen en hebben uiteindelijk voor 200 pesos (4 euro) per persoon een plekje bemachtigd op de achterste rij van de bus. Een hele lange 5 uur volgde. De meest onbekende straatjes, mangrove gebieden, tegen elkaar gezette platen (wat huisjes zouden moeten voorstellen), rivieren, stranden en heel veel regen volgde en we wisten niet wat we ervan moesten denken. We waren de enige toeristen in de bus, de rest waren locals, heerlijk: daar houden we van.
 
De bus eindigde in Maya, vanuit daar zou de boot naar Malapascua gaan. De weg eindigde letterlijk en aangezien we de enige waren die nog in de bus zaten kwam het besef naar het einde van de wereld voor ons gevoel dichterbij. We liepen naar buiten en er stonden drie huisjes langs de afgebrokkelde weg. Het eerste huisje was een oud, roodkleurig gebouwtje waar de tickets voor de boot konden worden gekocht. Het andere gebouwtje wad een soort mini winkel waar een oude Filipijnse vrouw lokale gerechten aan het maken was, hier hadden wij de eerste confrontatie met de gebakken hanen poten aan een stokje. Het derde gebouw had volgens mijn geen functie, anders heb ik het volledig gemist. Op het semi bouwterrein/einde van de weg/opstap plek voor de boot liepen aardig wat mannelijke locals rond. Allemaal met een grote glimlach op hun gezicht en allemaal even benieuwd naar waar je vandaan kwam en wat je tot nu toe van de Filipijnen vond. We hebben een ticket geboekt voor een boot waarvan we niet wisten hoelaat deze zou gaan, een schema hadden ze niet, het was maar net wanneer er genoeg mensen waren om op de boot te gaan. Na ongeveer een uur wachten waren er nog 2 toeristenbussen aangekomen waar meerdere toeristen waren uitgestapt en de boot dus kon vertrekken.
 
De boot lag te ver in het water om er naartoe te lopen dus we moesten, met inmiddels een flinke groep locals en toeristen, in een mini boot naar de boot toe. Inclusief de bagage van iedereen. Wij gingen in de eerste boot en deze zat zo vol dat het randje bijna gelijk stond aan het water. Het water was blauw, het zonnetje scheen en met een peddel werden we naar de wat grotere boot gevaren, Row en ik hadden een brede glimlach op ons gezicht; expeditie robinson was begonnen.
 
Na de erg soepele overstap op de wat grotere boot (bijna 3 keer in het water gevallen en bijna allebei de backpacks gezonken) kwamen we na een uurtje varen aan op het kleine paradijsje. Wit zand, echt wit zand was onder onze voeten. Met al onze bagage zijn we een paar meter naar links over het strand gelopen waar jongens op een scooter je naar je resort konden brengen. Malapascua is klein (in een half uur ben je van de ene kant naar de andere kant gelopen) maar met 20 kilo op onze rug en nog een volgepropte handbagage hebben we besloten de scooter te nemen. Achterop bij een local gingen we. Onvoorstelbaar. Echt waar. Hobbels all over the place, hellingen van ik denk wel 40% en dat allemaal met een scooter. Ik heb mijn ogen op een gegeven moment maar dichtgedaan en hoopte dat ik veilig aan zou komen. En dit is gebeurd! Jeej.
 
Het ontvangst: een mega lief, Filipijns meisje heette ons welkom. Een welkomstdrankje werd aangevraagd en we hebben een rondleiding gehad over het hele resort. Opzich is het resort niet groot, het meisje vond het alleen heel leuk om eerst helemaal links iets te laten zien, dan weer rechts, en dan weer terug te gaan naar links, etc. Heel leuk en alle tijd voor maar aangezien het inmiddels bijna 17:30 was en we al bijna 10 uur hadden gereisd waren we ook wel even toe aan rust. We werden aan het einde naar onze Beach house gebracht. Midden op het privéstrand van het resort (ook wit!), een klein hutje. De deur ging open en er stond een bed (ongeveer 120), met een grote klamboe eromheen. De badkamer was gedeeld (stond op de andere kant van het resort). "Have a nice stay!" en we waren weer saampjes. We zetten onze backpack neer op de grond en de kamer was vol, oké. Dit was even wennen. Ik wilde mijn kleren voor de nacht onder de klamboe hebben maar bij het wegtrekken van de klamboe liep er een gigantische (niet overdreven) kakkerlak weg. Row en ik keken elkaar aan en besloten de deur maar even dicht te doen om wat te gaan eten en te drinken, dit hadden we ook al heel wat uren niet gedaan.
 
In het leuke, mooie, schone restaurantje daalde de sfeer naar onder het vriespunt, best knap aangezien het buiten op dat moment nog 25 graden was. 10 minuten later begon het te regenen. Wat nu? We hadden WiFi en kregen op dat moment ook te horen dat we de hotels helaas niet vergoed kregen door de reisverzekering. Allemaal geld, boven budget. De nacht viel langzaam en we waren moe. Toe aan een goede, vooral lange nacht wat hem in onze Beach cottage waarschijnlijk niet ging worden. We zijn naar de receptie gegaan en hebben een upgrade genomen voor 1 nachtje naar een wat luxer huisje met een groot bed en een eigen badkamer, de overige nachten zouden we wel zien. 

De ochtend brak aan, het zonnetje scheen. De zee lag er prachtig bij en het witte strand met palmbomen maakte het plaatje compleet. We hebben uitgeslapen tot 10:30 en werden wakker gemaakt door de housekeeping omdat we blijkbaar om 10:30 uit dit huisje moesten, oeps. Snel alle spullen gepakt en terug naar het restaurant, en nu? Het duurde even voor we onze draai te pakken hadden. We hebben de situatie geaccepteerd zoals hij was en hebben in de Beach cottage geslapen. De weersvoorspelling was ontzettend slecht en we hebben de mogelijkheden nog bekeken om eerder naar Australië te gaan, dit zou echter erg veel geld kosten. We hebben twee bananen shakes besteld, gaven elkaar een high five en gingen er het beste van maken, en dit is gelukt. 3 dagen zon met verplicht ontspannen braken aan en we hebben het heerlijk gehad. Drukte, stress en teleurstelling hadden plaatsgemaakt voor ultieme rust en vakantie gevoelens. Ik heb een zandkasteel gemaakt met de mooiste schelpen die ik ooit heb gezien en we hebben nacht wandelingen gemaakt met onze grote dierenvrienden waarvan Bentley mijn favoriet was. Een soort krabben in schelpen (zie de foto pagina!) die als het donker werd tot leven kwamen en het hele zand vulden met sporen van hun pootjes gevolgd door het schelpje. We hebben wel 60 potjes kaarten gespeeld (inmiddels zitten we bijna op de 120), en het eerste boek is uitgelezen. Genieten, maar ook hier moesten we weer weg.
 
Maandag ging de wekker weer vroeg, 6 uur. Ik zal jullie de details besparen (net even terug gescrold en ik zie dat het verslag al aardig wat lengte aanneemt). 11 uur reizen: scooter, kleine boot, grotere boot, anderhalf uur wachten, bus 4 uur, taxi 1 uur, drie kwartier wachten, bus 4 uur, tricycle kwartier: aankomst! Onderweg veel mooie verhalen gehoord en gepraat met locals. Een lange maar hele bizarre trip weer maar, met een goed eindpunt, Moalboal! Rond 19:00 kwamen we aan bij het hotel waar we al snel te horen kregen dat onze kamer helaas niet beschikbaar was in verband met problemen. Row en ik keken elkaar aan en zagen de bui alweer hangen maar het tegenovergestelde gebeurde. We kregen voor de twee nachten die we hadden geboekt een gratis upgrade naar de premier suite, oftewel: een prachtige kamer boven de zee met een balkon wat uitkeek over het prachtige blauwe water. We konden ons geluk niet op en waren na 4 dagen niet douchen ontzettend blij met onze eigen badkamer. We hebben wat gegeten en zijn als een blok in slaap gevallen waarna we de volgende ochtend vroeg wakker werden.
 
Rond 08:30 opende ik de balkon deur. Ik denk oprecht dat ik me nog nooit zó gelukkig heb gevoeld na 2 minuten wakker te zijn (ik? Een ochtendhumeur? Nee hoor.....). Het was stil, doodstil. De kleine golven vulde de stilte, gevolgd door af een toe een local die een duikfles door het water naar de duikboot bracht voor de groep die iets later zou vertrekken. De zon scheen heerlijk en er stond een heel zacht briesje. We hebben samen op het balkon gestaan en zagen de 4 dagen die zouden volgen helemaal zitten. We hebben een lekker ontbijt gegeten en zijn gelijk daarna naar de duikschool gelopen die bij het resort hoorde. Een super vriendelijke, leuke Zweedse meid begroette ons en we hebben wel een uur met haar gepraat over de mogelijkheden. De zee waar we op uitkeken vanuit ons balkon scheen een onderwater wereld te hebben met de naam 'house reef'. Perfect om te snorkelen en perfect voor de refresh duik (de duik die je moet maken als je PADI duiker bent en je al een tijdje niet meer gedoken hebt). Om 14:00 die dag zouden we ons moeten melden voor de duik en voor die tijd konden we gebruik maken van de snorkels, waterschoenen en eventueel flippers.
 
I
k stond te springen om te gaan snorkelen, Row wilde even afwachten en heeft op het balkon gekeken hoe ik stond te juichen in de zee omdat ik zeesterren en heel veel vissen zag. Hij heeft wat foto's van me gemaakt (van mij, lekker dobberend in het blauwe water) en heeft zich door mij laten overhalen om ook te komen snorkelen. Ongeveer anderhalf uur tv kijken onder water volgde. Heel mooi koraal, erg veel vis en na een half uurtje een beloning van wel 3 schildpadden; en dat allemaal in onze achtertuin. Ultiem geluk, echt waar :). Om 14:00 zijn we begonnen met de duik, eerst wat vragen doorgenomen met onze instructeur en daarna het water in. Het voelde gelukkig als vanouds dus gewend waren we zo. De duik was prachtig, 3 kwartier, en opnieuw 2 schildpadden gezien en zelfs wat bijzondere vissen. Heerlijk warm water, geen stroming, gewoon perfect.
 
Bij aankomst op de kant bleek dat de vrolijkheid, het enthousiasme en ons geluk weer eens wat ruimte had gemaakt voor een tegenvaller. Het was toch al een paar dagen goed gegaan. De goPro (onderwatercamera) is tijdens onze duik helaas gesneuveld en hier balen we, nog steeds, heel erg van. We weten nog steeds niet hoe het komt dat er water tussen de beschermcase en de goPro is gekomen en het trucje met de bak rijst heeft helaas ook niks kunnen oplossen. Erg jammer, aangezien we de dag daarna twee prachtige duiken hebben gemaakt waaronder bij de Sardine run. Maargoed, het belangrijkste is de ervaring dus daar proberen we aan vast te houden! De sardientjes, waan-zinnig. Haha, sorry voor mijn over enthousiasme maar het was echt zo! Gigantische groepen, boven je, onder je, om je heen, zó tof (geen foto's kunnen maken dus, aanrader: Google.com -> sardine run moalboal -> afbeeldingen). Zó tof. Een hele gave dag en heerlijke duiken zonder oorpijn, zonder kou en zonder slecht zicht. Perfect en mooi voor de ervaring.
 
Helaas hebben we onze premier suite uit moeten checken en zijn we verplaatst naar het resort aan de overkant. Een prima resort! De dag na het duiken zijn we naar de Kawasan watervallen geweest. We hebben erover nagedacht om hier een dagtour te doen maar zijn erg blij dat we dit niet hebben gedaan. Het water was heel mooi helder blauw gekleurd maar dit werd flink verpest door 100 gillende Chinezen die niet kunnen zwemmen. Ze hadden nog net hun reddingsboei niet bij zich (geen grapje, dit hadden ze in de zee serieus met een touwtje aan hun lichaam vastgemaakt). De tocht met de tricycle erheen en terug was gaver, vooral door de bijzondere weg die we daarmee door de dorpjes bereden.
 
Na 4 dagen Moalboal zijn we vrijdag met het vliegtuig naar Puerto Princesa gegaan, tenminste; dit was de bedoeling. Er was al omgeroepen dat de cabin crew zich moest gaan voorbereiden op de landing en de landing was dan ook al ingezet. Ik zat te kletsen met Row en tegelijkertijd naar buiten te kijken naar alle lichtjes die dichterbij kwamen, tot het vliegtuig ineens weer opgetrokken werd en een stijging inzette. De passagiers werden onrustig en na een paar minuten radiostilte hoorden we eindelijk dat de piloot niet had kunnen landen vanwege zware windstoten. Dit was gek aangezien hij vlak daarvoor nog had omgeroepen dat de temperatuur negenentwintig graden was met een goede weersverwachting. De piloot riep om dat hij nog een keer ging proberen te landen. De 10 minuten daarna waren vreemd. Er gaat op zo'n moment veel door je hoofd: heeft het te maken met het negatieve reisadvies en zegt hij maar dat het de wind is? Is de piloot zelf wel helemaal in orde? Gaan we neerstorten? Komen we wel goed aan? Op zo'n moment laat je het maar een beetje gebeuren. Op een gegeven moment werd de landing opnieuw ingezet. De piloot had al twee keer omgeroepen dat iedereen zich klaar moest gaan maken voor de landing, dus dat was een verbetering ten opzichte van de poging daarvoor. De lichten kwamen nog dichterbij dan de keer daarvoor maar, geheel tegen de verwachting van alle passagiers in, trok hij op het allerlaatste moment toch weer op: een landing was niet mogelijk. Het vliegtuig is omgedraaid en teruggegaan naar Cebu waar we ongeveer 3 uur nadat we vanuit daar waren opgestegen weer opnieuw moesten uitstappen.
 
Onzekere minuten volgde, we hadden geen hotel en het was inmiddels 22:40. Vanuit de vliegmaatschappij kregen we alleen een nieuwe vlucht aangeboden voor zaterdag om 15:25, alles daartussen moesten we zelf oplossen. Het was onbekend waar de bagage lag en alle passagiers waren geschrokken, boos, teleurgesteld en chagrijnig. We hebben geprobeerd elkaar op te blijven peppen. Row is in de (hele lange) rij gaan staan om een nieuwe vlucht te boeken, ik ben op zoek gegaan naar de bagage en heb gekeken naar een hotel voor de nacht. De bagage bleek ergens beneden te liggen op een stapel bij de rest, niet beveiligd maar het lag zo voor het oprapen. Naast onze backpacks hadden we een doosje mee waar we ons verlengsnoer in moesten doen aangezien we er vlak voor de vlucht uitgehaald werden door de douane. Ik had de bagage gelukkig snel, Row was inmiddels bijna aan de beurt in de rij. Nadat het nieuwe ticket geregeld was hebben we gebeld met de reisverzekering, volgens hen mochten we een hotel boeken wat zij zouden vergoeden. We moeten dit nog zien uiteraard maar we hebben een hotel met shuttle service vanuit het vliegveld geboekt. Nadat we gebeld hadden met het hotel was het wachten op de shuttlebus. Het was inmiddels 00:00 geweest en na een half uur wachten besloten we nogmaals contact op te nemen. De receptioniste had onze boeking nog niet gezien (wat we ook al hadden gezegd aangezien we 10 minuten voor we haar de eerste keer gebeld hadden pas hadden geboekt) en had geen contact meer met ons gezocht, noch de shuttle bus naar het vliegveld gestuurd. We waren er klaar mee, hebben de eerste taxi gepakt die we zagen maar deze vond het hotel te ver rijden. Hier weer uitgestapt, een andere gepakt en deze vertrok. Na 10 minuten kwamen we erachter dat deze verkeerd reed, excuses volgde: hij had ons hotel verward met een ander. Rond 01:15 kwamen we aan bij het hotel wat gelukkig wel een heerlijk bed had en een lekkere douche. Na contact met het thuisfront zijn we erg snel in slaap gevallen, na een eindeloze dag en blij dat we überhaupt in een hotelbed lagen, helaas wel in de verkeerde stad.
 
Zaterdagochtend werden we wakker: brak, teleurgesteld en boos om het feit dat het niet bepaald meezit. We besloten om te gaan ontbijten, dit was gelukkig een erg lekker ontbijtje. Tijdens het ontbijt begon het keihard, echt keihard te regen. We schoten beide in de lach, wat een flop was dit en wat een drama. Normaal kunnen we beide redelijk snel weer hervatten naar het positieve, dit keer was het echt even ver te zoeken. Na het ontbijt is Row naar beneden gegaan waar hij internet had om documenten te verzamelen voor de reisverzekering (mam, je bent een held), en ik ben terug gegaan naar de kamer waar ik 2 uur later weer wakker werd door de wekker. Een uur later zaten we in de taxi en begon het hele circus opnieuw. 2 uur later dan gepland (uiteraard had de nieuwe vlucht vertraging) zaten we weer in hetzelfde vliegtuig, op dezelfde stoelen. Toch wel een beetje met dubbele gevoelens, te hopen dat alles gewoon goed zou gaan. 
Uiteindelijk zijn we gelukkig goed en wel aangekomen op een paradijsje op aarde, na het vliegtuig konden we gelukkig nog mee met onze shuttle naar Victoria Beach House. Voor het eerst in ons leven stond er bij de aankomsthal een vrouwtje met een papiertje met Row zijn naam erop! Bucketlist afgevinkt. We waren uiteindelijk rond 22:30 op het resort en een beloning van een mega mooie sterrenhemel stond voor ons klaar. Het leek alsof je in een soort dome stond, omringt door sterren en dit terwijl je op het witte strand stond met een biertje in je hand. Beter kon niet, zeker niet op dat moment. We hebben 3 dagen genoten op dit resort, vooral van het 14km witte strand wat op een kwartier afstand lopen te bereiken was. Er was niemand, zelfs geen toeristen, je moest namelijk eerst een mini klim doen over een rotspartij en voor veel toeristen is dit (gelukkig) al te veel. Wij hebben echter genoten van de prachtige omgeving (wit zand met palmbomen en aan de andere kant helder blauwe zee), en vonden het fijn om even alleen te zijn, een beetje alsof je alleen op de wereld bent. 
Vanmorgen hebben we besloten om het vervoer eens anders dan normaal te doen. De tripjes met de vreselijke bussen en minivans zijn alles behalve relaxt dus vanmorgen deden we het anders. Na een lekker ontbijtje zijn we opgehaald door twee locals op een motor. De backpack werden achterop gebonden, de handbagage op onze rug. Een half uur rijden door de mooie Filipijnse omgeving, een lekker windje in je gezicht. We werden afgezet bij Port San Vincente waar we een Banga hebben gepakt naar Port Barton, een privé banga wel te verstaan. Backpacks weer in de Banga, wij in de banga, twee locals in de Banga en vervolgens door een écht expeditie Robinson gebied gaan varen; wauw. We voelde ons gelukkig. Het schattige resort ligt opnieuw aan een wit strand. Terwijl ik de laatste zinnen van dit hele lange verslag typ, zit ik in een soort boomhut die uitkijkt op het strand. We verblijven hier 2 nachten, gaan dan naar Tapik en vervolgens naar El Nido om daar eind deze week te beginnen met onze TAO tour.
 
Ik ben ontzettend blij om te kunnen vertellen dat we momenteel heel gelukkig zijn. Het vliegtuig was echt wel even eng en we zijn blij dat we goed en wel zijn aangekomen op onze bestemmingen. Hopelijk komen er vanaf nu geen negatieve berichten meer, ik kan het in ieder geval goed en positief afsluiten!
 
Bedankt weer voor het lezen en tot snel! (WiFi is erg beperkt dus vandaar de lange verslagen, de tijd tikt door haha)!
Veel liefs, ook weer namens Row.
 
Laura. 

 

Reactie schrijven

Commentaren: 5
  • #1

    Marijk (dinsdag, 21 maart 2017 07:45)

    Wat een verhaal weer! Wij hebben gelukkig de luxe ook tussendoor op de hoogte gehouden te worden wanneer de WiFi én tijd dit toelaat dus een aantal 'situaties' zeg maar waren mij al bekend. Ondanks de tegenslagen (en deze horen er helaas ook bij) vind ik het zo fijn dat jullie zo genieten! Wie heeft dit nou? Een zee in je achtertuin, prachtige witte stranden, helderblauw water, Bentley's die in de nacht tot leven komen en overdag verstoppertje spelen, zandkastelen met waanzinnige schelpen, kokosnoten als (of geen) bikinitopje kunnen dragen, de rust, de ruimte.....wat een feest! En dit alles in pas 2 weken tijd. Ben heel benieuwd naar de TAO tour en ook weer naar het volgende verslag, geweldig!
    Dikke kus voor allebeitjes! <3!

  • #2

    Yvonne (dinsdag, 21 maart 2017 08:56)

    Goedemorgen.
    Wat een verhaal luitjes! En wat een avontuur al. Jullie hebben in die twee weken al van alles meegemaakt. Mooi om te lezen dat jullie zo positief blijven en de zaken goed geregeld krijgen ondanks de teleurstelling op dat moment. Hopelijk gaat het de komende tijd wat soepeler. Gelukkig maken de plekken waar jullie terecht komen een heleboel goed en kunnen jullie alsnog heerlijk genieten.
    Laura,erg leuk hoe je het allemaal beschrijft. Heb er meteen een beeld bij. Ik kijk uit naar het volgende avontuur. Lieve schatten, Geniet en maak plezier xxx

  • #3

    Hans (dinsdag, 21 maart 2017 10:31)

    Hilarisch Verzaal week Lau.
    Ik behoorlijk gelachen tijdens het legend; ga zo door !
    Have fun and enjoy
    ���

  • #4

    Theowaal@ziggo.nl (woensdag, 29 maart 2017 21:52)

    Wat een verhaal zeg. Wij krijgen geen meldingen door als jullie wat geschreven hebben. Het is allemaal vallen en weer opstaan. Gelukkig komt alles weer belemaal goed. Genieten lieverds. En pep elkaar op met positiviteit. Veel plezier verder

  • #5

    Erna (zondag, 02 april 2017 09:05)

    Lieve Lau en Ro ,
    Wat een geweldige avonturen maken jullie mee !
    En wat schrijf je ze fijn op voor ons thuisblijvers . Heerlijk om zo een beetje met jullie mee te reizen .......
    ( inderdaad een mix van Expeditie Robinson en Floortje , maar soms ook van Mijn Helse Vakantie ;-)
    En super dat jullie altijd proberen positief te blijven als het ff tegen zit .That's the spirit !!.
    Voor nu veel liefs en een dikke kus voor jullie van R & T en ik krijg ineens enorm zin om heel hard naar jullie te toeteren : TOET TOET !!!!

Singapore.

Lieve allemaal,                                                                                                                                                                             08/03/2017

 

Het voelt nog steeds erg onwerkelijk dat ik op dit moment in mijn bikini, in Singapore, 12 uur van Nederland, aan de rand van het zwembad zit om dit verslag te typen. Afgelopen 5 maart was het zover. Voor ons voelde het geweldig om onze droom eindelijk te gaan beleven maar voor familie was het minder. Op Schiphol stonden allemaal lieve mensen om ons uit te zwaaien tot het laatste moment waarop we zichtbaar waren, zo ontzettend fijn om te zien dat er zoveel mensen om je geven maar zo vervelend voor hen dat je ze moet achterlaten. 

 

Toen we eindelijk in het vliegtuig zaten voelden we ons goed. Meerdere high fives en meligheid kwamen voorbij, de tranen hebben we het eventjes niet over. Dit was wat we wilden, maar het besef van de lange tijd dat je weg bent is heel vreemd, maar oh zo gaaf. 

De vlucht was erg prettig. We konden ons geluk niet op toen bleek dat de derde stoel in onze rij vrij was waardoor we de drie stoelen op de middelste rij van 3 helemaal voor onszelf hadden, luxe! Verplicht 12 uur rust nemen onder het genot van veel drankjes en (ja pap echt waar), lekker eten. Na 3 films kijken was er alweer bijna 6 uur voorbij en na het vele kletsen, spelletjes spelen, stukjes lezen, kijken naar Rowans gesnurk en niks doen kwam de landingsbaan in zicht. 

 

Singapore is een hele mooie, ontwikkelde, schone, groene stad. De palmbomen flitste voorbij toen we in de shuttle bus zaten op weg naar ons hotel. De shuttle service is overigens een ideaal systeem, je schrijft je op het vliegveld in voor het hotel waar je naartoe wilt en voor 14 euro word je in een half uur naar je hotel gebracht. Rond 06:30 waren we bij ons hotel, hadden een hele nacht overgeslagen (we waren om 10:25 de vorige dag in Nederland weggegaan) maar hadden ongelooflijk veel energie. Omdat we nog niet konden inchecken zijn we langs de rivier achter ons hotel bij een leuk koffie tentje wat gaan ontbijten. Rond 09:00 konden we ons hotel in, waar we na 5 uur slaap heerlijk bij het zwembad hebben gezeten en de eerste bruin tintjes hebben opgedaan. 

 

Die avond zijn we naar Chinatown geweest, deze hebben we inmiddels in aardig wat steden bezocht dus ook die in Singapore mocht niet ontbreken! Voor het eerst tijdens mijn reizen zag ik overal streetfood kraampjes staan en hier hebben we dan ook goed gebruik van gemaakt (degene die mij goed kennen weten waarschijnlijk wel dat ik veel trek had). Na het eten zijn we (lees ik) de vele winkeltjes ingegaan waarna ik het eerste armbandje heb gekocht (jeejjj!). Rond 23:00 waren we keurig terug in het hotel toen de eerste, hele flinke, tegenslag kwam. Alles ging eigenlijk al te soepel dus net als met het bankverhaal in New York hadden we hier dan ook weinig zin in. Ik kwam er namelijk achter dat het reisadvies voor het eerste deel van onze reis naar de Filipijnen is veranderd in een negatief reisadvies, oftewel: alleen voor noodzakelijke reizen. Omdat we ons voor in de Filipijnen al zoveel mogelijk wilde indekken hadden we alles (vliegtickets, hotels etc) geboekt. Row heeft erg lang aan de telefoon gezeten met het meneertje van de reisverzekering en kwam na ongeveer 5 keer doorverbonden te zijn eindelijk uit bij de juiste personen. Lang verhaal erg kort: bijna alle hotels de eerste week + de binnenlandse vlucht hebben we moeten annuleren waardoor er dus ook weer veel nieuwe hotels en vluchten moesten worden geboekt. Voor zover de reisverzekering ons heeft toegezegd krijgen we dit geld terug vanwege het negatieve reisadvies waar wij niks aan kunnen doen. Dit zijn altijd hele vervelende dingen, zeker aangezien we beide erg moe waren en we ons erg hadden verheugd op Siquijor, Apo Island en Bohol, hier kunnen we nu allemaal niet naartoe. Ook dit hoort bij het reizen maar een tegenvaller was het zeker. Rond 03:00 konden we eindelijk gaan slapen, volgens mij waren we dan ook allebei heel snel in slaap. 

 

De volgende ochtend deed ik de gordijnen open en wat ik zag was ZON! Een heerlijk begin van een nieuwe, hele warme, dag die we zouden gebruiken om te wandelen naar Marina Bay. We zijn hier de hele dag zoet mee geweest en vinden het allebei een geweldige stad. Ondanks dat je in Azie bent is het allemaal erg ontwikkeld en mooi (en vooral ook heel schoon). De eerste foto's met onze nieuwe camera zijn gemaakt, dit was toch nog wel even oefenen hoor haha. We hebben het meeste geld uitgegeven aan flesjes water (het is hier ongeveer 35 graden), en we hebben een lokaal ijskoud goedje gedronken (mam, het smaakte naar milk en fruit limoen!). Nadat Rowan nog erg getwijfeld heeft om toch nog een nachtje te boeken in Marina Bay Sands (a la 350 euro/nacht), en door mij is overgehaald om het niet te doen (ik bedoel: wat kan je nog meer allemaal van dat geld doen?!) zijn we teruggelopen naar ons eigen hotel waar we een frisse duik in het zwembad hebben genomen (het zweet liep werkelijk waar overal). Nadat mijn kreeftje en ik nog een klein tukje hebben gedaan zijn we opnieuw naar Chinatown gelopen voor een heerlijke avondmaaltijd (grote garnalen met rijst en Rowan beef terriyaki met rijst), waarna we voldaan zijn gaan slapen. 

 

Vanmorgen werden we wakker, en wederom met zon! Een klein beetje stress (aangezien we momenteel optimaal relaxt leven) omdat het al 11:30 was en we om 12:00 moesten uitchecken en onze kamer nog een zooitje was. Alles in de backpack gepropt (ja echt gepropt anders past het niet), en daarna opzoek naar een ATM (pinnen moet ook gebeuren). ''Oh yeah, ATM is around 10 minutes walk.'' En daar gingen we weer. Rowan met een nek zo rood als wat en beide met een loodzware tas, met 30 graden, een lege maag en geen water in de buurt. Ik zie Row niet vaak chagrijnig maar vrolijk was hij niet :D. Na een half uurtje kwamen we bij de ATM aan, hebben geld gepind en zijn doorgelopen naar ons ochtend restaurantje van een paar dagen geleden waar we hebben geluncht, een ijskoude cola hebben gedronken, en twee flessen (gratis) ijswater hebben leeggedronken. Wat een feest, Rowan weer blij. 

 

En nu dus bij het zwembad van ons hotel, we mogen hier gebruik van maken ondanks dat we zijn uitgecheckt dus dat is wel heel relaxt. Vanavond de vlucht naar de Filipijnen en morgen heerlijk (hoop ik) naar Malapascua island waar we waarschijnlijk slechte wifi hebben aangezien er überhaupt maar een aantal uur elektriciteit is. 

 

Voor nu zijn jullie weer even goed op de hoogte. Weet dat wij het hier goed hebben en dat we weer ontzettend veel lol met elkaar hebben om alles wat we hier meemaken. We zijn nog maar 3 dagen weg, het voelt al als weken... Nog een hele tijd te gaan, wat een idee!

 

Veel liefs, ook namens Row, 

 

Laura. 


Reactie schrijven

Commentaren: 5
  • #1

    Marijk (zaterdag, 11 maart 2017 14:40)

    Oh lieve schatten wat een verhaal! Gelukkig, zo ken ik jullie ook, alles weer perfect in controle en zo flexibel als jullie zijn de plannen aangepast! Toppers! Verder gelukkig ook veel kunnen genieten en dat is natuurlijk ook de bedoeling! Hier thuis hebben we onze draai nog niet echt gevonden hoor... maar ook dat komt vast in orde! Dikke kus voor allebei!

  • #2

    Pa (dinsdag, 14 maart 2017 10:22)

    Zo ken ik je Rowan. Net als je vader. loopt het niet zoals je wil ,dat vliegen de stoppen eruit. hahaha. Maar dan komt alles weer goed. Zodra je alles weer onder controle hebt

  • #3

    H@k (dinsdag, 14 maart 2017 11:42)

    het was vanochtend wel even vroeg.....voor ons dan. Maar, na het duiken, heb je toch je grote vrienden gezien, schildpadden. En....ze zwommen nog mee ook!

  • #4

    Erna (zaterdag, 18 maart 2017 23:56)

    Lieve Lau & Row , klinkt allemaal weer supergaaf ondanks de kleine en soms grote tegenslagen ........
    Maar jullie 2 redden het volgens mij onder alle omstandigheden prima !
    Benieuwd naar het volgende avontuur . Voor nu liefs uit Leiden en een dikke kus van R&T

  • #5

    Hans Karssing (woensdag, 05 april 2017 08:25)

    Wat een heerlijk verhaal weer Lau.
    Jullie genieten met VOLLE teugen van alles; Ga zo door !!
    Liefs,
    Hans